Amerikanen breken niet met Arafat

De Amerikaanse regering is bereid de druk op de Palestijnse leider Yasser Arafat te handhaven, maar ze is niet bereid op verzoek van Israël de banden met hem te verbreken.

Dat laatste werd gisteren duidelijk enkele uren voordat president George Bush de Israëlische premier Ariel Sharon ontmoette. De woordvoerder van het Witte Huis, Ari Fleischer, zei dat de contacten van de Amerikaanse regering met Arafat ,,op hetzelfde niveau'' als tot dusverre worden gehandhaafd.

Gisteren zei de Israëlische minister van Defensie Benjamin Ben-Eliezer dat de Verenigde Staten onder de Palestijnen een alternatief voor Arafat als onderhandelingspartner moeten zoeken. Hij voelde zich gesterkt door uitlatingen die naar zijn zeggen vice-president Dick Cheney en Bush' veiligheidsadviseur Condoleezza Rice tegen hem over Arafat hadden gemaakt; beiden zouden hem hebben gezegd dat gesprekken met Arafat ,,tijdverspilling'' zijn. Anderzijds had Rice hem gewaarschuwd dat het Israëlische beleid, Arafat in zijn hoofdkwartier in Ramallah te isoleren contraproductief kan werken en Arafat ,,eerder kan opbouwen dan hem af te breken''. Israël isoleert Arafat al sinds 3 december in Ramallah op de Westelijke Jordaanoever.

In zijn gesprek met Sharon – het vierde tussen beide leiders – verzekerde later gisteren president Bush dat de VS Arafat onder druk zullen blijven zetten om hem ertoe te brengen terroristen aan te pakken. ,,Arafat heeft van ons iets te horen gekregen. Ik kan niet duidelijker zijn'', aldus Bush tijdens een fotosessie met Sharon. ,,Ik heb de premier verzekerd dat we Arafat onder druk zullen blijven zetten om hem te overtuigen dat hij serieuze, concrete en werkelijke stappen moet ondernemen om de terroristische activiteit in het Midden-Oosten te verminderen.'' Bush wilde niet ingaan op vragen over een verbreking van de betrekkingen met Arafat. Wel onderstreepte hij – met Sharon – dat de Palestijnen een eigen staat moeten krijgen, maar dat ze van hun kant Israëls bestaansrecht moeten erkennen. De president verzekerde dat hij ,,diep bezorgd'' is over het lot van ,,de gemiddelde Palestijn, de moeders en vaders die proberen hun kinderen groot te brengen''. Hij beloofde 300 miljoen dollar voor hulp aan de Palestijnen. De president liet weten foto's te hebben gezien van ,,Palestijnen die honger lijden''.

Bij dezelfde gelegenheid deed Sharon Arafat af als ,,een hindernis'' op de weg naar vrede; hij stelde voor nieuwe Palestijnse leiders te vinden, want ,,Arafat heeft voor terreur gekozen en heeft een terreurcoalitie gevormd. Hij heeft zichzelf buitenspel gezet. Hij is geen partner en hij zal dat ook niet zijn,'' aldus Sharon. ,,De druk op Arafat moet worden vergroot en dat proces kan worden versterkt als er een alternatieve leiding opkomt. Het is mogelijk met andere Palestijnen te praten, ik heb dat zelf gedaan.'' Sharon bevestigde dat Israël ,,niet de bedoeling heeft Yasser Arafat fysiek iets aan te doen''.

In hun vijftig minuten lange gesprek namen Bush en Sharon ook ontwikkelingen in Irak en Iran door. Beide landen werden door de Amerikaanse president in zijn recente State of the Union samen met Noord-Korea bestempeld als leden van een `As van het Kwaad'.