AANKLAGER: GEOFFREY NICE

Doortastend en eloquent. Met die woorden kan hoofdaanklager Geoffrey Nice (1945) het beste worden getypeerd. Anders dan zijn achternaam doet vermoeden, hoeven de verdachten geen vriendelijk woord te verwachten van de Britse jurist. Zo concludeerde Nice twee jaar geleden in het proces tegen de Bosnische Serviër Goran Jelisic dat de verdachte `nooit meer de verse lucht van de vrije samenleving mag ademen'. Het feit dat `Servische Adolf' tientallen moorden in het Bosnische kamp Luka had bekend, mocht volgens hem niet als verzachtende omstandigheid worden aangemerkt. ,,Jelisic vraagt om genade, maar heeft die zelf nooit getoond,'' aldus Nice.

De komende maanden zal de Brit al zijn vindingrijkheid moeten aanwenden om de zaak-Miloševic tot een (voor hem) goed einde te brengen. Na een lange zoektocht in Belgrado naar getuigen, kwam Nice twee weken geleden moe en met lege handen terug naar Den Haag. De getuigen díe hij had ontmoet, wilden hooguit een goed woordje voor de verdachte doen. Hij zou bovendien zijn tegengewerkt door de Servische autoriteiten.

Toch zal Nice stevig taalgebruik niet schuwen. Zijn openingsbetoog in de zaak-Kordic haalde alle voorpagina's: ,,Op de avond van 16 april 1993 was het dorp rood gekleurd door het vuur dat de huizen verbrandde en door het bloed van de mensen die waren gedood.''