Verboden liefde

Net als Máxima dachten ze dat echte liefde geen grenzen kent. Dat iedereen in Nederland kan trouwen wie hij wil. Maar anders dan Máxima kregen zij geen Nederlands staatsburgerschap. Vorige week vertelden Nederlanders en hun niet-westerse partner in deze bijlage hoe ze verdwaalden in de bureaucratie. Tweede- Kamer- leden waren geschokt en de betrokken Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) beloofde beterschap. Tientallen lezers reageerden, allemaal verontwaar- digd. Een selectie.

Ik, Miranda Brouwer en Nederlandse, heb al 21/2 jaar een relatie met Michael Johnson, een Liberiaan uit West-Afrika. Na het afwijzen van een asielaanvraag van hem, wil hij een verblijfsvergunning zodat wij kunnen samenwonen en samen hier een leven op kunnen bouwen. Mijn inkomen is voldoende om aan de inkomenstoets te voldoen.

Om die verblijfsvergunning aan te vragen kreeg hij te horen dat hij terug moest naar Liberia om daar een machtiging tot voorlopig verblijf aan te vragen. Aangezien in Liberia geen Nederlandse ambassade is moet hij dit volgens de IND doen in buurland Ivoorkust. Maar Michael heeft van Ivoorkust geen paspoort en spreekt ook de taal van dat land niet. Tevens zijn Ivoorkust en Liberia gevaarlijk voor hem, vanwege de burgeroorlog in Liberia, waarin zijn gehele familie is uitgemoord.

Om niet terug te hoeven naar deze voor hem gevaarlijke streken hebben we een rechtszaak aangespannen, zodat Michael vrijstelling krijgt van een mvv. We wachten nu al een jaar op antwoord van de rechtbank. Ondertussen is Michael al vier jaar in Nederland, en mag hij niet werken of naar school gaan.Wij willen graag samenwonen en een toekomst opbouwen. Als Michael hier een verblijfsvergunning krijgt en mag werken, zouden wij heel gelukkig zijn.

Miranda Brouwer, Den Helder (foto 6)

Ik ben een witlofkweker die probeert zijn Oekraïense vriendin naar Nederland te laten komen. Ik heb op 25 juli om een machtiging tot voorlopig verblijf voor haar gevraagd. De Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) heeft op 27 december negatief beslist. Ik ben een zelfstandige met vijftien mensen op de loonlijst maar mijn inkomen was in het jaar 2000 lager dan de minimale inkomenseis en daarom mag het niet. De IND schreef ,,dat het niet in het belang van Nederland is dat uw vriendin naar Nederland komt.'' En als ik een gezin wil stichten moet ik dat maar in het buitenland doen.

Johan Huisman, Benningbroek

Ik ben een geboren Nederlander en wacht al meer dan vier jaar op een machtiging tot voorlopig verblijf voor mijn Nigeriaanse vrouw. Na vier jaar wachten heb ik haar illegaal laten overkomen. In die tussentijd ben ik al 30.000 gulden armer aan allerhande kosten en is mijn huwelijk nu zo goed als geruïneerd. Mijn indruk is dat dit laatste eigenlijk het hoofddoel was van het eindeloze rekken.

Familie Severiens, Amsterdam (foto 2)

Ik (man 55 jaar, zelfstandig architect) verkeerde in de veronderstelling dat beschaving de kunst is de mens op de eerste plaats te laten komen. Dat blijkt allang niet meer zo te zijn. Op die eerste plaats is een bureaucratische wetgeving gekomen, gemaakt door een elite, die, als het hen zo uitkomt, die wetgeving ook gewoonweg aan hun uniformlaars lapt. (Máxima en Alexander). Het sprookjeshuwelijk van het afgelopen weekend, was niets anders dan een schijnvertoning door de Nederlandse elite, die zich schijnheilig voordoet als tolerant, verzoenend en gastvrij.

Steeds vaker worden mensenrechten en wetten door die elite geschonden. Keihard kwam ik hiermee in aanraking toen ik voor mijn Russische partner, die in de Oekraïne woont een voorlopige verblijfvergunning wilde aanvragen. Als partner van een buitenlandse heb je geen andere keus dan een verblijfsvergunning aanvragen of je moet kiezen voor de illegaliteit. Maar als je het gewoon eerlijk en volgens de regels wilt doen, begint er een mensonteerende gang door het nederlandse bureaucratisch labyrint. Het is onverteerbaar dat je wordt afgeblaft door medewerkers van een onderbezette Vreemdelingendienst. Er wordt tegen je gelogen, je wordt van het kastje naar de muur gestuurd, je officiële documenten raken zoek, wat vervolgens glashard door de dienst wordt ontkend! In Amsterdam kan je zelfs niet gewoon meer bellen over de status van je aanvraag. Alles moet schriftelijk en aangetekend, alsof er geen telefoon, fax en email bestaat.

