Kicks voor niks

Heroïne is een heilzaam geneesmiddel. Van heroïne op doktersrecept knapt een kwart tot de helft van de langdurig heroïneverslaafden zo op dat ze weer gezond zijn, maar ze blijven verslaafd.

Van de heroïneverslaafden die heroïne én methadon op recept krijgen wordt ongeveer de helft binnen een jaar lichamelijk en geestelijk gezien weer net zo gezond als de rest van de bevolking. En ze stelen veel minder, want de voorgeschreven heroïne is gratis. Dat blijkt uit Nederlands onderzoek onder langdurig verslaafden die alle beschikbare behandelingen al probeerden, die methadon gebruiken en die er desondanks lichamelijk of psychisch slecht aan toe waren. Het onderzoek van de Centrale Commissie Behandeling Heroïneverslaafden (CCBH) was wereldwijd het eerste grootschalige onderzoek waarbij methadonverstrekking aan therapieresistente heroïneverslaafden is vergeleken met het geven van methadon én heroïne.

Heroïne gratis, op doktersrecept aan opiaatverslaafden verstrekken is geen Nederlandse nieuwigheid. Amerikaanse en Britse artsen begonnen ermee in de jaren twintig van de vorige eeuw. Zij schreven injecteerbare heroïne voor aan morfineverslaafden. Later schoof het in Groot-Brittannië op naar heroïne voor heroïneverslaafden. In de VS kreeg de war on drugs de overhand en verdween de mogelijkheid om heroïne voor te schrijven.

In de jaren zestig kwam methadon als medicijn beschikbaar. Methadon is een opiaat (zoals morfine en heroïne) dat geen kick geeft als het als tablet of siroop wordt geslikt. De stof houdt de verslaving in stand, maar heeft als grootste voordeel voor de gebruiker dat het lang werkt, dat de lichamelijke misère van de onthoudingsverschijnselen en de hunkering naar heroïne uitblijven.

De Britten besloten om met een gerandomiseerd onderzoek uit te maken wat voor een chronisch verslaafde het beste is: het nieuwe methadon of de vertrouwde heroïne. Er rolde een duivels resultaat uit: de heroïne voorkwam dat de verslaafden uit stelen gingen en verhoogde de therapietrouw, maar de methadon had tot gevolg dat een paar mensen uiteindelijk afkickten. Dus methadon redt een paar mensen, maar vergroot de ellende van velen, terwijl heroïne veel mensen verslaafd maar ook redelijk gezond houdt. Gespecialiseerde artsen kunnen in Groot-Brittannië nog steeds heroïne voorschrijven, maar erg populair is het niet bij artsen. Ongeveer 400 Britse verslaafden krijgen op dit moment heroïne van hun dokter.

gezond

De Zwitsers, die in de jaren tachtig plotseling met een epidemie van jonge heroïneverslaafden in hun grote steden te maken kregen, kozen in 1994 voor heroïneverstrekking. Bijna 2.000 verslaafden deden aan onderzoeken mee waarbij methadon en heroïne, geslikt, gerookt en gespoten met elkaar zijn vergeleken. De onderzoekers zelf en een door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) ingestelde beoordelingscommissie concludeerden dat heroïneverstrekking goed is voor de gezondheid van therapieresistente chronisch verslaafden. Maar de beoordelaars zeiden ook dat niet duidelijk was of het effect door de heroïne of door de extra sociaal-maatschappelijke ondersteuning kwam. Vóór het experiment kwam 69% van de verslaafden door stelen en roven aan hun inkomen, na anderhalf jaar was dat nog 11%. Het percentage ernstige psychische problemen daalde van 37 naar 19. Ook de lichamelijke gezondheid verbeterde. Maar daar staat tegenover dat na die anderhalf jaar nog maar 64 procent van de bijna 2.000 verslaafden die ooit proefpersoon waren nog gegevens leverden.

