Tiel voegde zich naar wensen Van der Valk

De gemeente Tiel blijkt horecafamilie Van der Valk jarenlang tegemoet te zijn gekomen met vergunningen. Met bouwvoorschriften en veiligheidsregels werd het niet al te nauw genomen.

Nadat zondag een parkeerdek bij het Van der Valk motel was ingestort, zei burgemeester E. van Tellingen nog dat zowel de gemeente Tiel en als het motel ,,aan een ramp ontsnapt'' was, omdat er geen gewonden waren gevallen. Nu blijkt dat de gemeente Tiel en familie Van der Valk in het verleden regelmatig met elkaar overhoop hebben gelegen. Het parkeerdek was niet het enige gevaar aan het motel.

Vanaf het eerste bestemmingsplan in 1972 heeft het gerommeld tussen gemeente en horecaonderneming. De bouwvergunning en de correspondentie tussen ambtenaren onderling en met het Van der Valk-concern tonen een gemeente die het niet zo nauw nam met de voorschriften en een horecafamilie die de touwtjes in handen hield.

In 1980 wijzigt de gemeente op verzoek van Van der Valk het bestemmingsplan: een motel in plaats van eerder gepland openbaar groen of eventueel een kantoor, is welkom op het terrein aan de Laan van Westroijen, pal aan de A15. Vlak daarna, half mei, dient het concern een bouwaanvraag in. De vraag is of de keten een `motel-restaurantbedrijf' mag bouwen. Architect G. Spoor wordt ingeschakeld voor het ontwerp, wie de aannemer wordt valt dan nog `nader te bepalen'. Van der Valk laat zijn hotels gewoonlijk bouwen door het eigen aannemingsbedrijf.

Vanaf dat moment zal het motel bijna onophoudelijk onderwerp van discussie blijven. De welstandscommissie van Gelderland concludeert dat het bebouwingsvoorstel niet de juridische en ruimtelijke randvoorwaarden van de gemeente als uitgangspunt neemt, maar dat ,,deze worden losgelaten ten behoeve van een zich aandienend programma van eisen''. Met andere woorden: Tiel voegde zich naar de plannen van Van der Valk.

Een jaar later, begin 1981, blijkt dat architect Spoor nog bouwtekeningen moet inleveren. Pas daarna kan de bouwaanvraag in behandeling worden genomen. Het college van B en W zegt tegelijkertijd toe aan G. van der Valk ,,met voortvarendheid'' de procedure te willen afhandelen. Werkgelegenheid en meer bezoekers aan Tiel zijn de gemeente wel wat waard. Pas in november van dat jaar antwoordt de architect. Hij weet, schrijft hij, dat hij nog nadere informatie moet verstrekken over de hoofddraagconstructies in gewapend beton en staal.

Ondanks het uitblijven van deze berekeningen en tekeningen heeft de gemeente Tiel al wel in mei 1981 de gevraagde bouwvergunning verleend. Wel stelt de gemeente voorwaarden over brandveiligheid. Intussen begint Aannemingsmaatschappij Van der Valk in 1982 met bouwen, vier jaar later wordt het pand met 130 hotelkamers opgeleverd. Bij controles door de bouwopzichter van de gemeente blijkt dat Van der Valk een flink aantal regels aan zijn laars lapt en de eigen bouwtekeningen niet volgt. De hoofddraagconstructie is niet in beton, maar in staal uitgevoerd (oktober 1985), brandveiligheidsvoorschriften zijn nog steeds niet opgevolgd en de aannemer heeft het zwembad anders gebouwd dan aangekondigd (beide in juni 1986).

Bij diezelfde controle constateert directeur A. Lodder van de Tielse Dienst Gemeentewerken dat betonvloeren ,,ten gevolge van een hoge belasting zijn doorgebogen''. Gemeente en horecabedrijf hebben in reactie op het onverwachte instorten van het betonnen parkeerdek zondag elk een ingenieursbureau ingeschakeld om dit te onderzoeken.

