EU komt met kaart voor zorg

Als het aan de Europese Commissie ligt, krijgt elke EU-burger een Europese ziektekostenverzekeringskaart. Zo'n kaart is het bewijs dat de houder overal in de EU recht op gezondheidszorg heeft en dat de eigen lidstaat terugbetaalt. De Commissie kwam gisteren met een `actieplan' om de Europese mobiliteit op de arbeidsmarkt sterk te vergroten. Alleen dan is het mogelijk in 2010 het doel te realiseren van 70 procent arbeidsparticipatie.

De Europese ziekteverzekeringskaart, die naast de nationale kaart komt, vervangt het bekende formulier E-111 en voorkomt administratieve rompslomp. Nieuwe rechten kunnen er niet aan worden ontleend. De Commissie spreekt van een ,,tastbaar symbool'' van Europa voor de burgers.

De Commissie formuleert 25 actiepunten om tegen 2005 belangrijke belemmeringen voor arbeidsmobiliteit op het gebied van onderwijs, kwalificatie-erkenning en sociale zekerheid weg te nemen. Zij wil ook afspraken over het politiek gevoelige immigratiebeleid: oplossen van nijpende arbeidsmarktproblemen met krachten uit derde landen.

De arbeidsmobiliteit in de EU is veel lager dan in de VS: in 2000 werkte in de EU 16,4 procent van de werknemers sinds minder dan een jaar bij hun werkgever, tegen 30 procent in de VS. Ook de geografische mobiliteit is veel kleiner: in 1999 verhuisde slechts 1,2 procent van de EU-werknemers naar een andere regio, terwijl in de VS 5,9 procent naar een andere regio ging. Vooral in arme EU-regio's is de mobiliteit gering.

Enkele van de voorstellen zijn: meeneembaarheid aanvullende pensioenrechten, behoud sociale zekerheidsrechten, kinderen ten laatste op acht jaar vreemde taal leren, studenten een derde van opleiding in andere lidstaten laten volgen, gratis toegang voor ieder tot basisvaardigheden; streefcijfers voor: leerlingentallen in exacte vakken, opleidingsniveaus en nascholing in bedrijven; normen en erkenning van ICT-vaardigheden, erkenning niet-formeel leren en werkervaring in hele EU.