Top drie opvoeding

Toen ik net in Nederland kwam wonen vond ik het vreemd dat je bij elk bezoek gevraagd werd wat je wilde drinken. Niet alleen vreemd maar ook lastig. Voor het eerst moest ik zelf bepalen wat ik wou drinken: koffie, thee of fris. Alcohol dronk ik toen ook, uit nieuwsgierigheid, en dat voegde dus nog een paar keuzemogelijkheden toe.

In Egypte is het de gewoonte dat de gastvrouw of gastheer zonder iets te vragen met een dienblad binnenkomt. Het wordt voor je neus gezet en wat er ook op dat dienblad staat, je zult het moeten opdrinken of -eten. Met een beetje geluk krijg je dat wat je lekker vindt en anders: kiezen op elkaar en hup, naar binnen met de handel.

Bij het lezen van de memoires van Rushdi Saied, de oude Egyptische parlementariër die drie termijnen van elk vijf jaar in het parlement heeft doorlopen, bedacht ik hoe erg ik veranderd ben. Tegenwoordig wanneer ik bij landgenoten op bezoek kom en het beroemde dienblad verschijnt met dranken die ik helemaal niet lust, mierzoete thee bijvoorbeeld of scherpe zoete limonade, dan weiger ik gewoon het te drinken. Wel beleefd natuurlijk en met een smoesje.

In zijn memoires schrijft Saied over het verband tussen keuzes maken en democratie het volgende: ,,Wat het uitoefenen van zijn taken extra bemoeilijkt is dat het parlement een vreemd lichaam vormt in de [Egyptische] maatschappij, een maatschappij waarvan geen enkel onderdeel op een democratische wijze wordt bestuurd. Van zijn geboorte tot aan zijn dood kent de Egyptenaar geen dialoog of inspraak. In onze traditie bestaat niet de gewoonte om te overleggen en gezamenlijk te beslissen. In onze scholen is het geen traditie dat jongens en meisjes iets met onderwijzers bespreken. Onderwijzers dien je blind te gehoorzamen. Het is daarom moeilijk zich voor te stellen hoe een parlement een plaats van betekenis kan hebben in deze autoritaire maatschappij. Democratie is een geheel proces, een proces waarbij een individu niet alleen in het stemhokje maar ook thuis, op school, in de stad of in het dorp inspraak heeft en eigen keuzes in samenspraak met anderen leert maken.''

In een afgelegen dorpje in het noorden van Nederland, waar de kale takken van de bomen in de winterstormen heen en weer zwiepen, zit een groep vrouwen in een nieuwbouwbarak rond een paar bij elkaar geschoven tafels. Aan de ene kant van de tafel bevinden zich twee slordig geklede Nederlandse verpleegkundigen. Aan de andere kant een groep nog slordiger geklede, dikke Syrische en Irakese vrouwen. Tussen beiden in zit ik, de tolk. Het doel van de bijeenkomst: voorlichting over kinderopvoeding.

Als voorbereiding hadden de verpleegkundigen kaarten gemaakt met kreten als: eerlijkheid, zelfstandigheid, sport etc. Deze kaarten waren in het Arabisch vertaald. De vrouwen werden in twee groepen gedeeld. Iedere groep kreeg een stapel kaarten met het verzoek er drie uit te halen die ze het belangrijkste vond in de opvoeding. Het resultaat was weinig verrassend voor mij, wel voor de verpleegsters. Geen van de groepen zag het als prioriteit om zaken als zelfstandigheid, goede opleiding, ontwikkeling van talenten bij te brengen. De eerste groep stelde als belangrijkste doelen: respect voor de ouders, regelmatig bidden en gehoorzaamheid. Bij de tweede groep waren de prioriteiten: respect voor de ouders, goede moraal en goede gezondheid.

Er is dus een groot verschil tussen de opvoeding in Arabische landen en in Nederland. Ach, had Rushi Saied er bij kunnen zitten. Wat moeten kinderen met democratie, als ze zo'n opvoeding hebben genoten...