Spion in Vietnam en Beiroet

Zelfs al hebben de makers van Spy Game besloten om hun op ouderwetse leest geschoeide spionagefilm in 1991 te situeren, dan vrijwaren zij de toeschouwer nog niet van het gevoel door de tijd te zijn ingehaald. Waarom 1991? Omdat de Muur toen nog maar net gevallen was? Omdat de CIA, naar men beweert, toen nog een héél andere organisatie was dan nu? Omdat Robert Redford dan het merendeel van de film een jonger iemand mag spelen dan hij is, van nog langer geleden? Het zal hem er niet van weerhouden om voor zijn ingeleefde rol van Nathan Muir een Oscarnominatie binnen te halen.

Naast Redford speelt Brad Pitt de rol van spion die ooit door de meester is opgeleid, maar afgeschrikt is door diens compromisloze cynisme en een eigen weg is gegaan. Deze Tom Bishop is nu in de problemen geraakt en Muir brengt zijn laatste dag in actieve dienst door voor een groepje ondervragers dat moet bepalen of zij hem zullen redden of niet. Het schetsen van een profiel van Bishop geeft hem de gelegenheid uitgebreid herinneringen op te halen en met zevenmijlslaarzen van Vietnam naar Berlijn naar Beiroet naar China te banjeren.

Ooit werd Mike van Diem genoemd als regisseur van dit project. Dat werd met Redford aan boord te groot, dus nu mag Tony Scott (Enemy of the State) aan visuele krachtpatserij doen, terwijl het verhaal van flashback naar flashback in flashback wentelwiekt op de vleugels van het volgende helikoptershot. De hitparade van de afgelopen eeuw begeleidt deze in Vancouver, Engeland, Marokko en Boedapest opgenomen scènes.

De opa-vertelt-structuur maakt alles zouteloos. De paar scènes tussen Pitt en Redford zijn opgeknipt in een mokerslagmontage waardoor de spanning wel heel erg van buiten moet komen. Met veel goede wil kun je je best door de vaart van de film of door Redfords spel laten imponeren. Maar dat zijn zaken die niet met het vertellen van een spannend verhaal moeten worden verward.

Spy Game. Regie: Tony Scott. Met: Robert Redford, Brad Pitt. In: 71 theaters.