Ook bij de Koninklijke verdwijnen de vuistregels

Shell, het boegbeeld van de Nederlandse industrie, ,,kan wel tegen een stootje''. Dat is volgens het bestuur ook nodig, want zelden waren de vooruitzichten voor de energiemarkt zo onzeker.

De olieprijs schommelt heftiger dan ooit, de vraag naar olie en gas is onduidelijk en de economische ontwikkeling is onzeker. ,,Zelden in de historie zijn er periodes geweest die zo onzeker waren'', zei president-directeur Jeroen van der Veer van Koninklijke Olie, de Nederlandse tak van Shell, gisteren bij de toelichting op de jaarcijfers.

Shell heeft flink te lijden van de fluctuaties op de oliemarkt. Het resultaat in het vierde kwartaal werd gehalveerd, voornamelijk door een dalende olieprijs. In de laatste drie maanden van 2001 lag de prijs van Brent, olie uit de Noordzee, op 19,40 dollar per vat vergeleken met 29,65 dollar een jaar eerder. ,,Het is logisch dat er dan een flinke winstterugval komt'', zei Van der Veer.

Het energieconcern moet met lede ogen toezien hoe de beweeglijkheid van de olieprijs toeneemt zonder dat het er invloed op kan uitoefenen. Aan het eind van vorig jaar kwamen er schommelingen van 3,80 dollar per dag voor. ,,En dan te bedenken dat onze winstmarge van de raffinaderijen in Pernis op anderhalve dollar ligt.''

Die ongekende volatiliteit op de oliemarkt ondergraaft ook oude wetmatigheden. Is het concern nog het baken van vertrouwen op het Damrak? Shells vuistregel dat één dollar verandering in de olieprijs zich vertaalt in 450 miljoen dollar winstmutatie kan in de prullenbak.

De grote schommelingen in de olieprijs zijn het gevolg van een combinatie van factoren. Ten eerste is er de groeiende onzekerheid in de wereld sinds 11 september. Het gebrek aan discipline binnen de OPEC, de organisatie van olie-exporterende landen die zo'n 40 procent van de wereldwijde productie in handen heeft, is een tweede oorzaak van onrust. De ruzie tussen de OPEC en Rusland (geen OPEC-lid), de tweede olieproducent ter wereld, over productiebeperkingen komt daar bovenop.

De onzekerheid rond de productiequota van OPEC en de naleving van de afspraken zijn al decennialang een belangrijk onderwerp waar Shell rekening mee moet houden. ,,Nu is er een extra factor bijgekomen, niemand weet hoe de vraag naar olie zich zal ontwikkelen'', aldus Van der Veer.

De prijsschokken op de oliemarkt komen niet in de laatste plaats op het conto van het snel verslechterde economische klimaat. De voorspellingen over een economische groei van 0,9 procent dit jaar voor de VS geven Shell weinig reden tot optimisme. ,,Zelden is de voorspelling zo laag geweest'', aldus Van der Veer.

Maar Shell ,,kan wel tegen een stootje''. Het concern is waarschijnlijk het rijkste van de grote oliebedrijven. De afgelopen jaren is er fors in de kosten gesneden. Terwijl concurrenten fuseerden, uitdijden en integreerden, slankte Shell juist af. In 1998 stelde het concern zich ten doel om in 2001 de kostenbasis met 2,5 miljard dollar te verlagen. Het werd uiteindelijk 5,1 miljard. En daar moet nog 0,5 miljard bijkomen.

De investeringen werden vorig jaar wel opgetrokken, met 38 procent naar 12 miljard dollar. Maar dit jaar zal daar geen groei in zitten en het bedrag gelijk blijven. ,,Dit waren we al van plan voor 11 september en dat blijft zo'', aldus Van der Veer. Tegelijkertijd blijft het concern royaal dividend uitkeren en eigen aandelen inkopen.

Concurrenten gebruikten hun geld voor acquisities. Een groeiend leger analisten uit inmiddels zijn twijfels over Shells antwoord op de concentratietendens. Shell kocht wel benzinestations in de VS, maar de overnames van het Australische energiebedrijf Woodside en het Amerikaanse gasbedrijf Barrett mislukten. ,,We hebben geen spectaculaire aankoop gedaan, maar we blijven stapjes zetten'', zei Van der Veer.

Die stapjes zal Shell vooral in de gassector zetten, zo is de verwachting. Shell bezit meer gasactiviteiten dan de meeste concurrenten. De prijsdaling van gas op de Amerikaanse markt zorgt er daardoor voor dat de winst harder geraakt wordt dan bij branchegenoten die zich alleen op olie richten. De winst van Shell daalt sneller dan die van de olieprijs.