Mijn aanvraag voor een machtiging voor voorlopig verblijf (mvv) werd na zeven maanden wachten afgewezen, omdat ik als zelfstandig architect niet kon aantonen, één jaar vooruit over voldoende middelen van bestaan te beschikken..... Doordat ik mijn praktijk gedurende drie jaar had onderbroken, werd ik aangemerkt als 'startende ondernemer' en die maken zo wie zo geen schijn van kans om door de inkomenstoets te komen. Achteraf blijkt dit criterium oneigenlijk en komt helemaal niet voor in de wet. Ik ben 55 jaar en werk al 30 jaar als zelfstandige. Als je 57 bent, wordt er helemaal geen inkomenseis meer gesteld.

Piet Vernooy, Amsterdam.

In uw verhaal ontbreekt het gehannes over geboortecertificaten. Mijn 70-jarige schoonvader heeft zeker 10.000 kilometer per trein gereisd om dit in Calcutta te verkrijgen, waarbij ikzelf en ook hij op hoogstmerkwaardige wijze bejegend zijn door het Nederlandse consulaat en ambassade.

Jan-Jaap Koning

Mijn zoon is gestopt met zijn studie informatica omdat hij een jaarcontract moest hebben. Een recent jaarcontract is vereist. Ik hoop dat al die politici die dit bedenken allemaal kinderen krijgen of hebben die flink studeren, kunstenaar zijn of freelancer en dan heel erg verliefd worden op een Afrikaan of Braziliaan. Met een beetje verstand zijn er toch wel andere regelingen te treffen, die kwaadwillenden buiten de deur houden.

G.A. Reitsma, Eldersloo (foto 5)

Ik kom uit Polen en ben sinds 4 maanden met een Nederlander getrouwd. Na bijna een jaar moeilijkheden krijg ik donderdag mijn verblijfsdocument. Ik heb aan de Universiteit van Wroclaw vijf jaar lang Nederlandse Taal en Cultuur gestudeerd. Vol bewondering en fascinatie voor Nederland kwam ik hier naartoe. Binnen enkele dagen was het me meer dan duidelijk dat Nederland minder tolerant en gastvrij is dan dat ik heb geleerd. Dat was een grote teleurstelling.

Ik voel me vernederd door allerlei instanties die mij zien als een dossier. Mijn gevoelens voor mijn man worden in twijfel getrokken. Men denkt dat ik de kans heb gegrepen om me te verrijken ten koste van de Nederlandse staat. Waarom gelooft niemand in de oprechtheid van mijn gevoelens? Waarom kan een Pools meisje niet echt van een Nederlander houden?

Ik voel me als een schurk die grote misdaden heeft begaan. En mijn enige misdaad is grote liefde voor mijn man! Waarom is liefde van een Engels meisje meer waard dan die van mij? Ik geloofde dat ieder mens gelijk was. Maar de politiek mag de mensheid in tweeën delen: mensen uit de `betere' rijkere wereld en mensen daarbuiten.

Ania Maier (foto 3)

Op 8 december, zo schrijft Sytze van der Zee in Trouw niet met een buitenlandse (Z, 2 febr.), moest Kees Janson zijn vrouw Graça, de Braziliaanse met wie hij sinds 1996 is getrouwd, en zijn twee kinderen op het vliegtuig zetten. Het was duidelijk dat het echtpaar aan alle voorwaarden voor een verblijfsvergunning voor Graça voldeed: een stabiele relatie en een voldoende inkomen van de Nederlandse man. Maar sinds 1998 hebben de nieuw-flinks Kamerleden Kamp (VVD) en Verhagen (CDA) ervoor gezorgd dat er nog een rem is op binationale gezinsvorming: de buitenlandse partner moet in het buitenland op een verblijfsvergunning wachten, vaak tot St. Juttemis.

Toen het duidelijk werd dat in het geval van Janson alle redelijkheid bij de Immigratiedienst zoek was, heb ik de noodklok geluid. In het weekeinde van 18 november heb ik bevriende Tweede-Kamerleden bestookt met e-mails. Ook aan Melkert heb ik onder kop `partijgenoot, een noodkreet' gevraagd om meteen in actie te komen. Hij koketteert in persoonlijke interviews immers met zijn mondiale instelling die geschraagd wordt door zijn huwelijk met een Chileense. Tweeënhalve maand later, op 1 februari, de dag vóór het Huwelijk van het binationale stel dat boven de vreemdelingenwet staat, ontvang ik het antwoord van Melkert dat hij de zaak meteen had doorgespeeld naar de fractiedeskundige. Toen zat Graça Janson dus al bijna twee maanden in Brazilië.

