Poep zonder poespas

Er zitten vijftien miljoen steekjes onder de koninklijke billen, morgen, op de kussens in de Gouden Koets. Meisjes van een handwerkschool borduurden er lang geleden het wapen van Nederland op. De Gouden Koets kostte destijds 54.545 euro. Hij heeft rubberbanden en vier electrische lantaarns op de hoeken. Deze koninklijke weetjes komen uit Ja, ik wil van Bas van Lier, een boek over `koninklijke huwelijken', volgens de ondertitel, maar eigenlijk meer een boek over de Oranjes.

Ja, ik wil is niet helemaal het lekkere boek geworden waar je op hoopt: er staan wel wat weetjes als hierboven in, maar toch te weinig, en het is erg nuchter geschreven. In krap negen bladzijden scheert Van Lier door de geschiedenis, van de stille stadhouder tot de huidige kroonprins. Daar wordt het een saai verhaal van. Voor de toon van een ouderwetse, sfeervol vertellende meester is geen tijd en plaats. Een enkel aardig detail kan daar weinig aan veranderen. De illustraties van Marian Latour zijn geestig, maar ook aan de plaatjes is niets sprookjesachtig, niets dat de verbeelding stimuleert.

Een heleboel aansprekende informatie voor kinderen ontbreekt in Ja, ik wil. Er staat bijvoorbeeld niets in over de paarden en de lakeien in de trouwstoet. Wel is het voor kinderen een handige, snelle bron voor wie weten wil hoe het nou zit met dat koningshuis in Nederland, en wat de koningin hier zoal te zeggen heeft. De vaderlandse geschiedenis in Ja, ik wil is weinig meer dan een opsomming van wie er met wie trouwde en wanneer. Aan het eind van het boek schrijft Van Lier over Jorge Zorreguieta dat hij `vroeger misschien wel slechte dingen heeft gedaan'. En, wat voorbarig: `Bij de officiële aankondiging van de verloving [...] was iedereen al dat gedoe over haar vader bijna vergeten.'

Gedurfder van opzet dan Ja, ik wil is De prijs van poep van Rindert Kromhout en Eric Smaling. Geen voor de hand liggend thema voor een informatief kinderboek, op het eerste gezicht, maar welk kind zou dat niet uit de kast trekken op zoek naar een onderwerp voor een spreekbeurt? Ook hier weetjes om te onthouden: er wordt door de Nederlandse bevolking twee miljoen kilo poep per dag geproduceerd. En door de Nederlandse dieren nog eens een hoeveelheid van 200 miljoen kilo.

De prijs van poep is al even nuchter geschreven als Ja, ik wil. Het gaat voornamelijk over het mestoverschot en is minder banaal dan het klinkt. Het boek is mooi vormgegeven, met een heldere bladspiegel en foto's als illustraties. Het aardigste zijn de kinderportretten, tussen de hoofdstukken door. De auteurs trekken een lijn van Jan Brink, zoon van een Nederlandse varkensboer naar Michel Tiendrebeogo, zoon van een karperkweker in Ivoorkust, via de ontlasting van hun dieren. Zo komt op een speelse manier het leven van kinderen over de hele wereld aan de orde.

Bas van Lier: Ja, ik wil. Koninklijke huwelijken. Met illustraties van Marian Latour. Ploegsma. 32 blz. Vanaf 9 jaar. € 9,95 Rindert Kromhout en Eric Smaling: De prijs van poep. Leopold, 65 blz. Vanaf 9 jaar. € 15,95