Waarom snotteren mensen bij de tv?

2,2 miljoen Nederlanders hebben met natte ogen naar het koninklijk huwelijk gekeken, bleek donderdag. Waarom schiet iemand vol voor de tv? Ellen de Bruin over tranen.

En de bruid veegde haar tranen uit haar gezicht, zoals zovele bruiden voor haar – en zoals zovele toeschouwers. Waarom eigenlijk? Waarom huilen mensen als er in wezen iets vrolijks aan de hand is?

Volgens huilonderzoekers doen we dat ook niet. Huilen kan nooit een uitdrukking van vreugde zijn, schreef de Amsterdamse psycholoog Nico Frijda vijftien jaar geleden al in zijn standaardwerk De Emoties – het is een teken van overgave, van hulpeloosheid. Iemand erkent dat hij nu echt geen gedrag meer beschikbaar heeft om iets aan zijn situatie te doen.

Er is geen wezenlijk verschil tussen het ontstaan van tranen in vrolijke en verdrietige situaties, zegt ook de Tilburgse hoogleraar Ad Vingerhoets, verantwoordelijk voor het eerste Wetenschap & Onderwijspelijke boek over huilen bij volwassenen, Adult Crying, dat vorig jaar verscheen. Hij gaat nog onderzoeken of tranen bij vreugde en verdriet verschillende stoffen bevatten, maar vooralsnog neemt hij aan dat ellende altijd een voorwaarde is voor huilen. Ook wanneer alles mooi en goed lijkt; juist dan kun immers je op je doorstane leed terugkijken, vindt hij. En voor Máxima was het niet eens allemaal mooi en goed. Vingerhoets vindt de gedachte dat zij om de afwezigheid van haar ouders zat te huilen erg aannemelijk.

Dat wij thuis meehuilden, of in elk geval onze moeders, is voor een deel gewoon `emotionele besmetting', zegt Vingerhoets. Zien huilen doet huilen. En samen huilen, Frijda zei het ook al, geeft een gevoel van verbondenheid. Lekker. Maar dat is niet het hele verhaal. Sommige kijkers zaten ongetwijfeld al te snotteren voordat Máxima dat deed – omdat het zo móói was allemaal. En waarom huilen we als we overweldigd zijn door muziek? Vingerhoets heeft er geen verklaring voor.

Huilen op mooie momenten lijkt alleen binnen zijn theorie te passen als die momenten zo overweldigend volmaakt en `echt' zijn, dat de rest van het leven er bij nader inzien wezenloos geploeter door lijkt. `Het gevoel en het weten dat de wereld zoals wij die zagen de werkelijke niet was, maar oplost en plaatsmaakt voor de wereld die wij niet kennen, dat is de ervaring waar het om gaat', schrijft Rutger Kopland in Het mechaniek van de ontroering. Even leven we in `de utopie van het nu'.

`Maar', schrijft Kopland ook, `ik kan u geruststellen, de ervaring is aan niets Hogers opgehangen, zij kan uitgelokt worden door of betrekking hebben op de meest onbenullige dingen.' Ook dat hebben psychologen nog niet verklaard.