Shanghai's 10.000 vlaggen

In tegenstelling tot de financiële centra elders in de wereld is van een economische recessie in Shanghai geen sprake geweest. Integendeel, buitenlandse ondernemingen, vaak in het kielzog van een Chinese zakenpartner, hebben zich massaal gevestigd. Halverwege 2001 werd al voor meer dan vier miljard dollar geïnvesteerd in maar liefst 1.239 `foreign-funded projects', een toename van 44 procent vergeleken met het jaar daarvoor. Rijke, ondernemende Hongkong-Chinezen keren terug naar het vasteland. Zelfs Taiwanese investeerders gokken nu op China. En ook belangrijke internationale topontmoetingen, zoals afgelopen oktober de APEC (the Asia Pacific Economic Cooperation Forum) waar zelfs president Bush niet ontbrak, vinden hun weg naar deze metropool. Shanghai is booming.

Wie tien jaar geleden naar de overkant van de Huangpu keek, een vervuilde rivier, zag niet meer dan een lappendeken van kleine akkertjes. Nu tronen daar de torens van Pudong, een ultramodern zakendistrict. De Oriental Pearl-televisietoren en de 88 verdiepingen tellende Jinmao-toren, met daarin het hoogste hotel ter wereld, doen niet onder voor architectonische wonderen als indertijd de Eiffeltoren en the Empire State Building.

Taxichauffeurs doen verwoede pogingen Engels te leren, Europese topcouturiers verkopen op grote schaal designkleding, iedereen heeft een mobiele telefoon en wil een kleurtje in het haar. De Chinezen werken hard. Shanghai is 24 uur per dag klaar voor actie.

Dat deze uit haar voegen barstende wereldstad bevolkt wordt door meer dan 16 miljoen mensen, dringt vooral tot je door bij de eeuwige aanblik van al die vrolijk wapperende kleurige was. In de oude stad dikwijls boven de straten, bij de nieuwbouw op en aan de balkonnetjes.

Wan guo qi, tienduizend vlaggen, de Shanghaise koosnaam voor alles wat op warme dagen buiten hangt. Want werkelijk overal in de stad waar mensen wonen hangt wasgoed: aan de meest ingenieuze waslijnen, lantarenpalen, bomen en elektriciteitsdraden, in stellages van hoog naar laag, overal drogen fleurige bloesjes, prachtige quilts, verschoten lakens, sokken, broeken, ondergoed.

Oudere woningen, zoals de voor Shanghai zo karakteristieke Longtangs, hebben uitschuifbare `waspalen' aan hun gevels. Elk raam beschikt in de regel over vijf palen, je ziet ze meestal in uitgeschoven stand en tjokvol wasgoed.

Oplettende passanten tellen de kledingstukken en weten dan precies hoeveel volwassenen er achter de balkonnetjes huizen (vaak wonen in een gezin naast de ouders ook grootouders, tantes of ooms) en natuurlijk ook hoeveel kinderen (doorgaans maar één). Wie al die families ziet, dicht samengepakt in kleine flatjes, en de eindeloze rijen woontorens bij elkaar optelt, ja, die begrijpt dat de schattingen hoger uitkomen dan de officiële 16 miljoen inwoners. Gedacht wordt eerder aan 18 miljoen.

De versoepeling van de economische regels kent ook een keerzijde: door de bedrijvigheid is de stad erg vies geworden. Maar daar wordt nu met harde hand een einde aan gemaakt. Onder druk is smerige industrie de stad uitgebonjourd. Letterlijk een verademing.

Maar nu gaan ook hele woonwijken tegen de vlakte. Parken, bomen en waterpartijen moeten ervoor zorgen dat de blauwe lucht weer zichtbaar is en de witte monddoekjes uit het straatbeeld verdwijnen. De bewoners van de oude binnenstad worden zonder pardon in woonkazernes kilometers verderop gedumpt. De oude binnenstad was inderdaad erg nauw. Maar toch is het jammer dat ze verdwijnen, al die morsige buurtjes en achterafstraatjes. Ze hoorden nu eenmaal bij de stad.

Afgelopen maanden brak de gemeente zich het hoofd over de vraag hoe de uitstraling van Shanghai als financieel zakencentrum nog verder te vergroten. Vele multinationals zijn al binnengehaald, kantoorkolossen van staal en glas zijn verrezen, verkeerswegen en metrobanen werden aangelegd. De nieuwe tijd spat van het straatbeeld af. Rest alleen nog die was die eeuwig te drogen hangt.

In zijn wijsheid heeft het stadsbestuur besloten dat vanaf 1 april 2002 de was verbannen wordt. Je kunt er lacherig over doen, maar op alle toeristische en commerciële locaties, plus langs alle doorgangswegen dienen waslijnen leeg te zijn. Op straffe van zware boetes.

Probleem is dat door het vochtige klimaat de was binnenshuis niet wil drogen; de `tienduizend vlaggen' hingen niet voor niets altijd al boven de straten. Hoe moet de was dan drogen? De laatste jaren zijn de inwoners van Shanghai er financieel op vooruitgegaan. Maar een wasdroger kunnen de meeste huishoudens nog lang niet betalen. Zoiets is natuurlijk maar een detail in het oog van het communistische stadsbestuur. Het ondernemersklimaat telt, er moeten buitenlandse investeerders worden aangetrokken, toeristen gelokt. Shanghai werkt weer aan een grote sprong voorwaarts.