Genade voor een terroriste

Niet elke editie van het Filmfestival van Berlijn wordt geopend door de bondskanselier, maar Gerhard Schröder had gisteravond alle reden tot een bezoek aan het Berlinale-paleis aan het Marlene Dietrichplatz, precies op de grens van voormalig Oost en West. De 52ste editie van de Berlinale is de eerste onder directie van Dieter Kosslick, tot voor kort aanjager van de filmbedrijvigheid in Noordrijn-Westfalen. Kosslick moet in staat worden geacht het festival zijn tijdens het meer dan twintigjarige bewind van Moritz de Hadeln verloren elan terug te geven. Allengs was het ooit toonaangevende festijn afgezakt tot een etalage voor Hollywoodfilms, waar de populaire pers sterren aan de haak kon slaan voor niet erg exclusieve `interviews'.

Vernieuwer Kosslick, die de van gezondheid blakende Duitse filmindustrie kwaliteitsimpulsen trachtte te geven, verzamelde voor zijn eerste competitie naast oude getrouwen als Altman, Wenders, Iosseliani, Tavernier en Zhang Yimou meteen al een aantal trendsettende regisseurs: de choquerende Koreaan Kim Ki-Duk, Frankrijks hoop François Ozon, de Amerikaan Wes Anderson en de uit Wuppertal afkomstige Berlijner Tom Tykwer, regisseur van de openingsfilm Heaven.

De keuze voor juist die film op juist dit moment getuigt van Kosslicks moed. Hoewel het scenario van Heaven geschreven werd door de in 1996 overleden Poolse regisseur Krzysztof Kieslowski en zijn vaste coscenarist Krzysztof Piesiewicz en de opnamen plaatsvonden in 2000, is het onderwerp de spirituele bevrijding van een terroriste door de actualiteit heikel geworden. Kan een vrouw die een bom plaatst, waardoor vier toevallige voorbijgangers gedood worden, genade vinden? Het christelijke begrip `genade' was een thema van Kieslowski in films als de Dekalog en de Bleu-Blanc-Rouge-trilogie. Tykwer (Winterschläfer, Lola rennt) deelt met Kieslowski die belangstelling voor buitenkerkelijke metafysica, voor toeval en predestinatie. Opnieuw bedient Tykwer zich van bestaande muziek van de religieuze componist Arvo Pärt om op gedragen toon te laten zien en horen dat ook voor misdadigers liefde, geloof en rede nog bereikbaar zijn.

In de grotendeels Italiaans gesproken, mede door Sydney Pollack en Anthony Minghella voor het Amerikaanse Miramax geproduceerde film, pleegt Cate Blanchett een aanslag in Turijn op een drugshandelaar, die de verkeerden treft. Tijdens haar verhoor wordt de jonge `carabiniere' Giovanni Ribisi verliefd op haar, en helpt haar ontsnappen. Verschillende keren zijn ze een enorme legermacht te slim af, maar kaal geschoren en wedergeboren in een Toscaans paradijs kiezen ze voor een wisse dood door met een gestolen helikopter hoger te vliegen dan Icarus.

Het slot van het verre van publieksvriendelijke Heaven – oorspronkelijk bedoeld als drieluik met Hel en Vagevuur – doet denken aan de slotaflevering van de Nederlandse tv-serie 9 Dagen van de gier: tegen corrupte politie, drugsnetwerken, materialisme en het recht van de sterkste leg je het altijd af, maar wie zuiver blijft in zijn hart, kan met een goed gevoel in genade - sterven. Die gedachte zou een christelijke natie als Amerika moeten aanspreken, maar ik heb er weinig vertrouwen in.

Als de filmische voortekenen niet bedriegen, wordt het komende decennium weer idealistisch en anti-materialistisch van karakter. `Revolte, utopie en vrijheid' vormen ook het motto van het voorbeeldige Berlinale-retrospectief van dit jaar: zestig Europese films uit de jaren zestig. Drie daarvan zijn Nederlands: Verstappens Joszef Katus, Ditvoorsts Paranoia en Van der Keukens Herman Slobbe. De rest van het festivalprogramma bevat slechts twee Nederlandse titels: Simone van Dusseldorps korte speelfilm Exit en Vincent Bals Minoes, die het Kinderfilmfestival opent.