Iets groots

Een meewarig soort nervositeit heeft bezit genomen van Amsterdam. Er gaat iets groots gebeuren, en niemand kan zich er helemaal aan onttrekken, of hij nu voor of tegen is.

De man die ik gistermiddag bij het koninklijk paleis op de Dam trof, was duidelijk tegen. Hij had een vriendelijk gezicht, maar er gleden al snel vouwen van cynisme in toen hij me aansprak, terwijl hij één been over het zadel van zijn fiets sloeg. We stonden te kijken naar de nogal detonerende, glazen passage die van het paleis naar de Nieuwe Kerk loopt om het trouwpaar en zijn gasten een kogelvrije doorgang te verlenen.

,,Ik hoorde op AT5 dat alleen al dit zaakje miljoenen kost'', zei hij. Het klonk niet heftig, eerder berustend. ,,Vreemd. Ik werk hier bij de gemeentereiniging. Als je ziet wat daar gekort moet worden vanwege bezuinigingen. Voor je werkkleding kreeg je vroeger 120 gulden per jaar, nu nog maar 60 gulden.''

Hij woonde zelf vlakbij het centrum, maar niet langs de route van de rijtoer. Daarom had hij met enige verbazing de gemeentelijke missive gelezen die hij onlangs mocht ontvangen. Of hij op 2 februari niet zijn wasgoed buiten wilde hangen, maar dat enig vlagvertoon wél zeer op prijs werd gesteld. ,,Ook vreemd'', zei hij. ,,Ik heb mijn onderbroek nog nooit buiten gehangen.''

Ik liet hem achter in zijn smeulende onvrede en liep naar hotel Krasnapolsky, waar zich al enkele rijen mensen achter de dranghekken voor de ingang hadden opgesteld. Er was nog in geen velden of wegen een beroemde gast te zien, maar je kon nooit weten. Terwijl het personeel allerlei tafelzilver naar binnen sleepte, keek het publiek verlangend toe. De oogst bleef bedenkelijk mager: een journalist van een roddelrubriekje van RTL die nu eindelijk begreep hoe zinvol zijn beroep was.

Verder veel, zeer veel politieagenten die druk overleg pleegden met enkele managers van het hotel. Op deze dagen kun je in Amsterdam beter geen slachtoffer worden van een misdrijf ik vermoed dat alleen de kantinebaas van het politiebureau je aangifte kan aanhoren.

Teruglopend naar het paleis kwam ik opmerkelijk veel jonge, goedgeklede Spaans sprekende mensen tegen die nieuwsgierig rondkeken. Het bleken vrienden en vriendinnen van Máxima te zijn. Wat een wonderlijke gewaarwording moeten zij ondergaan: ooit kwam je in contact met een aardig, spontaan meisje, nu mag je getuige zijn van haar intrede in de koninklijke familie van een land waarvan je amper gehoord had.

Hoe zouden deze Argentijnen de omgeving van de rijtoer ervaren? Ik besloot de proef op de som te nemen en liep de route even af. Nieuwezijds, Spui, Singel en weer terug over het Rokin. Dát krijgt de wereld zaterdag van ons nog altijd zo mooie Amsterdam te zien. Helaas. Het is zo ongeveer het lelijkste stuk van de binnenstad. Het begint met de onaantrekkelijke KAS Bank, het loopt langs de blinde achterkant van bloemenkramen aan het Singel en het eindigt met het bruine monster van de Fortis Bank aan het Rokin. Alleen met veel close-ups van Máxima kan al dit lelijks aan het oog van de wereld onttrokken worden.