Leopard 2A6

Deze plek ken ik maar al te goed. Uit de tijd dat er nog echte mannen bestonden, de tijd dat de dienstplicht nog bestond en je een held werd als je weigerde. Hier zou er een man van me worden gemaakt, maar mijn definitie daarvan verschilde te veel met die van de keuringsarts.

Tankcommandant ben ik nooit geworden en ik ben beslist niet jaloers op degenen die met heimwee terugdenken aan hun diensttijd: de tijd van mijn leven! Dus, wat let me om decennia later alsnog een poging te wagen om achter het stuur van zo'n monster plaats te nemen?

Er staan ditmaal geen langharige, besnorde en getatoeëerde dienstplichtigen bij de poort en na overleggen van een persoonsbewijs kan ik zomaar met mijn auto het lege kazerneterrein oprijden. Waar ik een beeldje ontwaar dat ik al eens eerder had gezien. Het is prins Bernhard in zijn jonge jaren als cavalerist en bij de onthulling daarvan sprak prinses Juliana de onsterfelijke woorden: Benno, het lijkt hélemaal niet!

Helemaal achter in de hoek van het complex, dat omzoomd wordt door nieuwbouw, een spoorweg en een heuse dierentuin, staan de tanks opgesteld. De meeste in verwarmde loodsen en een ongewassen enkeling in de vrieskou.

Eerst maar eens wat cijfers van het tot nu toe zwaarste, duurste en langzaamste voertuig uit deze testritserie. 62.000 kilo Duits pantserstaal, aangedreven door een 12-cilinder, 1.500 pk sterke diesel met een longinhoud van 48 liter die er bij 1.600 toeren een olifantenkoppel van 4.700 Nm uitperst, de topsnelheid bedraagt 70 km/u en dat alles voor de prijs van 2,2 miljoen euro. De tankinhoud is 1.160 liter en het verbruik zo'n 5 op 1, u leest het goed, 5 liter brandstof per afgelegde kilometer.

Dat zijn nog eens cijfers die zegeltjessparend Nederland in staat van opwinding brengen. Omdat ook bij de landmacht op de kleintjes wordt gelet, krijgt het gevaarte een mix te drinken bestaande uit diesel aangelengd met kerosine.

Als de tank naar buiten wordt gereden, wacht me een forse teleurstelling: er zit geen kanon op! En ik had nog zo gehoopt om met de Leopard een rondje buiten de poort te maken. Naar enkele mij minder welgevallige gebouwen om er hardhandig mee af te rekenen. Na eerst een waarschuwingsschot gelost te hebben natuurlijk, want onschuldige dieren en mensen treffen geeft geen pas. Heerlijk lijkt me dat: de rokende restanten van een winkel die mij een inferieur product durfde te leveren, met een paar dreunende salvo's een Vinexlocatie of bedrijvenpark te kunnen wegvagen, boem, en daar valt weer zo'n foeilelijke reclamezuil. Helaas, het kon helemaal niet, want er zijn vier man nodig om deze tank te bedienen: een lader, een schutter, een bestuurder en een commandant.

De koepel is even zwaar als die met kanon waardoor de rij- en stuureigenschappen hetzelfde blijven. Middenin en hoog op de bok zit de instructeur en zijdelings zijn leerlingen. Zonder koptelefoon kan er niet gereden worden, want het geluid van motor en rupsbanden gaat ver voorbij de pijngrens. De bediening in het vooronder is hetzelfde en de goedlachse instructeur heeft me zojuist met de hand op zijn hart beloofd dat hij zal ingrijpen wanneer het fout dreigt te gaan.

Met geen mogelijkheid weet ik me in het gat in de voorzijde te wurmen, maar de instructeur wijst me er op dat het ditmaal is toegestaan om Rijkseigendom te betreden, zodat ik even later via de stoel een plekje heb gevonden in het ijskoude, zandkleurig geschilderde vooronder.

Daarin bevindt zich een minuscuul stuurtje, rem- en gaspedaal en handels voor de semi-automatische versnellingsbak. Geen airbag en veiligheidsriemen ditmaal en ik voel aan mijn voortanden die zich nu ter hoogte van de ijzeren buitenring bevinden. Maar niet te veel nadenken. Langzaam geef ik gas en met verbazingwekkend gemak gaat het monster er vandoor. Bochten gaan in de één en ik geef zelfs gewoontegetrouw richting aan op de verder verlaten heide. Na een paar rondjes heb ik de smaak te pakken en wordt het me bovendeks toegestaan om er wat gas bij te geven. Opvallend licht zoals dit voertuig op topsnelheid stuurt, eerst bukken en vervolgens remmen en dat voelt alsof er een reuzenanker wordt uitgeworpen. Sturend en manoeuvrerend via spiegeltjes en een videocamera voor achterwaarts en als toegift een haakse bocht waarbij er een onthutsende hoeveelheid rubber op het beton achterblijft.

Klappertandend en met een vuurrode kop klim ik weer uit en op de tank en salueer voor de eerste en laatste maal voor een militaire instructeur.