MORMON CITY

Journalisten worden door organisaties en sponsors doorgaans mild gestemd met een welkomstpakketje. Een speldje, een T-shirtje, een rugzak, een sjaal, een petje, een flesopener, een rekenmachientje, sportschoenen of een transistorradio behoren tot de geschenken die een journalist bij een belangrijk sporttoernooi overhandigd kunnen krijgen.

Wie zo over de hele wereld is gereisd om belangrijke evenementen te verslaan, heeft een verzameling van souvenirs kunnen aanleggen. Slechts enkele journalisten zijn principieel en weigeren. Voor degenen die van deze hebbedingetjes houden, is Salt Lake City een teleurstelling. Nee, geen welcomepackage, krijgt de verwende journalist te horen. Dus ook geen rugzakje met een blocnote en een programma. Sorry! Tjee, moet ik het de komende weken doen met een trui van Calgary '88, een cassetterecordhouder van Albertville '92, een rugzak van Nagano '98 en een T-shirtje van SpaarSelect. Gelukkig zijn Nederlanders vrijgeviger en weten zij de journalisten wel mild te stemmen. Deze week werd ik in het Holland House, het café waar straks de Hollandse kolonie gaat feestvieren, verblijd met een oranje fleecetrui, lekker warm tijdens de koude wedstrijden. Wanneer ik hem aantrek, ben ik een wandelende reclamezuil. Aan de voorkant staan de logo's van NOC*NSF en het Holland Heineken House. Op de rug staan de namen van alle Nederlandse sponsors afgedrukt. Iedere Nederlandse journalist trekt hem in navolging van de Nederlandse officials natuurlijk aan. Dus als u straks op de perstribune van de schaatsbaan mensen in een oranje trui ziet zitten, zijn het Nederlandse journalisten. Echt waar.