Een wereld die jou dicteert

Sam Taylor-Wood verwierf faam met theatrale, geënsceneerde foto's. Toen ze darmkanker kreeg, veranderde haar thematiek. Sindsdien gaan haar foto's over de dood.

Het is druk in het Stedelijk Museum in Amsterdam, de dag voor de opening van de eerste solotentoonstelling in Nederland van Sam Taylor-Wood. Journalisten en radioverslaggevers uit binnen- en buitenland proberen de 34-jarige Britse kunstenaar te spreken te krijgen, terwijl dagbladfotografen op hun beurt wachten om haar te mogen portretteren. Als een volleerde popster staat de fragiele vrouw iedere interviewer even vriendelijk te woord. En geduldig poseert ze even later voor haar monumentale foto- en videowerken, die de benedenverdieping van het museum in beslag hebben genomen.

Ze is de media-aandacht gewend. Sinds haar werk in 1997 op de geruchtmakende tentoonstelling Sensation in Londen te zien was, mag Taylor-Wood zich een ster noemen. Net als haar Britse collega's Damien Hirst, Tracey Emin, Jake & Dinos Chapman en Sarah Lucas, is ook Taylor-Wood regelmatig op de Engelse society pages terug te vinden. Ze werd door Elton John gevraagd om een videoclip bij het nummer I want love te regisseren, en stelde voor om de Amerikaanse acteur Robert Downey jr. het lied te laten playbacken. ,,Het was de eerste keer in zijn carrière dat Elton niet zelf in zijn videoclip optrad'', zegt ze trots.

Een andere prominente opdracht kwam van het Londense warenhuis Selfridges, dat tijdens de verbouwing een foto van Sam Taylor-Wood voor de gevel wilde hangen. Voor de 300 meter lange panoramafoto, de grootste ooit gemaakt, nodigde ze bevriende popsterren, acteurs en fotomodellen uit om te poseren. ,,Selfridges is een shoppingtempel'', zegt Taylor-Wood. ,,Daarom wilde ik een moderne variant maken van de Elgin Marbles, het fries van het Parthenon. Alleen gebruikte ik beroemdheden in plaats van Griekse goden. Wij leven in een cultuur die geobsedeerd is door celebrities.''

Het was háár werk dat voor opschudding zorgde toen de Sensation-tentoonstelling twee jaar geleden doorreisde naar het Brooklyn Museum in New York. Burgemeester Giuliani ervaarde Taylor-Woods foto, een remake van Da Vinci's schilderij Het Laatste Avondmaal waarbij Christus was vervangen door een vrouw met blote borsten, als beledigend voor het katholicisme. Toch staat Taylor-Wood bekend als de minst extraverte vertegenwoordiger van de Young British Artists, de groep kunstenaars die met shockerende werken de kunstwereld in de jaren negentig een schop onder haar kont gaf. Het werk van Taylor-Wood is niet als provocatie bedoeld, maar borduurt eerder voort op klassieke kunstvormen als de schilderkunst en de opera.

,,Het is jammer dat die tentoonstelling Sensation heette'', zegt ze. ,,In feite was het een ego-project van Charles Saatchi. Het was zijn collectie en hij wilde de rest van de wereld laten zien dat hij de beschermheer van deze groep kunstenaars was. De titel moest de aandacht trekken, maar voor de kunstenaars was zo'n stempel niet bevorderlijk. Het was ook Saatchi's idee om ons de `jonge' Britse kunstenaars te noemen. Want afgezien van het feit dat we jong waren, was er niets dat ons werk met elkaar verbond. Er was geen gemeenschappelijk inhoudelijk kenmerk of een stijl in onze kunst te ontdekken.''

Wel zegt Taylor-Wood het gevoel te hebben gehad ergens bij te horen, deel uit te maken van een nieuwe generatie. ,,In het begin, toen we net waren afgestudeerd aan Goldsmiths College, vormden we een hechte groep vrienden die toevallig ook kunstenaar waren. In die tijd was het galeriewezen nauwelijks geïnteresseerd in jonge kunstenaars en dus probeerden we onze eigen scene te creëren, door onze eigen kunstruimtes en galeries op te richten. Nog steeds bestaat er een sterke band tussen al die kunstenaars. Alleen is de situatie nu totaal anders. Iedereen koopt huizen en krijgt kinderen. Sommigen van ons zijn inmiddels in de veertig, dus jong kun je ons niet meer noemen.''

Kraakpand

Taylor-Wood groeide op in een arm gezin in Zuid-Londen en verhuisde op haar tiende, na de scheiding van haar ouders, met haar moeder naar East-Sussex. Ze verafschuwde het leven op het platteland, vertelt ze, en verliet haar ouderlijk huis op jonge leeftijd om naar de kunstacademie in Hastings te gaan. Daar ontmoette ze Jake Chapman, met wie ze vervolgens naar een kraakpand in Londen verhuisde.

Taylor-Wood: ,,Ik had geen idee wat ik wilde gaan doen met mijn leven, ik gebruikte de kunst als een manier om het huis te ontvluchten. Het is nogal een moeilijke beslissing om kunstenaar te worden. Je moet heel gedisciplineerd zijn en op een bepaalde manier ook arrogant. Want je moet geloven dat jouw ideeën het waard zijn om met het publiek gedeeld te worden. Zelfs na Goldsmiths, wat een vrij zware, intellectuele academie is, was ik daar niet van overtuigd. Ik had voortdurend het gevoel dat ik mijzelf en anderen voor de gek aan het houden was. Om afstand te nemen van de kunstwereld ben ik na mijn studie eerst een tijdje bij de Royal Opera House in Londen gaan werken. Daar kwam ik tot de ontdekking dat het drama op het podium niet zo gek veel verschilde van de verwikkelingen backstage, van het drama van het echte leven. Pas toen realiseerde ik me dat ik kunstenaar wilde worden, om de hedendaagse condition humaine in beeld te brengen.''

