Brussels standje voedt Duitse irritaties

Tussen Brussel en Berlijn lopen de irritaties op. Jongste aanleiding: een mogelijke reprimande van de Europese Unie voor het Duitse financiële beleid.

Het botert niet tussen de Europese Commissie en de grootste lidstaat van de Europese Unie, Duitsland. De politieke schermutselingen over de Brusselse reprimande over het snel oplopende Duitse begrotingstekort – de zogenoemde `blauwe brief' – zijn er de jongste uitdrukking van.

Volgende week moeten de Europese ministers van Financiën beslissen of ze de waarschuwing aan Duitsland daadwerkelijk uitspreken, zoals de Europese Commissie heeft aanbevolen. Intussen loopt de spanning op.

Zo was er de Duitse Eurocommissaris die zondigde tegen de voorschriften en publiekelijk de nationale zaak verdedigde. Commissarissen, dienaren van de gehele Unie, uiten maar zelden kritiek op besluiten die de voltallige Europese Commissie heeft genomen. Maar afgelopen weekeinde toonde Günter Verheugen (SPD) in interviews zijn ongenoegen over het voorstel Duitsland een `vroege waarschuwing' te geven. Dat kwam hem prompt op een telefoontje van zijn baas, Commissievoorzitter Romano Prodi, te staan: of Verheugen zijn nationalistisch getinte interventie onmiddellijk wilde staken.

Ook bondskanselier Gerhard Schröder meldde zich op ongebruikelijk krasse wijze. Volgens hem waren er ,,niet-economische motieven'' in het spel. Op welke motieven hij doelde werd niet duidelijk.

Prodi reageerde koeltjes op de verdachtmaking door te verwijzen naar de spelregels die de lidstaten in het kader van het Groei- en Stabiliteitspact overeengekomen zijn. Dit pact schrijft de Commissie actie voor als een begrotingstekort de bovengrens van 3 procent nadert en is bedoeld om de stabiliteit van de euro te waarborgen. De Duitse oppositie kwalificeerde Schröders opmerking als teken van paranoia.

Het dispuut over de `blauwe brief' is een van vele irritaties die de traditioneel zo voortreffelijke verhouding tussen Brussel en Berlijn recentelijk kenmerken. Duitsland, betrouwbaar bondgenoot als het gaat om belangrijke Europese dossiers als de uitbreiding van de Unie met Oost-Europese staten, komt in toenemende mate op voor het eigen belang. De regering-Schröder, krap bij kas en met verkiezingen voor de boeg, opereert meer en meer volgens het adagium: Duitsland eerst.

De Commissie had haar plan voor liberalisering van de automarkt, dat de macht van de dealernetwerken beperkt, gisteren nog niet officieel gepresenteerd of Gerhard Schröder, sprekend voor de werknemers van een nieuwe Opel-fabriek in Rüsselsheim, liet al weten niets in de plannen te zien. ,,Soms wordt in Brussel te weinig aan de industriële productie gedacht, in het geloof dat men alleen van dienstverlening kan leven." En: het voorstel van de Commissie ,,heeft enorme concurrentienadelen voor de Duitse auto-industrie". Dat de Europese consument van toenemende concurrentie tussen autoverkopers zal profiteren, was even niet opportuun. [Vervolg EUROSPANNING: pagina 17]

EUROSPANNING

Duitse strategie nog onduidelijk

[Vervolg van pagina 1] Eind vorig jaar blokkeerde Duitsland te elfder ure de voorgestelde afbraak van beschermingsconstructies in het geval van een vijandige overname na fel protest van Duitse ondernemers.

Ook het voornemen van de Commissie om de toegestane overheidssubsidies voor de vestiging van bedrijven in de nieuwe deelstaten te verlagen is de Duitse regering een doorn in het oog. Hoe anders moet ze chipfabrieken naar Dresden en Frankfurt Oder lokken als ze de subsidiepot niet als standplaatsvoordeel mag aanwenden? Ook bemoeit Schröder zich met de personele bezetting van de Brusselse ambtenarij als Duitse invloed verloren dreigt te gaan. De regering intervenieerde toen een hoge Duitse ambtenaar belast met concurrentie-vraagstukken na zeven jaar in aanmerking kwam voor een reguliere verandering van functie.

Het is nog onduidelijk of de Duitse regering daadwerkelijk steun zoekt bij andere lidstaten om de pijnlijke vermaning over het begrotingsbeleid van tafel te krijgen of dat men met een kleine tekstwijziging genoegen neemt. Twee grote lidstaten plus een kleine zijn voldoende om het voorstel te blokkeren. Maar de schade van een niet uitgesproken waarschuwing zou wel eens groot kunnen zijn. Eurocommissaris Pedro Solbes (Monetaire en Economische Zaken) gaf vorige maand al aan dat met `vroege waarschuwing' aan Duitsland de ,,geloofwaardigheid'' van het Stabiliteits- en Groeipact op het spel staat.

Niet alleen de euro loopt dan gevaar, ook de politieke cohesie in de Unie is dan in het geding. Kleine lidstaten als Oostenrijk en Nederland gelden als voorstander van een waarschuwing, grote lidstaten als Frankrijk en Groot-Brittannië zouden Duitsland willen sparen.

De oplopende spanningen in Brussel en Berlijn leiden tot speculaties en wilde geruchten. Zo moest een woordvoerder in Brussel berichten tegenspreken dat er wordt gewerkt aan een versoepeling van de 'Maastricht-norm' van maximaal drie procent budgettekort en wordt in Berlijn gemonkeld dat Edmund Stoiber, Schröders uitdager in de verkiezingen, zijn invloed heeft aangewend om verzending van de brief te bespoedigen.