Huwelijk geen sprookje voor betogers

Het is een prachtige bruiloft geweest. Sommige kranten spraken zelfs van een sprookje, waarvan het script door Disney had kunnen zijn geschreven.

Hoofdcommissaris J. Kuiper van de Amsterdamse politie was na afloop dan ook een gelukkig mens. In de Volkskrant van maandag sprak hij van een ,,geweldige dag, een prachtige happening'' en liet hij enigszins zelfgenoegzaam weten dat het gelukt was ,,het midden te vinden tussen feest en veiligheid''. Maar is dit wel zo? Is deze zelfgenoegzaamheid wel op haar plaats?

Als advocaat van de zogenaamde Witte-Pleinmanifestatie ben ik het hele weekeinde in touw geweest met het bezoeken van demonstranten die tijdens de feestelijkheden zijn opgepakt. Een groot deel hiervan op grond van artikel 112 van het wetboek van Strafrecht. Dit is een artikel dat zelden uit de kast wordt gehaald, maar de belediging van de kroonprins en zijn echtgenote strafbaar stelt.

Uit het `oppakbeleid' van de Amsterdamse politie kunnen we opmaken dat een belediging snel gemaakt is. Zo heeft een oudere vrouw een middag in een cel gezeten voor het ophouden van een bord met de tekst: `liever een dwaze moeder dan een domme prins'. Zeker één demonstrant is aangehouden omdat hij `leve de republiek' waagde te roepen op het moment dat de koets langskwam. Een man die deze kreet combineerde met het gooien van een krant heeft uiteindelijk een nacht op het politiebureau moeten doorbrengen. En de jongen die verdacht wordt van het gooien van het plastic zakje met meelwater is pas na drie dagen door de officier van justitie vrijgelaten.

Een aantal demonstranten zal zich later dit jaar voor de politierechter dienen te verantwoorden, waaronder de man die de krant heeft geworpen. Het is nog maar zeer de vraag of ze ook daadwerkelijk zullen worden veroordeeld.

Met de vervolgingen zal het wel los lopen. Wat veel ernstiger is, is het gemak waarmee politie en andere autoriteiten tijdens het huwelijk met de vrijheid van meningsuiting zijn omgesprongen. De vrijheid van meningsuiting is niet voor niets als grondrecht in onze Grondwet en internationale verdragen verankerd. Tijdens het sprookjeshuwelijk van onze kroonprins heeft de politie er alles aan gedaan om ieder tegengeluid zo snel mogelijk de kop in te drukken. Demonstranten werden opgepakt, spandoeken in beslag genomen of gewoon `blauw' ingepakt, dat wil zeggen: door discrete agenten van het publiek afgeschermd.

Is dit het gulden midden waar hoofdcommissaris Kuiper op doelt? Zijn al deze maatregelen noodzakelijk geweest ten behoeve van de veiligheid, of om de goede eer en naam van het koninklijk paar te beschermen?

Het moge duidelijk zijn dat het antwoord op deze vraag alleen maar ontkennend kan zijn. De Nederlandse overheid, de politie inbegrepen, zal zich moeten realiseren dat de vrijheid van meningsuiting meer inhoudt dan de vrijheid om te denken wat je wilt. Burgers moeten ook in de gelegenheid worden gesteld om hun gedachten publiek te maken, zeker als het gaat om gedachten die afwijken van algemeen heersende opvattingen. De overheid moet er dus voor zorgen dat dissonante geluiden kunnen worden gehoord en ook de ruimte krijgen die ze verdienen. En wat dat betreft hadden de republikeinen onder ons zich het afgelopen weekeinde geen beter podium kunnen wensen.

Zonder respect voor de vrijheid van meningsuiting zal het debat over de wenselijkheid van de monarchie nooit goed van de grond komen. Misschien was dat stiekem ook wel de bedoeling.

Hoe dan ook krijgt het politieoptreden van dit weekeinde wat de demonstranten betreft nog een staartje. Zij zullen hierover een klacht deponeren bij de Ombudsman.

Michiel Pestman is advocaat.