Bosnische oorlogslevens

Wat doet oorlog met mensen? Sociologe Mare Faber trok een aantal keren naar Banja Luka, hoofdstad van de Servische Republiek in Bosnië, voor intensieve gesprekken met Bosnische Serviërs over hun ervaringen vóór, tijdens en na de Bosnische oorlog (1992-1995). Het resulterende boek Novi Dani, nieuwe dagen leverde haar drie prijzen op.

Als Novi dani, nieuwe dagen één conclusie oplevert, dan is het die dat oorlog mensen grondig verandert, maar dat de veranderingen bij elk individu anders uitpakken. Die conclusie is niet verrassend. Niettemin is het boek dat af en toe wel degelijk. Wat brengt bijvoorbeeld een pacifistische, anti-nationalistische jongeman, een levensgenieter bij uitstek, ertoe vanuit Zweden, waar hij in 1992 een veilig heenkomen heeft gezocht voor de naderende oorlog, naar Bosnië terug te keren om zich daar als vrijwilliger bij het leger van de Bosnische Serviërs te melden? Of: wat brengt een Serviër er jaren na de oorlog toe nog steeds de moslims en de Kroaten collectief de schuld van alle ellende te geven terwijl een andere Serviër, die zelf een broer heeft verloren, nuanceert en weigert in collectieve schuld van wie dan ook te geloven? Of: wat bracht na twee jaar oorlog onder gewone Serviërs in Banja Luka de stemmingsomslag teweeg, de desillusie over de doelen van de oorlog en vooral de desillusie over de eigen leiders?

Het lot van de gewone Bosniër is wel vaker op vergelijkbare manier in boekvorm toegelicht – door Janine di Giovanni bijvoorbeeld, en door Alfred van Cleef, om slechts twee auteurs te noemen. Mare Fabers boek onderscheidt zich door de sociologische en psychologische benadering van het thema.

Een boek over de persoonlijke biografie van willekeurige mensen in oorlogstijd heeft alleen zin als de achtergronden van het conflict afdoende worden toegelicht. Dat gebeurt in Novi dani, nieuwe dagen (een titel, ontleend aan een liedje) – misschien wel wat te uitvoerig, want de hele eerste helft van het boek gaat op aan achtergrondinformatie. Voor de goed ingevoerde lezer staat in die eerste helft niets nieuws – interviewfragmenten blijven kort en lijken vooral bestemd om het vooraf door de schrijfster beweerde te bevestigen. Het boeiendste deel van het boek begint dan ook pas op de helft. De interviews worden langer, de ondervraagde mensen gaan leven, hun daden en vooral hun motieven krijgen vlees en bloed, een achtergrond. Al met al en stukje bij beetje wordt een misschien niet verrassend, maar wel heel genuanceerd beeld geschetst van een groep mensen die elk op een eigen manier reageren op de ellende die de oorlog toen en later aanrichtte.

Mare Faber: Novi dani, nieuwe dagen. Oorlog en biografie in Banja Luka, Bosnië-Herzegovina. Aksant, 218 blz. E14,50