Alsleppa met bieslook

Wanneer je iets kookt en daarna opeet proef je allerlei smaken door elkaar. Van alle verschillende dingen die je erin hebt gedaan. Toch is de volgorde, waarin je die ingrediënten aan elkaar toevoegt, in een recept meestal van onder naar boven of van voren naar achteren.

Zoals: doe boter in de pan, giet daar een rauw ei op en strooi er tenslotte zout over. Eerst zout in de pan en dan ei en daarna boter, dat kan niet. Probeer het maar. Of probeer het maar liever niet.

Maar sommige recepten, vooral voor koude dingen, kun je net zo goed van achteren naar voren maken als van voor naar achter. Het zou eigenlijk best handig zijn als ze dat erbij zetten.

Een perfecte manier daarvoor lijkt mij, dat ze de naam van dat recept ook van achteren naar voren schrijven. Een duidelijk voorbeeld daarvan is alsleppa.

In een grote kom strooi je een halve theelepel zout. Daar bovenop een eetlepel mayonaise, twee eetlepels zure room en een theelepel mosterd. Dat roer je goed door elkaar. Je schilt een appel (het liefst van de soort Elstar), en verwijdert het klokhuis. De rest snij je in kleine blokjes. Die doe je ook in de kom en opnieuw goed mengen.

Dan snij je een halve schone venkelknol, zonder het groen, in hele dunne ringen. Die doe je in een kleinere kom en je giet er het sap van een halve citroen (zonder de pitten) overheen. Tien minuten wachten en daarna de venkel ook in de grote kom en mengen met de rest. Klaar! In de koelkast zetten. Als je trek krijgt doe je de alsleppa op een bord en strooit er wat fijngeknipte bieslook overheen.

Heel mooi, maar ook een beetje jammer. Nu is het niet meer precies van achteren naar voren. Volgende keer beter!