Onmin en frictie begeleiden vertrek Chailly

Nu chef-dirigent Riccardo Chailly van het Concertgebouworkest zijn vertrek naar Leipzig heeft aangekondigd, komen de verhalen los over de redenen van zijn vertrek. Onderlinge fricties in het orkest lijken daarin een belangrijke rol te spelen.

Precies wat iedereen na het langdurige rumoerige vertrek van Bernard Haitink wilde vermijden, gebeurt nu toch: de ware feiten – of wat daarvoor doorgaat – over het vertrek van Riccardo Chailly uit Amsterdam staan in de krant. De diepgaande onmin tussen een deel van de musici van het Koninklijk Concertgebouworkest en de chef-dirigent lijkt inderdaad een veel betere reden voor Chailly's vertrek naar Leipzig dan zijn verhaal dat zestien jaar lang genoeg is, dat je op tijd en op het hoogtepunt moet opstappen en dat het muzikaal in Leipzig allemaal zo bijzonder is.

Duidelijk was dat er op verschillende punten fricties bestonden en bestaan tussen chef-dirigent, orkestleiding en een deel van de musici. Die gaan over objectieve kwesties, zoals de voortdurende wisselingen in de artistieke leiding. Die gaan ook over subjectieve zaken – `Hoe aardig en hoe goed vinden we elkaar?' en `Hoe goed is de Matthäus Passion van Chailly?' En opvallend was dat Chailly de Leipziger musici zo nadrukkelijk prees om hun sympathieke houding ten opzichte van hem en om hun ,,discipline'. Hij was slechts twee keer in Leipzig geweest: in 1987 en december 2001, luttele weken voor zijn dubbelbenoeming tot Gewandhauskapellmeister en Generalmusikdirektor.

Onduidelijk is wat er in de afgelopen jaren werkelijk aan de hand was in de Nationale Muziektempel aan de Van Baerlestraat. Wat zijn nu precies de bezwaren van een aantal musici tegen Chailly, die bij het overgrote deel van muziekliefhebbers en critici in binnen- en buitenland bijzonder geliefd is? De Concertgebouwpapers over enquêtes onder de musici, strategieën om Chailly zo weinig mogelijk in Amsterdam te laten optreden en zijn contractverlenging te beperken, zijn slechts in Het Parool te lezen. De orkestdirectie bevestigt deels de inhoud ervan en zegt dat een ander deel inmiddels is achterhaald.

Dat is in lijn met uitlatingen van de voorzitter van de vereniging van musici. Hoboïst Jan Kouwenhoven zei nog in december dat er geen bijzonder probleem met Chailly was en ging ervan uit dat het contract met Chailly zou worden verlengd met de gebruikelijke vier jaar tot 2008. Dat schept het beeld dat alle discussie binnen het orkest uiteindelijk officieel was gedempt. Maar een voorwaarde was kennelijk dat Chailly niet vaker dan zes weken per jaar in Amsterdam zou zijn, zodat zijn plaatsvervangers konden worden beproefd als mogelijke opvolgers.

Dat nu papieren aan het licht zijn gekomen die de al eerder bestaande vermoedens over onmin schriftelijk bevestigen en kwantificeren, lijkt de actie van één betrokkene, voor wie het aangekondigde vertrek van Chailly kennelijk nog niet genoeg is. Want dit nieuws is niet goed voor de sfeer rond Chailly. Het gaat niet eens zozeer om de sfeer tussen orkest en chef-dirigent – ze wisten en weten van elkaar waar ze aan toe zijn. Maar ten opzichte van het publiek dreigt de chef-dirigent te worden beschadigd.

Kijken en luisteren we straks in het Concertgebouw naar een dirigent, wiens vanzelfsprekende gezag en overwicht op het podium door een grote minderheid van zijn orkest niet wordt onderschreven? Wordt straks elk verkeerd gespeeld nootje en elk concert met een opvallende, omstreden of curieuze interpretatie herleid tot de controverse achter de schermen, die zich tot op het podium voortzet?

De kwestie is zeer delicaat. Het Koninklijk Concertgebouworkest, dat nu toert door Amerika, is daar al begonnen met damage control. De problemen worden geminimaliseerd en verwezen naar het voorbije verleden. De woordvoerder van het orkest verklaart dat het wederzijds uitdrukkelijk de bedoeling is om Chailly's laatste periode, tot en met zijn leiding bij Don Carlo bij de Nederlandse Opera in juni 2004 juist tot een groot succes te maken. En daarna mag hij terugkomen als gastdirigent.

Dat professionele gedrag op het podium moet mogelijk zijn, als iedereen daaraan meewerkt. Chailly en een deel van de musici hebben al eerder met elkaar diepgaand van mening verschild, toen Chailly's contract voor de eerste keer moest worden verlengd. Daarna is het toch weer goed gegaan.

En ook de afgelopen twee jaar was er voor het publiek dat naar de concertzaal kwam, niets te horen van de discussies in de vergaderzaaltjes.