... en daarom een politiek hoofdpijndossier

De drie coalitiepartijen hebben, ieder op hun eigen manier, stevig geworsteld met het JSF-dossier. Het is premier Kok hierdoor niet gelukt de volmondige steun van zijn ministers te krijgen.

Het was gisteren een pijnlijk moment voor premier Kok, toen na uren overleg over deelname aan de Joint Strike Fighter (JSF) bleek dat hij niet zijn hele ministersploeg bijeen had kunnen houden.

De bewindslieden Brinkhorst en Van Boxtel van D66 en Pronk van zijn eigen PvdA waren nog altijd niet overtuigd van het nut van de kostbare participatie in de ontwikkeling van het nieuwe Amerikaanse gevechtsvliegtuig. Daarom wenste het drietal een aantekening bij het besluit van de meerderheid van het kabinet te plaatsen, een stap die ministers slechts bij hoge uitzondering nemen. Zo'n aantekening gaat niet zover als een tegenstem maar is wel een uiting van ongenoegen, van licht verzet.

Voor Kok was het een vernederende ervaring, die hij voor zover bekend slechts één keer eerder hoefde door te maken tijdens de varkenscrisis van eind 1997. Op zijn persconferentie zweeg Kok dan ook over de zaak, maar het duurde niet lang of de berichten over de aantekening van de twee D66-bewindslieden (Borst was op reis) en Pronk sijpelden door.

Hiermee werd het netelige karakter van de JSF-kwestie nog eens geïllustreerd. Alle partijen binnen de coalitie hebben de afgelopen maanden, op hun eigen manier, met de opvolger van de F-16 geworsteld. Anders dan in de jaren '70, bij de aanschaf van de F-16, ging het ditmaal vooral om de centen en de techniek. De vooral voor links pijnijke ideologische vraag of er wel nieuwe vliegtuigen moeten komen, omdat die een bewapeningsrace kunnen voeden, speelde deze keer niet.

Binnen Koks eigen PvdA waren tot begin deze week verscheidene PvdA-ministers er niet zeker van dat het kabinet er goed aan zou doen zoveel geld (800 miljoen dollar) neer te tellen in ruil voor mogelijke projecten voor Nederlandse bedrijven en een beloofde korting bij de aanschaf van de Amerikaanse toestellen voor de luchtmacht.

Behalve Pronk (VROM) had bijvoorbeeld ook minister De Vries (Binnenlandse Zaken), anders dan Pronk doorgaans geen notoire dwarsligger, tal van kritische vragen. Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) deelde De Vries' kritiek. Laatstgenoemde had zeker recht van spreken. In het verleden heeft hij zich als Kamerlid intensief bezig gehouden met de aanschaf van de huidige F-16's.

Daarnaast lag en ligt de kwestie ook gevoelig binnen de fractie van de PvdA, een partij die vanouds niet in grote geestdrift ontsteekt bij de aanschaf van nieuwe gevechtsvliegtuigen. Fractieleider Melkert, die als potentiële premier de komende jaren wel eens direct te maken zou kunnen krijgen met mogelijke nare prijsverhogingen in het JSF-project, wil zich zoveel mogelijk wapenen tegen onaangename verrassingen. Wat dat betreft deelt hij de opvattingen van zijn defensie-woordvoerder Timmermans, die zei geen zin te hebben om zich over enkele jaren voor een enquêtecommissie te moeten verantwoorden voor een overhaaste verkwisting van miljarden belastinggeld. De PvdA zal dan ook het kabinet in de Kamer zeker nog met veel lastige vragen bestoken.

Anderzijds is Melkert, net als minister Vermeend (Sociale Zaken) en premier Kok, gevoelig voor het werkgelegenheidsargument. Dat werd deze week dan ook gretig in stelling gebracht door VVD-leider Dijkstal, die stelde dat het JSF-besluit geen uitstel duldde, Ging het immers niet om 25.000 banen, zei hij met enige overdrijving.

Dijkstal kampte met andere problemen dan Kok en Melkert. Hij moest een goede balans zien te vinden tussen drie sentimenten, die in de partij vanouds zwaar wegen: het Atlantisch bondgenootschap met de Amerikanen, het goed passen op de schatkist en het bevorderen van de belangen van het bedrijfsleven. Doorgaans bijten die sentimenten elkaar niet, maar in dit geval wel. Minister Zalm (Financiën) was niet bereid zijn reputatie op het spel te zetten voor een deal, waarvan het nut voor de belastingbetaler minder evident is dan dat van het bedrijfsleven.

Wekenlang sleepten de onderhandelingen met Stork, Philips en enkele andere bedrijven zich dan ook voort tot Zalm, Jorritsma (Economische Zaken) en De Grave en Van Hoof (beide Defensie) gistermorgen tevreden waren. Als enige in de coalitie steunde de VVD zo gisteren unaniem het JSF-besluit.

En dan is er nog D66, de enige partij die zich ook ditmaal nog door ideologische overwegingen liet leiden. De sterk Europees denkende minister Brinkhorst (Landbouw) had in besloten kring al laten weten dat Nederland eigenlijk voor een Europese partner zou moeten kiezen. In het openbaar kreeg hij steun van fractieleider De Graaf. Ook van Boxtel sloot zich hierbij aan. Hoezeer de anderen in het kabinet ook betoogden dat noch de Eurofighter noch de Franse Rafale op dit moment een geloofwaardig alternatief vormden, de Democraten hielden ferm vast.

Toch ziet het er, mede gezien de krachtige steun van de CDA- en VVD-fracties niet naar uit dat het standpunt van D66 nog veel verschil zal maken. De PvdA zal uiteindelijk immers wel akkoord gaan. Hoe belangrijk de JSF-zaak ook is, het is niet waarschijnlijk dat Melkert op de valreep van de verkiezingen een botsing wil riskeren met de nog altijd populaire Kok.