Binationale paarvorming is de gewoonste zaak van de (moderne) wereld, waarin steeds meer Nederlanders in het buitenland werken en studeren en daar een buitenlandse partner opdoen. Het gaat hier om ondernemende jonge mensen, `keurige Nederlanders', die denken dat er geen vuiltje aan de lucht is. Wat is er immers normaler dan je partner meenemen? Maar ze worden door hun eigen overheid gekleineerd. De Kamerleden Kamp en Verhagen verdienen het ondernemende kinderen te hebben die ook met een buitenlandse partner hun eigen land in willen.

Anton van Hooff, Nijmegen (foto 1)

Het artikel laat weer zien hoe Nederland omspringt met het `probleem' van de buitenlanders. Omdat het `politiek incorrect' is om buitenlanders openlijk te haten, verzinnen we letterlijk van alles om ze op andere gronden buiten de deur te houden. We verdenken ze van schijnhuwelijken, we beweren dat de integratie niet goed verloopt, we vinden dat ze de belastingbetaler te veel kosten, dat onze zorgvuldig opgebouwde verzorgingsstaat misschien wel in gevaar komt – we geven ze van alles de schuld. Heerlijke tijden voor Pim Fortuyn die de sluimerende vreemdelingenhaat onder grote lagen van de bevolking geraffineerd bespeelt en voedt. En niemand die hem erop aanvalt omdat men diep in zijn hart hetzelfde denkt.

Nederland is het enige land binnen de EU dat stevige inkomenseisen aan zijn burgers stelt om met een niet-EU-onderdaan te mogen samenwonen. Die behandeling staat in schril contrast met die welke Willem-Alexander en Máxima ondervinden. En het is een gotspe dat uitgerekend burgemeester Cohen dit binationale koppel in de echt verbindt, dezelfde Cohen die in zijn vorige functie als staatssecretaris van Justitie de Vreemdelingenwet zodanig aanscherpte dat het voor buitenlanders wel héél moeilijk werd om zich bij hun Nederlandse geliefde te voegen. Intussen huilt het Nederlandse volk vrolijk mee in deze collectieve Máximania, en omarmt de buitenlandse prinses met dezelfde hartstocht als waarmee het al die andere buitenlandse `prinsen en prinsessen' buiten de deur probeert te houden: Nederland moet wél van de Nederlanders blijven.

Misschien is Máxima wel de mooiste excuus-Truus voor ons land om te laten zien dat we `heus heel erg gek op buitenlanders zijn'. En zolang het er maar eentje is, bovendien voor iedereen goed zichtbaar opgesloten in haar glazen kooi, kan er niets gebeuren. Maar als volk zullen we door het weldenkende deel van de wereld vanaf nu meer dan ooit worden gezien als `die gekke Hollanders': hartstikke schizofreen, en rijp om ergens ver weg te worden opgesloten.

Dr. Henk de Bruyne, Voorburg (foto 4)

Ik ben een erg gelukkige vrouw. Ik heb de beste man ter wereld. Voor mij is hij de mooiste en de knapste. De geschiedenis van onze liefde lijkt een beetje op die van Willem-Alexander en Máxima: Jeroen en ik hebben elkaar ongeveer in dezelfde tijd leren kennen en Jeroen deed zijn aanzoek ook in de winter van 2001. Maar het werd geen mooi sprookje. Door de wetten van onze landen konden wij niet samen zijn. Niet voor ons huwelijk (8 december 2001) en niet na ons huwelijk.

Toen ik in 1998 voor de eerste keer in Nederland op vakantie ging, wist ik niet dat mijn geliefde hier woonde. Jeroen en ik hebben elkaar leren kennen in oktober 1999 op de Universiteit van St. Petersburg waar Jeroen tijdelijk studeerde en ik bezig was met een programma van de faculteit der journalistiek. Een telefoongesprek was voldoende om mijn leven op z'n kop te zetten. Ik had nog nooit zo'n intelligent en verstandig iemand ontmoet, met een geweldig gevoel voor humor, charmant, talentvol en eerlijk.

