Stork en Philips profiteren het meest van JSF

Als Nederland meedoet aan het ontwikkelingsprogramma van de Joint Strike Fighter (JSF), profiteren vooral Stork en Philips daarvan. Deze twee ondernemingen zullen samen zo'n 75 procent van de te verwachten omzet (ongeveer 8 miljard euro) voor hun rekening nemen. Dat blijkt uit een vertrouwelijke omzetprognose van het NIFARP, de overkoepelende organisatie van bedrijven die willen participeren in het JSF-programma.

Het kabinet moet op korte termijn beslissen over een overheidsinvestering van 800 miljoen euro in het JSF-project. In ruil daarvoor mag een aantal Nederlandse bedrijven meedoen aan de ontwikkeling en productie van de JSF, die de opvolger van de F-16 zou moeten worden.

De industrie betaalt vooraf niet mee, maar is wel bereid in de toekomst fasegewijs een deel van haar omzet aan de staat terug te betalen. Als het JSF-project goed verloopt, zal men vanaf 2010 191 miljoen euro terugstorten in de staatskas. De onderhandelingen over de exacte voorwaarden voor deze betalingsregeling zijn evenwel nog niet afgerond, zo blijkt uit de `letter of intent' die het NIFARP gisteren heeft opgemaakt. Daarin staat ,,dat partijen nadere afspraken wensen te maken over de voldoening van en de voorwaarden voor de (...) bedoelde betaling van de luchtvaartindustrie'.

Een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken zegt dat er, na een eventuele kabinetsbeslissing, nog een `memorandum of understanding' komt waarin de betalingsregeling nader wordt uitgewerkt. Hij wil verder niet ingaan op het relatief grote aandeel van Stork en Philips.

In de Tweede Kamer leven al langer twijfels over de vraag of de grote hoeveelheid overheidsgeld wel opweegt tegen de belangen van enkele bedrijven. De ministeries van Defensie en van Economische Zaken verdedigen de investering wegens het verwachte profijt voor een deel van de defensie-industrie. Dat is in lijn met het politieke besluit om in 1998, na het failliet van Fokker, luchtvaartkennis en -werkgelegenheid voor Nederland te behouden. Daartoe werd het zogenoemde `luchtvaartcluster' ondersteund.

,,Maar als nu blijkt dat het leeuwendeel van de omzet in het JSF-programma naar bedrijven als Stork en Philips gaat, is dat geen investering in het luchtvaartcluster, maar een ondersteuning van twee individuele bedrijven met belastinggeld. Dat was nooit de bedoeling', aldus PvdA-woordvoerder F. Timmermans. [Vervolg JSF: pagina 2]

JSF

Voordelen 'erg overheersend'

[Vervolg van pagina 1] D66 noemt de voordelen voor Stork en Philips ,,wel erg overheersend'. Volgens N. van 't Riet was de bedoeling van het luchtvaartcluster dat ,,door coördinatie zo veel mogelijk bedrijven en bedrijfjes zouden worden betrokken bij het in stand houden van de kennisinfrastructuur in de sector. Dit concentreert zich op twee bedrijven waarvan ik me afvraag of die het wel zo nodig hebben', aldus het Tweede-Kamerlid Van 't Riet.

In oktober vorig jaar concludeerde het Centraal Planbureau (CPB), in een rapport over deelname in het JSF-programma, dat het luchtvaartcluster een ,,beperkte samenhang' heeft. Dat heeft ,,implicaties voor de rechtvaardiging van de overheidssteun', aldus het CPB: ,,Vanuit welvaartsoptiek lijkt een dergelijke steun niet efficiënt of doelmatig.' In de interne NIFARP-cijfers wordt met twee scenario's gewerkt. Bij een productie van 3.000 JSF-vliegtuigen zal Stork ongeveer 2,6 miljard euro van de in totaal te verwachten omzet van 5,2 miljard hoopt binnen te halen. Philips zal ongeveer voor 1,4 miljard omzetten. Als er 5.000 JSF's worden verkocht, zal de totale omzet voor Nederlandse bedrijven uitkomen op ruim 8 miljard euro. Stork neemt daar meer dan de helft van voor haar rekening, Philips ongeveer 1,8 miljard.

Het bedrijf dat als derde de meeste omzet hoopt te behalen (tussen de 0,8 en 1 miljard) is de Zwitserse industriële Sulzer-groep, die ook een Nederlandse vestiging heeft. Het Nederlandse PHM Consortium verwacht tussen de 364 miljoen en 590 miljoen aan omzet te krijgen. Fokker Space, het Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Labaratorium (NLR) en onderzoeksinstituut TNO kunnen gezamenlijk voor 45 tot 136 miljoen omzet verwachten. De rest van de te verwachten omzet gaat naar Thales (het vroegere Signaal, minimaal 114 miljoen gulden), Urenco (45 tot 90 miljoen) en Special Products (tussen 136 en 227 miljoen). Ook dit laatste bedrijf is in handen van Stork.

NIFARP-voorzitter Kier Vis (Stork Aerospace) bevestigt dat de overgrote deel van de omzet voor de rekening van Stork en Philips komt. Volgens Vis hebben echter ook de kleinere bedrijven in het NIFARP voordeel bij Nederlandse participatie. ,,In totaal doen er zo'n 23 à 24 bedrijven aan het JSF-programma mee. Ik verzeker u dat het voor al die bedrijven bijzonder aantrekkelijk is.'

Het kabinet praat morgen opnieuw over een mogelijke deelname van Nederland. Of er dan een besluit zal vallen is onzeker. Veel ministers hebben nog vragen. Bovendien is er nog steeds geen duidelijkheid over de financiële onderbouwing van de plannen die de verantwoordelijke bewindslieden Van Hoof (Defensie) en Jorritsma (Economische Zaken) aan het kabinet moeten voorleggen. Vanmorgen heeft de Franse president Chirac met premier Kok gebeld, om de zaak van de Rafale, de Franse concurrent van de JSF, te bepleiten.

Gerectificeerd

JSF

In het artikel Stork en Philips profiteren het meest van JSF (in de krant van donderdag 31 januari, pagina's 1 en 2) staat dat het bedrijf Thales minimaal 114 miljoen gulden omzet behaalt door deelname aan het JSF-programma. Dit moet 114 miljoen euro zijn.