Wiegel gaat voorop in strijd tegen Fortuyn

De achterban van de VVD vindt het hoog tijd dat de aanval op Fortuyn van Leefbaar Nederland wordt ingezet. Terwijl de VVD-top daar liever nog mee wil wachten, laat Wiegel alvast zien hoe hij Fortuyn en de zijnen wil bestrijden.

Tromgeroffel en trompetgeschal, verzorgd door de Maasdrielse fanfare `Samen sterk', begeleiden de binnenkomst van Hans Wiegel in zaal De Boxhof te Kerkdriel (Noord-Brabant).

Oppervlakkig gezien gaat het vanavond om de lancering van de VVD-campagne voor de Maasdrielse gemeenteraadsverkiezingen. Maar het is niet dankzij gemeentelijk lijsttrekker Ko Hooijmans dat er, zoals de plaatselijk VVD-voorzitter in zijn openingswoord zegt ,,charisma in de zaal hangt''.

Algemeen wordt van Wiegel, leider van de VVD in de jaren zeventig en sedertdien met graagte optredend als het populistisch geweten van de liberalen, een politieke donderpreek verwacht tegen Pim Fortuyn, de lijsttrekker van Leefbaar Nederland. Aanwijzingen in die richting zijn vandaag in Den Haag zorgvuldig rondgestrooid. En een frontale aanval op Fortuyn – daarnaar smacht de VVD-achterban al zo lang.

Wiegel stelt niet teleur, al is de vorm die hij kiest, een prachtig 140 jaar oud citaat van Thorbecke, grondlegger van het politiek liberalisme in Nederland, enigszins omstandig. Zij doet dan ook een zwaar beroep op het begripsvermogen van de Maasdrielse partijkaders. Pas geleidelijk wordt hun duidelijk wie er bedoeld wordt als Thorbecke, door Wiegels mond, zijn afschuw uitspreekt over ,,ene parasitische politiek dewelke elk incident en elke volksindruk'' aangrijpt ,,teneinde zelf naar boven te komen'', en er daarbij niet voor terugschrikt ,,dienaresse van reactie'' te zijn.

,,Die politiek stem ik af'', zegt Thorbecke/Wiegel ferm, om vervolgens – tot opluchting van het gehoor – zijn veroordeling van Leefbaar Nederland nog in hedendaags Nederlands samen te vatten. Fortuyn c.s. bedrijven `beginselloze gelegenheidspolitiek', die Wiegel achtereenvolgens als `drijfzand' en `heel erg gebakken lucht' kenschetst. Vooral door de laatste opmerking breekt in de zaal begrip door voor de strekking van Wiegels betoog.

Dat Wiegel Leefbaar Nederland en Fortuyn zo scherp veroordeelt, is temeer opmerkelijk daar het Rotterdamse fenomeen voor een deel Wiegels eigen schepping mag heten. Fortuyn heeft van zijn aan idolatrie grenzende bewondering voor Wiegel nimmer een geheim gemaakt. Wiegel zelf heeft de afgelopen maanden menigmaal opgemerkt voor Fortuyn een `zwak' te hebben, en van diens optreden een aanzienlijke verlevendiging van het Nederlandse politieke debat te verwachten. Nu, daarin heeft Fortuyn niet teleurgesteld, merkt Wiegel waarderend op.

Alleen draagt de verlevendiging – in sprekers woorden klinkt nu duidelijk bezorgdheid door – tot op heden een uiterst eenzijdig karakter. Terwijl een zeer actieve Fortuyn ,,er als een jager met de buit vandoor gaat'', zegt Wiegel, zien de andere politieke partijen er nog steeds van af direct de strijd aan te gaan met het gevaar Fortuyn. ,,Als konijnen blijven zij zitten en kijken verlamd in de schijnwerper van de jager'', aldus Wiegel.

In het bijzonder heeft spreker daarbij het oog op zijn eigen VVD, waar partijleider Dijkstal, ondanks grote aandrang uit de achterban op het recente congres, hardnekkig blijft weigeren Fortuyn direct te adresseren. De echte verkiezingsstrijd, meent Dijkstal, zal zich pas in de laatste zes weken voor de verkiezingen afspelen, vanaf 1 april dus. Daarvoor moet niet onnodig kruit worden verschoten.

Wiegel, blijkt vanavond eens te meer, is het daar niet mee eens. Alle pogingen van de Haagse VVD-top in de afgelopen weken om hem tot enige volgzaamheid ten aanzien van de voorzichtige landelijke lijn te bewegen, zijn vanavond wederom vruchteloos gebleken. ,,Spits, hard, clean en fair'', moet de Fortuynbestrijding van de VVD zijn, meent hij. ,,Ga op inhoud het debat met Fortuyn aan'', en dan zal blijken dat Leefbaar Nederland niet zo heel veel inhoud heeft. ,,Maar `niks doen' kan niet.''

Het is allemaal de schuld van die slappe paarse cultuur, waardoor een hele cultuur van politiek debat en politieke strijd verloren is gegaan, betoogt Wiegel. Behalve Fortuyn heeft, meent Wiegel, in de Nederlandse politiek alleen nog CDA-leider Balkenende begrepen dat het tijd is voor actie. Hém noemt Wiegel dan ook hardnekkig `professor'.