Boekhouder van de liefde

Ryan Adams zingt over liefdesleed en drank en doet vooral volwassen mannen huilen. Woensdag treedt hij op in Amsterdam.

Afgelopen oktober trad Ryan Adams op in Paradiso. De Amerikaanse zanger/gitarist had even tevoren een tweede solo-cd uitgebracht en stond op het punt door te breken. De zaal was uitverkocht. Volwassen mannen stonden te huilen tijdens zijn doorleefde liedjes. Achteraf schreven niet alleen recensenten over het concert, ook columnisten als Frits Abrahams en Martin Bril getuigden van hun aanwezigheid. Voor velen bleek het een revelatie, volgens anderen was het te rommelig. Maar dat de toen 26-jarige Adams veelbelovend was, daar was iedereen het over eens.

Inmiddels is Adams een vertrouwde naam. Niemand zal hem meer verwarren met de Canadese rocker Bryan Adams. Ryan is nu bekend als degene die Elton John het licht deed zien, dankzij hem begreep John dat platen `direct' en zonder opsmuk moeten worden opgenomen. Hij is ook degene die de laatste clip-beelden van het World Trade Center maakte – op negen september filmde hij een video voor het liedje New York, New York, die uitsluitend bestond uit opnamen van hemzelf dansend voor de Twin Towers. En voor hen die de roddelrubrieken bijhouden: Ryan is de aan/uit-geliefde van actrice Winona Ryder. Maar bovenal werd hij een ster door zijn muziek. Adams kleedt zijn persoonlijke liedjes aan met flarden country, blues en rockabilly, waarbij hij op onnadrukkelijke manier citeert uit de hele Amerikaanse muziekgeschiedenis. Niet omdat hij een imitator of een eclecticus is, maar omdat hij de liedjes van zijn voorgangers waarschijnlijk zo vaak gespeeld en gehoord heeft dat invloeden als vanzelf doorsijpelen.

Vandaar dat helden als Neil Young, Gram Parsons, Bob Dylan, Bruce Springsteen of Hank Williams zich af en toe in beeld lijken te dringen, als opgewonden tieners voor de camera.

Al dat gevoel voor traditie wil niet zeggen dat Adams in het verleden is blijven hangen. Hij is net zo goed een proto-punk, een verloren zoon, een hedendaagse nozem. Hij heeft in zijn houding juist die combinatie van doodsdrift en hybris die alleen een inmiddels 27-jarige kan hebben.

Adams staat bekend om zijn onstilbare dorst en onvervaarde gedrag. Zo is de fles wodka nooit ver weg en trad hij eind november gewoon op, ondanks een even tevoren gebroken rechterhand. Niet voor niets noemde hij zijn vorige band Whiskeytown, en ging deze groep vervolgens aan overmatig drugs- en drankgebruik ten onder.

En toch. Al heeft hij veel kwaliteiten hartstocht voor muziek, lyrisch talent, de juiste vrienden, een indrukwekkend uithoudingsvermogen de weerklank die Adams als popmuzikant nu krijgt, laat zich er niet helemaal mee verklaren. Luisterend naar zijn deze zomer verschenen, tweede solo-cd Gold doet zich naast al het andere ook een pijnlijk gevoel van absentie voor. De ware sensatie van verrast te worden ontbreekt. Mooi, naturel, degelijk dat is Adams. Maar avontuurlijk klinkt hij niet.

Misschien dat zijn populariteit te duiden is vanuit zijn fans. Wie zijn dat? Voornamelijk mannen, waarschijnlijk. Mannen van een bepaalde leeftijd: ongeveer 35-plus. Want zoals je `typische' tienermeisjesmuziek hebt, zo heb je ook de typische pre-middelbare mannen-muziek. Maar wat zouden die mannen aan Ryan Adams menen te hebben? Genieten ze al lucht-gitaarspelend van zijn soepele stem, zijn solo's en de encyclopedische muziekkennis? Nee, Adams heeft meer te bieden: een onuitputtelijke voorraad liefdesleed, bijvoorbeeld. Er zijn weinig zangers die zo stelselmatig alle deuken oplopen die er in de liefde voorhanden zijn en ze nog tot overzichtelijke `case-studies' weten te bewerken ook. Bedrog, verlating, onbeantwoord verlangen, overspel in de gebroken harten-index ontbreekt nauwelijks een lemma. Adams schrijft er openhartig en inleefbaar over en maakt zo zijn muziek tot voer voor de zelf-help generatie. Daarin schuilt ongetwijfeld een van de belangrijkste pijlers van zijn succes: de cd's Gold en Heartbreaker zijn voor mannen wat het boek Mannen komen van Mars, Vrouwen van Venus ooit voor vrouwen betekende.

