Voorzitter van deelraad: `Junks in Bijlmer isoleren'

Drugsgebruikers in de Bijlmer moeten worden geïsoleerd van de samenleving om het leefklimaat in de wijk te verbeteren. Tot die conclusie komt H. Belliot na vier jaar voorzitter te zijn geweest van de deelraad Amsterdam Zuidoost. Belliot staat tweede op de PvdA-lijst voor de komende gemeenteraadsverkiezingen.

,,We zullen moeten doen wat we tot voor kort politiek niet correct vonden. Junks isoleren, onderbrengen op een drugseiland. Laten we een van de flats maar voor junks inrichten, grootschalig, met dagopvang, met medische zorg en met gratis drugs voor de bewoners.'' Dat zegt Belliot vandaag in magazine M van NRC Handelsblad. ,,Die drempel moeten we over. Het is een enorme stap. Het plaatst die mensen buiten de samenleving. Maar als we het niet doen blijft het hier onleefbaar. En dan kunnen we het hele investeringsklimaat dat we hier aan het creëren zijn vergeten.''

Belliot, de eerste zwarte voorzitter van een gekozen orgaan in Nederland, trof bij haar aantreden vier jaar geleden een `oorlogstoestand' aan tussen zwart en wit. ,,Je wilt niet weten wat zwarte mannen toen allemaal over mij uitgestort hebben. Ik was een bounty, een verrader, een overloper, ik was niet zwart genoeg, tjonge, tjonge, tjonge, ik was de marionet van de witten.''

Haar voorganger als deelraadsvoorzitter, R. Jansen (PvdA), zegt dat hij in die tijd vanuit Amsterdam en met name van PvdA-wethouder J. van der Aa instructie kreeg om de zwarte mannen ,,als het even kon hun zin te geven: ga ze vooral niet tegenspreken''. Het stadsbestuur was ,,als de dood voor escalatie''.

M. van der Horst, VVD-wethouder in Amsterdam Zuidoost, noemt de Bijlmer ,,een bananenrepubliek die doortrokken is van puur en absoluut racisme, vooral bij zwarte mannen. Het is erger dan Janmaat''. Net als Belliot zal hij naar alle waarschijnlijkheid wethouder worden in de centrale stad. ,,De spraakmakende zwarte mannen uit Suriname'', aldus van der Horst, ,,hebben zich de Bijlmer toegeëigend. `Wat doe jij hier', op die toon gaat het tegen mij. `Jij hebt hier niks te zoeken, dit is onze Bijlmer.' Ze stoken elk vuurtje van racistische verhalen op, ze dreigen en chanteren en als ze succes hebben komt dat door onze slappe knieën.''

Uiteindelijk heeft ook Belliot zich moeten aansluiten bij haar eigen etnische achterban, de Creools-Surinaamse groep, om zich politiek staande te houden. In noodgevallen viel ze terug op H. Axwijk, de drijvende kracht achter het zwarte protest in de Bijlmer. Axwijk is directeur bij de Stichting Interculturele Dienstverlening (Stida), een organisatie die bemiddelt bij het verstrekken van Melkertbanen. Tegen Axwijk loopt een onderzoek van de fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (FIOD). Hij zou subsidiegelden op oneigenlijke wijze hebben aangewend. Belliot is ervan overtuigd dat door haar toedoen ,,de zwart-wit oorlog zijn scherpe kantjes heeft verloren''.

,,Nog vier jaar Bijlmer'', zegt Belliot, ,,dat kan ik godsonmogelijk volhouden.''

Koningin van de Bijlmer: Magazine M