Vliegverkeer

In deze krant van 19 januari stond een brief van het Platform Nederlandse Luchtvaart over het broeikaseffect. Maar de bijdrage van vliegverkeer aan het broeikaseffect is tientallen malen groter dan het Platform veronderstelt. De cijfers die het noemt, slaan enkel op de CO2-uitstoot door het starten en landen van vliegtuigen. Dat zou je inderdaad een `zeer kleine bijdrage' kunnen noemen en dat is dan inderdaad niet meer dan 1 à 2 procent van de totale uitstoot door de verkeer- en vervoersector.

Wat het Platform echter vergeet, is dat verreweg de meeste kerosine wordt gebruikt tijdens het vliegen over continenten en oceanen. Neem dat mee en de berekeningen worden geheel anders.

Volgens het gerenommeerde IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change, een forum van wetenschappers onder de vlag van de Verenigde Naties) had het vliegverkeer in 1992 een aandeel van 3,5 procent in wat alle bedrijfssectoren in de wereld samen aan broeikasgassen uitstoten.

In een later rapport ziet het IPCC het vliegverkeer gestaag groeien. Het IPCC verwacht dat het brandstofgebruik door de luchtvaartsector tussen 1992 en 2015 stijgt van 130 naar 300 miljoen ton per jaar. De bijdrage van de luchtvaartsector aan het broeikaseffect neemt snel toe.

Het Platform stelt dat de luchtvaartsector een van de meest innovatieve sectoren is in het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen. Als dat waar was, zou het zich hard maken voor internationale afspraken om de milieu- en gezondheidskosten in de prijs van vliegtickets door te berekenen. Op kerosine wordt, in tegenstelling tot op benzine, nog steeds geen accijns geheven. Voor vliegtickets hoeft geen BTW te worden betaald.

De emissies van vliegtuigen doen niet mee in de internationale afspraken over vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Over deze zaken, die de kern van het probleem vormen, zegt het Platform niets.