Een paar modderige vierkante meter

Er zijn dingen die je je moeilijk kunt voorstellen van een oorlog. Bijvoorbeeld dat mensen op enkele meters afstand van elkaar in loopgraven liggen te wachten totdat de ander beweegt. Het is een strategie van wreedheid en absurditeit, vervolmaakt tussen 1914-18, die tijdens de oorlog in het voormalige Joegoslavië nog allerminst verouderd bleek.

Je weet het, je hebt het gezien - bijvoorbeeld bij Notre Dame de la Lorette, waar 60.000 soldaten op hun dood lagen te wachten en waar je van de Franse naar de Duitse stellingen kunt spríngen maar het blijft idioot.

In No Man's Land, de adequate benaming voor de lege stellingen in een onbenoemd gebied in het voormalige Joegoslavië, zijn drie soldaten in een eigenaardige patstelling geraakt in zo'n loopgraaf. Het is een letterlijk explosieve situatie, daar in dat niemandsland tussen leven en dood, want een van hen ligt op een mijn.

Die paar modderige vierkante meter onder de stralende zon staat voor het gebied waarop Bosniërs, Serviërs en Kroaten hun zinloze spelletje landjepik hebben gespeeld, betoogt de debuterende speelfilmregisseur Danis Tanovic (1969, Bosnië-Herzegovina).

De waanzin van de door hem tot een soort Wachten op Godot ingedikte tragikomedie won vele prijzen sinds de film na zijn première vorig jaar op het filmfestival van Cannes een Gouden Palm voor beste scenario kreeg. Een Golden Globe voor de beste buitenlandse film brengt een Oscarnominatie binnen bereik en tijdens het afgelopen Filmfestival Rotterdam kreeg de film de publieksprijs. Al na een paar dagen stond No Man's Land overtuigend op één in de publieksenquête.

Tanovic was zelf gedurende de oorlog werkzaam als cameraman voor het Bosnische leger, met name rondom Sarajevo. Loopgraven kent hij dus van nabij, maar in zijn film leidt niet de bekendheid ervan tot realisme, maar de vreemdheid tot herkenning. Bosniër Ciki en Serviër Nino mogen dan een soort Vladimir en Estragon zijn, hun Godot komt wel degelijk voorbij. In de vorm van nutteloze hulp, een opgewonden verslaggeefster, een arrogante Franse blauwhelm, die niet mág, maar waarschijnlijk niet eens wíl ingrijpen.

De scènes rondom de loopgraaf zijn hilarisch, omdat ze zo herkenbaar zijn, alleen zo volkomen op de verkeerde plaats en tijd. Eerst moeten de soldaten samenwerken, aangeschoten, hongerig, boven op een mijn, dan moeten ze contact zoeken met de wereld om hen heen en alles gaat met communicatiestoornissen gepaard.

Een bijrol is weggelegd voor Serge Henri-Valcke als pompeuze blauwhelm Dubois. Natuurlijk is zijn eerste vraag aan de Duitse explosievenexpert of hij Frans spreekt. Want buiten die loopgraaf speelt deze oorlog zich ook om het prestige van de internationale gemeenschap af.

De widescreenbeelden van de film laten niet alleen zien hoe verloren al die individuen in het grote geheel zijn, maar ook hoe claustrofobisch dicht ze op elkaar zitten. Waar andere films over deze oorlog verzanden in keurig realisme of een politiek correcte wirwar waaraan alleen Emir Kusturica dankzij zijn anarchistische geest kan ontsnappen, vindt Tanovic een dapper midden tussen tragedie en komedie.

No Man's Land. Regie: Danis Tanovic. Met: Branco Duric, Rene Bitorajac, Katrin Cartlidge, Serge-Henri Valcke. In 8 bioscopen.