Zomer 1986 wijst Gemeentewerken het college er nogmaals op dat Van der Valk niet reageert, en deelt mee dat ,,u hem er op kunt wijzen dat u niet zult schromen van uw bevoegdheden gebruik te maken''. Een jaar later, september 1987, opnieuw een brief van Gemeentewerken. Nu het motel al ruim een jaar geopend is voor gasten, kan nog steeds niet vastgesteld worden of het wel veilig is.

Na vier maanden wordt de chef algemene zaken van de gemeente, J. de Jongh, ingeschakeld om de burgemeester en wethouders nogmaals op de gevaarlijke situatie te wijzen. De Jongh concludeert dat ,,het Van der Valk-concern niet in alle opzichten in bedrijf blijkt te zijn op een wijze die overeenstemt met de van toepassing zijnde regelgeving.'' Niet alleen wordt afgeweken van verleende vergunningen (voor bouw en brandbeveiliging), ook opereert het motel al twee jaar zonder andere vergunningen. Zo heeft het motel geen toestemming voor sommige horeca-activiteiten op drie locaties in het motel. Dit levert, zo schrijft De Jongh aan toenmalig burgemeester Pop, een serie strafbare feiten op, ,,zonder dat dit tot doortastende acties heeft geleid'' van de overheid.

Twee maanden later schrijft de burgemeester het motel aan. Vóór 1 mei moet Van der Valk actie ondernemen. Op 26 mei is er nog geen antwoord. Wel blijkt familielid Gerrit van der Valk jr, directeur van motel Tiel, ,,zeer ontstemd'' te zijn over de geluiden uit de gemeente. ,,Van een uitgesproken coöperatieve instelling is geen sprake'', wat volgens De Jongh de gemeente zelf te verwijten is. Die is al jaren te toegeeflijk geweest. Als ,,laatste kans'' stelt De Jongh voor Van der Valk twee maanden te geven.

Eind juli 1990, twee jaar later, en inmiddels vier jaar na opening van het motel, besluit de gemeente de door de hotelketen ingediende `schetsen' toch maar te beschouwen als bouwtekeningen, als basis van de aanvraag voor vergunningen. Wel heeft zich inmiddels een bijkomend probleem aangediend. Van der Valk gebruikt de ruimten die oorspronkelijk als parkeergebouwen waren gepland, nu zonder toestemming als zaalruimten en schietbaan. In een van deze ruimten vond afgelopen zondag de computerbeurs plaats, waar het plafond naar beneden kwam.

In 1990 wil het bedrijf zijn beeldmerk, de grote toekan, als reclamezuil plaatsen, wat de welstandscommissie afkeurt. Het motel begint toch te heien, en een van de familieleden Van der Valk belt zelf de gemeente op met de vraag wanneer de paal geplaatst kan worden. De dienst Bouw- en Woningtoezicht vindt een omweg, de reclamezuil mag er komen.

Ook verleent de Tielse dienst Bouw- en Woningtoezicht in 1991 vrijstelling voor het gebruik van de parkeerruimten als beursvloer. In de jaren tussen 1991 en 2002 heeft Van der Valk nog diverse verbouwingen aan het motel uitgevoerd, maar de gemeente wil tot dusverre geen inzage verschaffen in de – openbare – documenten van na 1991. Ambtenaren willen eerst zelf onderzoek naar het ingestorte parkeerdek doen.

Oud-burgemeester J. Pop, nu burgemeester van Haarlem, herinnert zich de verhouding met Van der Valk als ,,een moeizaam proces. Af en toe waren de onderhandelingen met meneer Van der Valk op het scherp van de snede. Maar goed, dat is een bekend beeld van de familie''. A. van der Valk meldde gisteren dat ,,absoluut alle bouwvergunningen zijn nageleefd.''