Nederland en Máxima

Het begon met een aanklacht wegens schendingen van de mensenrechten en het eindigde met ophef over een pater. Tussendoor waren er een ingezonden brief, een rapport, insinuaties, beschuldigingen, stemmingmakerij, onthullingen en vooral veel gespreksstof voor mediaprogramma's.

Máxima Zorreguieta zorgt nu al zo'n twee jaar voor een staat van tomeloze opwinding in Nederland. Op de eerste plaats natuurlijk door haar innemende persoonlijkheid, het ongelooflijke verhaal van de Argentijnse vrouw bij een bank in New York die een kroonprins veroverde en vervolgens door de Nederlandse bevolking onthaald werd als de verloren dochter. Maar, zoals het sprookjes betaamt, was er een slechte man die het koninklijke huwelijk dreigde te verstoren. Helaas was dat de vader van de bruid.

Jorge Zorreguieta deed Landbouw ten tijde van de Argentijnse militaire dictatuur en onmiddellijk hadden we in Nederland ons oordeel klaar. Was het maar zo makkelijk. De Argentijnse werkelijkheid en de Nederlandse ministeriële verantwoordelijkheid zijn in de meeste discussies schromelijk onderbelicht gebleven.

De ministeriële verantwoordelijkheid regelt de verhouding tussen het koningshuis en het kabinet. Willem-Alexander kan geen politieke uitspraken over Argentinië doen en toch werd hem daarnaar telkens gevraagd. Zijn opmerkingen (de brief van Videla, de mening van Baud) waren soms hoogst ongelukkig, uitingen van frustratie of onhandigheid. Hij zat klem tussen zijn liefde en het staatsrecht. Misschien had hij voor de liefde moeten kiezen, of, beter nog, voor het Scandinavische model van het koningsschap waarin grotere persoonlijke vrijheden zijn toegestaan. Nu was de kroonprins afhankelijk van de wijze waarop premier Kok de weg vrij zou maken voor parlementaire goedkeuring van zijn liefde.

Koks besluit om Zorreguieta te weren bij het huwelijk was ingegeven door de raison d'état dat het koningshuis geen speelbal van permanent gedonder mocht worden bij de kennismaking van Máxima met Nederland. Staatsraad Max van der Stoel, PvdA-veteraan van de mensenrechten, en professor Michiel Baud, vooraanstaand Latijns Amerika-deskundige, mochten voor Kok de zaak-Z onschadelijk maken. Daarin slaagden ze wonderwel, maar de kritiek was niet verstomd. Zorreguieta's beleving van zijn verleden beperkte zich namelijk tot een annex bij de studie van Baud. Daarin schreef Zorreguieta dat hij pas na 1984 op de hoogte raakte van de schendingen van de mensenrechten. Achteraf gezien had Baud er beter aan gedaan schoonvader te interviewen voor zijn onderzoek. Nu bleef de mening van Zorreguieta een sluimerende twistappel.

Want hoe was het mogelijk dat Zorreguieta, tegen een overstelpende stroom feiten, stug bleef volhouden van niets geweten te hebben? En waarom blijft Máxima haar vader in die opvatting steunen, ook al was ze zelf allang tot een ander inzicht over de militaire dictatuur gekomen? Dat heeft enerzijds te maken met de vanzelfsprekende solidariteit binnen de Argentijnse familie, en anderzijds met de Argentijnse perceptie van de werkelijkheid.

Kijk naar de actualiteit: vijf presidenten in twee weken tijd, demonstraties met potten en pannen, vernielingen, tientallen doden, het grootste bankroet dat ooit door een land is afgekondigd, de bevriezing van bankrekeningen, speelgoedgeld, de ineenstorting van de nationale munt voor Argentinië zijn de laatste dagen van 2001 en het begin van 2002 dramatisch geweest. Argentijnen hebben wat politieke en economische waanzin betreft meer meegemaakt dan wij kunnen verzinnen, maar zelfs zij waren verbijsterd over de spiraal van gebeurtenissen. Het einde is niet in zicht. De president van de dag, Eduardo Duhalde, kan zijn beloftes niet waarmaken, de ontgoochelde bevolking blijft demonstreren. De werkloosheid is niet te overzien. Mensen krijgen hun gespaarde dollars alleen nog maar terug in waardeloze pesos omdat, zoals Duhalde bekende, er geen dollars meer zijn. Tientallen miljarden dollars zijn als vluchtkapitaal het land uitgestroomd.

Dit dramatische heden heeft alles te maken met het Argentijnse verleden. Namelijk met de illusie van snelle rijkdom, de zelfzucht van de agrarische en financiële oligarchie, de maffiose praktijken van de vakbeweging en de onuitroeibaarheid van een uniek verschijnsel: het peronisme. Anders dan in Nederland zijn in Argentinië de liberale, sociaal-democratische en christen-democratische stromingen van de politiek nagenoeg afwezig. In plaats daarvan is er de beweging die in de jaren veertig is begonnen door kolonel (later generaal) Perón, met de nog altijd aanbeden Evita als heilige weldoenster, en die zijn wortels heeft in het fascisme. Sindsdien draait alles om voor- en tegenstanders van het peronisme, een langgerekte strijd omdat in Argentinië het fascisme nooit verslagen is. Dit trekt tot de dag van vandaag zijn sporen.

Het onvermogen de maatschappelijke tegenstellingen te verzoenen zeg maar: een werkzaam `pampa-model' te ontwikkelen verklaart zestig jaar van militaire coups, bloedige onderlinge strijd, zwakke burgerregeringen, gestage economische neergang. Nog steeds weigert de politieke klasse te erkennen dat Argentinië geen schatrijk land meer is, zoals in 1910. Het is een land van roofbouw, illusies en onverwerkte trauma`s.

Wij maken ons druk over goed en fout in de vuile oorlog, over de rol van de vader in een abject regime, over een priester die tussen collaboratie en verzet heeft gemanoeuvreerd. Maar niet Jorge Zorreguieta of padre Braun zijn het probleem. Het probleem dat Máxima met zich meebrengt heet Argentinië en dat land valt niet onder de ministeriële verantwoordelijkheid.

rjanssen@nrc.nl