Het Nederlands onderzoek wilde, als logisch vervolg op de Zwitserse onderzoeken, het effect van heroïne vaststellen, los van de extra en in Zwitserland verplicht gestelde sociaal-maatschappelijke zorg. Na 12 maanden was het lot van 94% van de de 549 deelnemende patiënten nog bekend, veel meer dan de 64% die de Zwitsers in hun database wisten te houden. ``Het is ongekend hoog'', zegt onderzoeker prof.dr. Wim van den Brink, hoogleraar verslavingszorg in het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam. ``Maar daarvoor zijn de onderzoekers ook de straat op gegaan om mensen die dreigden uit te vallen weer op te zoeken.'' Het verhoogt de betrouwbaarheid van het resultaat, omdat ook bekend is wat er met de mensen gebeurde die uit de studie zijn gestapt. Van de verslaafden die heroïne en methadon kregen is uiteindelijk 70% een jaar in behandeling gebleven. Ongeveer 10% is nooit begonnen, evenveel mensen zijn uit de studie gezet omdat ze zich niet aan de regels hielden en nog eens 10% is zelf gestopt. De uitval uit de methadongroep was veel kleiner (15%).

Het resultaat was statistisch keihard. Uit de deelstudies die zes en twaalf maanden duurden en waarin onderscheid is gemaakt in heroïnespuiters en -rokers, komt – in grote lijnen – steeds een bijna gelijk resultaat: in de groep die heroïne krijgt is de helft van de proefpersonen er op vooruit. In de placebogroep die methadon krijgt, is een kwart een responder. Van den Brink: ``De lastige vraag is natuurlijk hoe het komt dat in een therapieresistente groep een kwart nog duidelijk verbetert als je ze hetzelfde geeft wat ze officieel al kregen.'' Prof.dr. Jan van Ree, hoogleraar psychofarmacologie aan de Universiteit Utrecht en voorzitter van de CCBH: ``Dat is het placebo-effect en dat kan door ene flink deel zijn veroorzaakt door het honeymooneffect. De patiënten kwamen in een nieuwe behandelunit en er was gemotiveerd personeel. In alle onderzoeken in de psychiatrie zie je dan een effect.'' ``Maar het kan net zo goed komen doordat mensen aan het onderzoek gaan meedoen op het moment dat het slecht met ze gaat. Verslaafden zitten voortdurend in op- en neergaande lijnen'', zegt Van den Brink.

Wat de CCBH betreft wordt gratis receptheroïne een vast onderdeel van de drugshulpverlening. De kicks voor niks krijgen – als de politiek het toestaat – een plaats na diverse afkickmogelijkheden, naast therapieën en naast het methadonprogramma voor chronische gebruikers.

wegteren

Slechts een klein deel van de ongeveer 24.000 heroïneverslaafden komt in aanmerking voor heroïne als medicijn. De 7.000 die geen contact hebben met de hulpverlening zijn bij voorbaat uitgesloten. Daar zitten mensen bij die probleemloos gebruiken, maar de helft van de groep heeft en veroorzaakt veel problemen. Deze verslaafden stelen, zwerven en teren weg. ``Het is ons wel verweten, dat we de beroerdste groep laten barsten'', reageert Van den Brink. Maar het gedrag van die groep is onverenigbaar met de vereiste therapietrouw. Er zijn verder 4.500 verslaafden in behandeling zonder methadon en in de methadonprogramma's zijn 12.500 mensen opgenomen. Daarvan zijn er ongeveer 8.000 zo lang verslaafd en er lichamelijk, psychisch of sociaal zo slecht aan toe dat ze voor gratis heroïne in aanmerking kunnen komen. Van Ree: ``Maar niet iedereen wil meedoen en wie na een jaar niet is verbeterd valt weer af. Uiteindelijk zullen er misschien 1.500 tot 2.000 verslaafden gelijktijdig heroïne op recept hebben.''

Heroïne moet eigenlijk een registratie als medicijn krijgen, vindt de CCBH. ``Een medicijn is ieder middel dat door iemand als zodanig ter registratie is aangeboden en daarna als medicijn is geregistreerd'', zegt Van Ree op de vraag hoe zo'n straatdrug een geneesmiddel kan zijn. Heroïne geneest zeker een kwart van de verslaafden, maar houdt ze verslaafd. Medicijnen hoeven echter niet noodzakelijk alle kwalen van iedereen te genezen. Van Ree: ``In de psychiatrie knijpen we onze handen dicht met een medicijn dat bij een kwart van de mensen zo'n duidelijk effect heeft.''