Montenegro heeft het recht zelf te bepalen wat het wil

De EU wil niet dat Montenegro zich afscheidt van Servië. Maar diezelfde EU heeft door buitenlands politiek wanbeleid op de Balkan steeds nieuwe problemen gecreëerd en dient zich derhalve niet te bemoeien met wat het volk van Montenegro wil, vindt J. Schaberg.

Aan de ambitie ligt het niet, de EU-commissaris voor het buitenlands- en veiligheidsbeleid, Solana, geeft er hoog van op. ,,We nemen actief deel aan de wereldpolitiek'', zei hij onlangs tijdens een persconferentie. Maar dat is grootspraak. Neem de Balkan. Vorige week bezocht hij weer eens Kosovo, Macedonië en Montenegro. In Kosovo is niets bereikt, daar is sinds de oorlog nog niets opgelost. In Macedonië bereidt men zich voor op nieuwe gevechten in het voorjaar en ondertussen speelt men wat met Solana. En in Montenegro loopt de EU in de volgende val.

Solana stelt alles in het werk om daar een referendum over de eventuele afscheiding van Servië, dat in april moet plaatsvinden, te verhinderen. De bevolking wordt opgeroepen om president Djukanoviç, initiatiefnemer van het referendum en voorstander van onafhankelijkheid, niet te volgen. De Europese Unie heeft gedreigd steun aan een zelfstandig Montenegro te onthouden. Tijdens de Kosovo-oorlog had het westen Djukanoviç hard nodig, riep hem op tot verzet tegen Servië en suggereerde eeuwige dankbaarheid en steun. In de internationale politiek is wantrouwen een eerste vereiste. Opportunisme staat voorop.

De Balkan is al eeuwenlang slachtoffer van westerse bemoeienis. Vooral na de ondergang van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie en het Ottomaanse rijk werden grenzen naar believen verlegd en werden landen met enorme minderhedenproblemen opgescheept die een bron van nieuwe conflicten werden. Nu, na de opdeling van Joegoslavië, zo'n ruim tien jaar geleden, rommelt de internationale gemeenschap opnieuw in de problemen op de Balkan. Maar een samenhangende visie ontbreekt en er komen steeds nieuwe problemen bij.

Wat denkt de Europese Unie nu te bereiken? Binnen Montenegro bestaat sterke verdeeldheid over een eventuele zelfstandigheid. Door haar stellingname heeft de Unie de tegenstanders van zelfstandigheid gesterkt en wordt het binnenlands conflict geradicaliseerd. Als de Montenegrijnen zouden zwichten voor de Unie en er geen referendum komt, blijven de huidige problemen bestaan. Overigens, als het referendum er wel komt en het leidt tot afscheiding, is er geen mogelijkheid die tegen te houden.

Waarop baseert de Europese Unie eigenlijk het morele recht zich te bemoeien met een land dat zich wil terugtrekken uit een federatie? Ze kan erop aandringen dat dat vreedzaam en volgens internationaal recht gebeurt, maar daarmee houdt het op. Servië heeft al gezegd dat het zich niet zal verzetten tegen een afscheiding. Ook als de afscheiding met binnenlandse conflicten gepaard gaat, is het een aangelegenheid waar de internationale gemeenschap in principe buiten moet blijven. Zo nodig moet een conflict maar tot uitbarsting komen, dat geeft in ieder geval opheldering, van waaruit naar een vreedzamer samenleving kan worden toegewerkt.

Het streven van de Europese Unie om een zelfstandig Montenegro te verhinderen wordt niet ingegeven door de belangen van Montenegro, maar door eigenbelang van de Unie. Een zelfstandig Montenegro zou met name ook de Kosovaren kunnen sterken in hun roep om onafhankelijkheid, zo vreest men. Dat komt slecht uit want de internationale gemeenschap is het staatkundig probleem van Kosovo stelselmatig uit de weg gegaan. De beginfout werd al gemaakt in 1991 toen de Europese Unie eerst Joegoslavië bij elkaar wilde houden, hetgeen de Serviërs steun gaf, en vervolgens hals over kop Kroatië als zelfstandige staat erkende, zonder er een visie voor de rest van Joegoslavië op na te houden. Het probleem Bosnië werd toen gecreëerd.

De internationale gemeenschap raakte vervolgens hopeloos verward in de Bosnië-oorlog. Een nederlaag dreigde en de vredesbesprekingen in Dayton moesten derhalve slagen. Men heeft het probleem Kosovo toen laten liggen omdat dat voor Servië onverteerbaar was en tot mislukken van het akkoord zou hebben geleid. Toen de problemen in Kosovo vervolgens begonnen stortte het westen zich daar in een oorlog, zonder een goed plan, hoofdzakelijk uit prestige-overwegingen. Het dreigde op een mislukking uit te lopen. Toen zich als een wonder een kans op een akkoord met Servië voordeed, heeft men dat met beide handen aangegrepen en bewust formuleringen over de staatkundige toekomst van Kosovo gebruikt die zo vaag waren dat iedereen akkoord kon gaan. Dat wreekt zich nu.

De internationale gemeenschap moet bescheidener worden in haar regelzucht waarbij haar eigen normen worden opgedrongen aan anderen. Rationaliteit is nu eenmaal niet de belangrijkste leidraad waarmee volkeren hun toekomst bepalen. Zeker geldt dat voor de Balkan met zijn zeer rijke en complexe geschiedenis. Een groot deel van de Balkan beschermde vijf eeuwen lang Midden-Europa tegen de Ottomaanse Turken, en dat is nog maar zo'n 100 jaar geleden. Daarna volgden er andere onderdrukkers. Dat tekent het verleden, maar ook het heden.

Zeker geldt dat voor Montenegro. Een oud koninkrijk, een trots bergvolk met sterke clancultuur. Eeuwenlang vocht Montenegro tegen de Turken, zonder dat die het land konden pacificeren. Uiteindelijk wist men de Turken te verdrijven. In de Balkanoorlogen vocht men tegen Turkije en Bulgarije. In de Eerste Wereldoorlog tegen Oostenrijk, maar werd uiteindelijk door dat land bezet. Na de capitulatie van Oostenrijk werd het tegen de zin van veel inwoners een deel van de nieuwe staat Joegoslavië. Tijdens het interbellum werd fascistisch Italië een acute dreiging voor Montenegro en vervolgens kwamen de Duitsers. Het is een volk dat steeds heeft geleden onder de regeermacht van een vreemde mogendheid, terwijl het zichzelf wilde regeren.

Anno 2002 wil de EU dit volk opnieuw verhinderen zich uit te spreken over hun toekomst. Het wordt daar ervaren als de zoveelste mogendheid die haar wil aan de Montenegrijnen komt opleggen. De EU moet daar buiten blijven. Laat het volk zich uitspreken over de toekomst en laat de internationale gemeenschap daarna helpen om de beslissing in goede banen te leiden.

Door zelfoverschattend, maar halfslachtig interventionistisch beleid zijn op de Balkan steeds nieuwe problemen gecreëerd. Stap voor stap dreigt heel de Balkan zo, direct of indirect, een internationaal protectoraat te worden. Voor het echt oplossen van de problemen is consensus nodig maar die is ver te zoeken. De internationale gemeenschap heeft door haar ad-hocbeleid een moeras gecreëerd waarin zij steeds verder wegzakt.

J. Schaberg is generaal-majoor b.d. van de Landmacht.