Jeroen vloog op 8 december 1999 terug naar Nederland, maar dezelfde avond belde hij al. Die paar uur dat we niet samen waren deden ons beseffen wat we voor elkaar voelden. Ons verdere leven bestaat tot op de dag van vandaag uit telefoongesprekken, brieven, e-mails, kortstondige ontmoetingen en het onherroepelijke afscheid. Elk afscheid valt ons echter zwaarder en wordt steeds pijnlijker. Ik volg inmiddels lessen aan het Nederlands Instituut in St.Petersburg.

Bij het inschrijven van ons huwelijk in Nederland kwamen we voor de eerste maal in aanraking met de bureaucratie. Ik had Jeroen de video laten zien van de bruiloft van een vriendin van mij. Jeroen was zo onder de indruk van de pracht en praal van dat gebouw, het huwelijkspaleis, dat hij ook in Rusland wilde trouwen. Hier moesten allerlei handelingen voor worden verricht en documenten voor worden verzameld aangezien Jeroen niet zelf aanwezig kon zijn bij het aanvragen van een datum. Uiteindelijk verliep in Rusland alles zonder problemen.

In Nederland was het echter niet slechts een kwestie van het overleggen van akte en vertaling. Nee, anders dan ons van te voren was verteld, moest er ook nog een document van de Vreemdelingenpolitie op tafel gelegd worden, waarin deze aangaf geen bezwaar te hebben tegen inschrijving van ons huwelijk. Helaas is deze dienst zwaar onderbezet en moesten we lang wachten op een afspraak. Na bijna twee maanden wachten hebben we recentelijk ons huwelijk eindelijk ook in Nederland kunnen bekrachtigen.

Ik ben geboren en opgegroeid in de Sovjet-Unie, ik ben er aan gewend om van de autoriteiten niet veel te eisen. Het spreekt voor zich dat als ik het recht wil krijgen om in het land van mijn man te wonen en te werken, ik aan alle eisen van de Nederlandse autoriteiten moet voldoen. Ik heb drie diploma's met lof van de Universiteit van St. Petersburg en van het Instituut voor optische mechanica (Technische Universiteit) in St. Petersburg (economie, management, journalistiek), ervaring in het werken als redacteur, journalist, pr-manager en onderwijzer. Ik zie nog niet hoe ik hier in Nederland gebruik van kan maken. Zonder een goede kennis van de Nederlandse taal kan ik niet concurreren met Nederlandse specialisten. Maar ik ben bereid om elk willekeurig werk te doen. Voor mij bestaat er geen groter geluk dan bij mijn geliefde te zijn. Ik hoop dat Jeroen en ik vroeg of laat samen zullen zijn.

Olja Saat-Shishkina, St. Petersburg

Nederland maakt zich in de ogen van de rest van de wereld te schande als het vasthoudt aan deze inhumane en veel te stringente regels. Je kunt niet de internationalisering van het hoger onderwijs en de arbeidsmarkt bepleiten als je tegelijkertijd die uitgenodigde buitenlanders zó tegenwerkt. En je kunt ook geen multiculturele samenleving bepleiten, en hierover in het buitenland opscheppen, als je het partners van Nederlandse staatsburgers onmogelijk maakt om in Nederland, geheel te goeder trouw en gewoon uit liefde, hun gezinsleven op te bouwen.

Mijn man en ik wonen inmiddels in Nederland, maar daarvoor moest ik eerst alleen terug om zijn aanvraag op te starten. De eis is immers dat de Nederlandse partner in Nederland een baan heeft en genoeg verdient. Wij hebben dankzij de Nederlandse staat een half jaar van elkaar gescheiden moeten leven, en als ik geen goede advocaat had gehad, had het misschien wel een jaar geduurd.

Lara Crul, Amsterdam

In januari heb ik een bezwaarschrift ingediend bij de Immigratiedienst Noord-West. Mijn bezwaar was gericht tegen de lange behandelduur, op dat moment tien weken, van de aanvraag van machtiging tot voorlopig verblijf voor mijn partner uit Turkije. Voor de afhandeling van een mvv-aanvraag is geen wettelijke termijn vastgelegd in de Vreemdelingenwet. Daarom geldt de in de Algemene Wet Bestuursrecht gestelde `redelijke termijn' van acht weken.

Ruim een week later liet de IND mij weten dat het bezwaarschrift aan de gestelde eisen voldoet. Verder de mededeling dat de IND op dit moment gemiddeld zes maanden nodig heeft om over het bezwaarschrift te beslissen. Een goedgekeurd bezwaarschrift over de lange behandelduur, die vervolgens zes maanden onbehandeld blijft. Hoe krom kan het zijn?

H.S., Woerden (foto 5)