Bankiers belegden in Enron

Topmanagers van de Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch hebben geld in een dochter van Enron belegd. Het gaat om LJM2 die zij zelf mee hielpen oprichten. De bewuste dochter zou een van de vele vehikels van Enron zijn waarmee schulden voor de aandeelhouders werden verborgen en de winst van Enron kunstmatig werd opgekrikt.

Dat meldt vandaag het persbureau Bloomberg, dat zich beroept op ex-werknemers van Merrill Lynch. De zakenbank zelf gaf geen commentaar. De in oktober 1999 opgerichte dochter LJM2 beloofde een rendement van meer dan 30 procent. In het eerste jaar werd meteen al 50 procent uitgekeerd.

Enron verkocht aan zulke dochters activa tegen een hoge prijs, activa die vaak verlieslijdend waren zonder dat dit uit de boeken bleek, en boekte de opbrengst dan als winst. De activa werden vervolgens doorverkocht tegen een nog hogere prijs aan een andere dochter.

Enron vroeg aan Merrill Lynch grote beleggers en pensioenfondsen over te halen geld in LJM2 te steken, hetgeen gebeurde. Merrill Lynch vroeg op zijn beurt aan zijn eigen managers er geld in te beleggen. Op zichzelf is het in Amerika niet ongebruikelijk dat zakenbankiers geld steken in dochters die zij zelf mee helpen oprichten. De vraag is alleen of Merrill Lynch op de hoogte was van de ware bedoeling van zulke dochters.

Gisteren hebben 400 (ex-)werknemers van Enron verscheidene managers van Enron en van de accountant Andersen aangeklaagd wegens verduistering van pensioengelden, zo meldt het persbureau Reuters.