Dans en dope in de Cotton Club

Hij heette Theodorus Kantoor en behoorde tot de eerste generatie van Surinamers die naar Nederland kwamen. Maar omdat hij trompet speelde naar het voorbeeld van Louis Armstrong, mat hij zich een Amerikaanse artiestennaam aan (Teddy Cotton) en hield ook verder graag de illusie in stand dat hij uit New York kwam. In de jaren dertig en veertig, zelfs tot diep in de jaren vijftig, liet de Nederlandse jazzjeugd zich graag het hoofd op hol brengen door zo'n echte Amerikaanse negro band. En dat gold vooral voor de vrouwen.

Negers konden veel lekkerder dansen dan blanke jongens, vond Annie Smit, de blonde dochter van een Amsterdamse cafébaas – en dat ze het risico liep voor negerhoer te worden uitgemaakt, deerde haar niet. Op haar achttiende ging ze met Teddy Cotton hokken. Later trouwden ze, en zij nam het café van haar vader over. Voortaan droeg die horecagelegenheid de naam Cotton Club, niet naar de beroemde nachtclub in New York, maar naar Teddy.

Het verhaal over die eerste Surinamers in Amsterdam wordt in de documentaire Cotton Club, vanmiddag te zien in de NPS-serie Vreemd land, verteld door een handvol stamgasten die uit hun eigen kleurrijke herinneringen kunnen putten. Wat die blanke vrouwen betreft, was het hier inderdaad een paradijs: ,,De Nederlandse meisjes waren vlotter (dan de Surinaamse), dus ze versierden jou.'' Maar verder viel het leven in Nederland danig tegen. Werk krijgen was bijvoorbeeld veel lastiger dan ze hadden gedacht; soms zat er weinig anders op dat in de armen van de eerste marihuanadealers te lopen, om van de latere heroïnehandel nog maar te zwijgen.

Theo Uittenbogaard snijdt in die cafégesprekken veel meer onderwerpen aan dan in een half uurtje kunnen worden behandeld, maar maakt in grote lijnen wel duidelijk hoe het leven er toen uitzag.

Teddy Cotton komt in het programma verder alleen op een archieffilmpje voor, waarin hij staat te toeteren dat het een lieve lust is. Uittenbogaard verzuimt echter te vermelden dat dit filmpje tijdens de bezetting in de bioscopen werd gedraaid om te laten zien hoe de blanke medemens zich in bars en andere uitgaansgelegenheden tot gedegenereerd gedrag liet verleiden door een stelletje dierlijke negermuzikanten. En zo werd er niet alleen in de oorlog tegen die Surinamers aangekeken, zo bleef het ook nog lang daarna.

Vreemd land: Cotton Club, NPS, Ned.3, 16.23-17.00u.