Dat gebeurtenissen in het echte leven dramatischer kunnen zijn dan welk theaterstuk ook, ondervond Sam Taylor-Wood enkele jaren later aan den lijve. Na een acht jaar durende relatie met Jake Chapman trouwde de kunstenaar in 1997 met haar galeriehouder Jay Joplin, eigenaar van de White Cube in Londen. In datzelfde jaar won ze een prijs als `meest veelbelovende kunstenaar' op de Biënnale van Venetië, beviel ze van een dochter, en ontdekte ze, bij toeval, dat ze darmkanker had. De uitreiking van de Turner Prize, waarvoor Taylor-Wood in 1998 was genomineerd, bekeek ze op een televisie in het ziekenhuis waar ze chemotherapie onderging. Een jaar later kwam de kanker terug en moest haar linkerborst worden afgezet.

Sam Taylor-Wood praat opvallend openhartig over haar ziekte. ,,Het is belangrijk voor het begrip van mijn nieuwe werk'', zegt ze. ,,Zonder die crisis had ik deze foto's niet kunnen maken.'' Ze doelt op haar recente foto's van een koe, een boom en een ram. Ook deze beelden verwijzen naar oude schilderijen – naar de landschappen van Potter, Friedrich en Van Ruysdael bijvoorbeeld. Maar in vergelijking met de theatrale, geënsceneerde foto's waarmee Taylor-Wood faam heeft verworven, zijn deze nieuwe werken uitzonderlijk sober.

,,Het zijn terloopse beelden, die helemaal niet bedoeld waren als kunstwerk'', vertelt ze. ,,Ik was op het platteland in het noorden van Engeland om uit te rusten van mijn chemotherapie. Ik had geen energie om te werken, maar had wel, zoals altijd, mijn camera bij me. Op een gegeven moment keek ik uit het raam en zag een boom die prachtig werd uitgelicht door de avondzon. Ik maakte er een foto van omdat ik het een mooi beeld vond. Pas een paar maanden later, toen ik die foto toevallig weer tegenkwam, zag ik dat het beeld precies uitdrukte hoe ik me destijds gevoeld had. Temidden van dat troosteloze landschap en die dreigende lucht is er plotseling die ene, sterke lichtstraal die van de boom een teken van hoop maakt. Het was de eerste keer dat ik het gevoel had dat ik werd vertegenwoordigd door iets anders dan mijzelf. Vandaar de titel Self Portrait as a Tree.''

MKZ-virus

Taylor-Wood: ,,Ook de foto's van de koe en de ram gaan over mijn eigen doodsangst. De koe is een symbool voor de dood geworden, zeker in Engeland, waar het MKZ-virus genadeloos heeft toegeslagen. De ram kwam ik tegen tijdens een korte vakantie in Marokko. Het dier stond op het punt geslacht te worden. Zijn ogen waren dof en van angst had hij zichzelf ondergeplast. Het is een beeld van iemand die zijn eigen dood tegemoet ziet. In die tijd waren mijn eigen gedachten ook morbide. Toch maakte ik de foto's niet uit een bewust idee. Ik zag de beelden, maar herkende ze niet. Pas achteraf, toen ik terugkeek op de foto's die ik tijdens mijn ziekte had gemaakt, herkende ik mijzelf erin.''

Er zijn meer verwijzingen naar de dood op de tentoonstelling. Op een geavanceerd videoscherm is te zien hoe een Cézanne-achtig stilleven van appels en peren in een razend tempo verschrompelt tot een laag schimmel. Het is het aloude Vanitas-motief, door zeventiende-eeuwse schilders gebruikt om de mens aan zijn sterfelijkheid te herinneren, dat door Taylor-Wood in een modern, gedigitaliseerd jasje is gestoken. ,,Je moet je bewust zijn van je culturele achtergrond'', vindt ze. ,,Het is goed om je te realiseren dat de ideeën en gevoelens die jij belangrijk vindt, driehonderd jaar geleden ook al door kunstenaars werden aangesneden. Ik kijk veel naar historische schilderkunst, maar wil wel dat mijn werk er actueel uitziet. Dus moet ik de huidige technologie bijbenen en voortdurend nieuwe technieken bijleren.''

Meer dan een jaar lang kon Taylor-Wood niet werken. ,,Op het moment dat je een diagnose krijgt van zo'n ziekte, is het alsof je in een andere realiteit terechtkomt, waar nieuwe regels gelden. Je belandt in een wereld die jou dicteert. Ik had totaal geen energie en nauwelijks ideeën.'' Maar op haar nieuwste foto, Self Portrait in a Single Breasted Suit with Hare (2001), kijkt de kunstenaar, weliswaar sterk vermagerd, weer vol zelfvertrouwen de camera in.,,Ik leef nu van dag tot dag, dat is beter. Mijn dagelijkse gevecht is om de angst onder controle te houden en niet mijn leven te laten domineren. Tot nu toe gaat het goed.'' Ze zegt het alsof ze het zelf bijna niet kan geloven. Voor de zekerheid klopt ze toch nog maar even twee keer bijgelovig op de houten tafel.

De tentoonstelling `Film & Fotografie' van Sam Taylor-Wood is te zien t/m 1 april in het Stedelijk Museum, Amsterdam. Dag. 11-17u. Catalogus E19.

`We leven in een cultuur die geobsedeerd is door celebrities'

`Ik wil de de hedendaagse condition humaine in beeld brengen'