Adams bezorgt je niet alleen een gevoel van opluchting – `het kan nog erger'– hij is bovendien het levende bewijs dat je er ook na gedumpt te zijn, nog aardig bovenop kunt komen. Want dat alles in zijn teksten `echt' is, laat hij niet na te onderstrepen. Tot op de namen nauwkeurig krijgen we de boekhouding van zijn liefdesleven voorgeschoteld. Deze bekentenismuziek begon in 2000 met Heartbreaker, de weerslag van Adams' verbroken relatie met ene Amy. De persoonlijke ramp leidde tot een paar prachtige liedjes. Het rustige Amy bijvoorbeeld, waarin de ik-persoon vergeefs blijft hopen op een verzoening en, heel herkenbaar, rondhangt op plekken waar hij haar kan verwachten. (,,Do you still love me/ I go to the places where we used to/ I feel sad/ I am out here looking for you''). Of hij maakt zich razend om van alles: ,,Screw all my friends/ They're all full of shit/ With a smile on your face/ And then do it again'', uit Come Pick Me Up.

In het echte leven reist Adams van stad naar stad, om gebroken harten te ontkomen of om zich bij nieuwe liefdes te voegen. Dumpt Amy hem in New York, dan vertrekt hij voor een ander naar Nashville, om van daar weer verder te reizen naar Los Angeles waar Winona wacht.

Dat vertrekken en weer ergens aankomen beheerste zijn hele adolescenten-bestaan. Ryan Adams groeide op in een gat in North Carolina, met ouders die hem liefde leerden voor Sylvia Plath, Emily Dickinson en Edgar Allen Poe. Maar net als bij verschillende generaties popmuzikanten vóór hem, werd ook Ryan Adams vooral door de beat-generatie beïnvloed. Na het lezen van On The Road vertrok hij op zijn dertiende uit Jacksonville, zwierf rond en begon een punkband, The Patty Duke Syndrome. Die groep zou hij in 1994 omvormen tot Whiskeytown. Met deze alternatieve country-band ondernam hij eindeloze tournees, omgeven door een waas van alcohol. Whiskeytown doorstond meerdere personeelswisselingen, maar viel in 2000 definitief uit elkaar.

Ryan Adams had inmiddels al zijn debuut-cd opgenomen, waarop hij samenwerkte met onder meer de banjo-spelende Gillian Welch en met Emmylou Harris. En steeds speelt hij weer met anderen, van Alanis Morissette tot Beth Orton en de zanger van de Britse groep Starsailor. Als alles goed gaat verschijnen er dit jaar maar liefst vijf cd's van Ryan Adams, in verschillende samenwerkingsverbanden. Daar heeft Adams tenminste zijn zinnen op gezet. Slechts twee minder gezonde voorliefdes zouden hem kunnen tegenhouden: die voor alcohol en die voor vrouwen. Over de eerste heeft hij onlangs tegenover een interviewer verklaard dat `drank hem nooit geheel in zijn macht zal kunnen krijgen. Want ik ben een control-freak'. In dat licht bezien zullen ook zijn ongelukkige liefdes hem er waarschijnlijk nooit echt onder krijgen. Al heeft hij maar één vinger om zich mee uit de goot te hijsen, dan nog zal hij die ene vinger vervolgens gebruiken om er een liedje mee te schrijven.

De cd's van Ryan Adams en die van Whiskeytown zijn in Nederland uitgebracht door Universal Music. Adams treedt 6 februari op in Paradiso, Amsterdam. Het concert is uitverkocht.