Nederland mag niet zelf gaan speuren

Het verrichten van een onderzoek naar bijstandsfraude in Marokko kan juridisch gezien niet anders worden gekwalificeerd dan als een strafvorderlijke activiteit. Het gaat namelijk om het opsporen van strafbare feiten. Iemand wordt in Nederland verdacht van het hebben van een vermogen in Marokko, terwijl aan hem/haar een bijstandsuitkering wordt verstrekt. Als in Marokko wordt vastgesteld dat men een verzwegen vermogen heeft, dan is er sprake van een strafbaar feit. De ten onrechte ontvangen bijstandsuitkering kunnen worden teruggevorderd en men kan worden veroordeeld tot een gevangenisstraf.

Artikel 2 lid 1 van het VN-Handvest beperkt de bevoegdheid tot het opsporen van strafbare feiten tot de soevereine staten zelf. Dit beginsel is ook neergelegd in artikel 539a van het Wetboek van Strafvordering, waarin bepaald is dat de bevoegdheden met betrekking tot het opsporen van strafbare feiten of in verband met onderzoek daarnaar slechts kunnen worden uitgeoefend voor zover het volkenrecht en het internationale recht dit toelaten.

Nederland kan aan het volkenrecht en internationale recht geen bevoegdheid ontlenen zonder medewerking van Marokkaanse autoriteiten een strafvorderlijk onderzoek in Marokko te verrichten. Tussen partijen bestaan twee relevante verdragen, het Sociaal Zekerheidsverdrag en het Verdrag inzake de overdracht van gevonniste personen.

Aan beide verdragen kan Nederland geen bevoegdheid ontlenen om zonder medewerking van Marokko onderzoek te verrichten. Ten onrechte is de indruk gewekt dat Marokko verplicht zou zijn de Nederlandse ambtenaren in Marokko onderzoek te laten verrichten.

Het Nederlandse argument dat de kadasters in Marokko openbaar zijn en dat de Nederlandse ambtenaren die ook kunnen raadplegen is onjuist en misleidend. Dergelijke kadasters zijn openbaar voor burgers in privaatrechtelijke sfeer en niet bedoeld voor vreemde mogendheden om er strafvorderlijk onderzoek te verrichten.

Partijen moeten met elkaar een rechtshulpverdrag tot stand te brengen waarin kwesties als de bijstandsfraude worden geregeld. Het wordt tijd dat Nederland en Marokko met elkaar samenwerken om de ingrijpende problemen waarmee de Marokkaanse gemeenschap wordt geconfronteerd, op te lossen in plaats van een onnodig diplomatiek conflict uit te vechten over de hoofden van onschuldige mensen.

Mr. M. Kaouass is advocaat.