Argentijns ingeburgerd

Ook Oranje-moe? Nog maar vijf nachtjes slapen, zoals een verslaggeefster op de televisie zei, of, voor de minder enthousiasten, met opengesperde ogen naar het plafond liggen staren zonder te bewegen, en dan is het voorbij. Of zou het dan pas goed beginnen? Elke dag in Het Huwelijk is er één, tenslotte, elk kruispunt brengt nieuwe verrassingen, en voor de gemobiliseerde media is het hoe dan ook aantrekkelijk om in de hoogste versnelling te blijven hangen.

Een omineus voorteken was de opmerking van de onverschrokken heraut Witteman, in zijn gesprek met het paar, dat het ook `óns huwelijk' is. Staatsrechtelijk is daar iets voor te zeggen, maar dat was niet de pointe. Het ging er eerder om, dat de camera's mochten blijven draaien bij de zoen, of bij de eerste per vergissing in het openbaar opgestoken sigaret. Zoals een andere tv-journalist met dreigende druilerigheid opmerkte voor de paleishekken: de Oranjes laten de media wel opdraven als het ze goed uitkomt, maar `ons' wordt geen glimp gegund van feestbeest Máxima op het `twee dagen durende privé-feest' dat het paar gaf aan de vooravond van Het Huwelijk. Er rest niets anders dan de nachtelijke hemel afspeuren naar langsdrijvende bubbeltjes champagne, en met de microfoon hengelen naar overwaaiend royaal gelach. Een zwaar vak.

De patriottische inspanningen van de pers staan in contrast tot de uitkomsten van een enquête van Bureau Intomart naar de populariteit van leden van het koninklijk huis onder vijfhonderd Nederlanders, waarvan de resultaten gisteren door de zender RTL werden bekendgemaakt. Een kleine steekproef, maar toch. Bovenaan staat prins Claus, onlangs nog in het nieuws met een onnavolgbaar verhaspelde toespraak. Hij wordt gevolgd door zijn schoonmoeder, de uit de openbaarheid verdwenen prinses wier geheugen, volgens haar onvergankelijke echtgenoot, zodanig buiten werking is getreden dat ze alleen nog maar opveert bij het wachtwoord `verloving'. Dan, op de derde plaats, komt Máxima, de importbruid met een omstreden familie die nog niet weet wat haar te wachten staat. Pas op de zesde plaats en sinds de laatste peiling in november gedaald vanaf de derde komt de voor het eerst onbekommerd stralende Willem-Alexander.

De volgorde in die hoffelijke hitlijst is opmerkelijk. Niet alleen omdat er onmiskenbaar verzadiging lijkt op te treden op de nationale royaltymarkt (men grijpt terug op oude, bekende producten), maar vooral omdat de rangorde van de populairste Oranjes wordt aangevoerd door alles wat ziek, zwak en misselijk is in die kringen. De meest geliefde Oranjes zijn in deze peiling juist de minst streberige leden van het koninklijk huis, de uit het lood geslagen Oranjes, die bijna zijn bezweken onder hun positie, en die zich ook altijd uit het keurslijf hebben willen wringen, nu eens met pacifistische toespraken, dan weer met hulp van gebedsgenezing, of het wegwerpen van stropdassen.

Ook die sympathie met de beknelde leden van het koningshuis past natuurlijk bij een beroemdheidscultus waarin leed en ellende ten minste zo hoog scoren als succes en geluk. Maar dan nog. Het is iets anders dan de jeugdige euforie die de media alom met permanente hartmassage proberen op te wekken over het stralende bruidspaar. Terwijl Nederland een `ruk naar rechts' beleeft en op allerlei fronten conformistischer wordt, zijn het onder de Oranjes kennelijk juist de dissidenten en brekebenen die sympathie oproepen. Zo vervult het koningshuis toch nog een maatschappelijke functie.

Opvallend in de enquête van RTL is ook de scherp gedaalde populariteit van Willem-Alexander. De verklaring moet haast wel liggen in zijn gekrenkte macho-optreden in de verwikkelingen rond zijn Argentijnse schoonvader. De kroonprins sloot zich niet alleen aan bij het standpunt van zijn aanstaande dat het rapport-Baud `een mening' is onder vele, maar verdedigde zijn schoonvader bovendien met een drogredenering waarmee hij niet had mogen wegkomen: vader Zorreguieta had zelf destijds drie bekenden die waren verdwenen ongeschonden zien terugkomen, dus hoe kon hij nu weten dat anderen... enzovoorts. Bij alle schijnheiligheid die de postume opwinding over het Videla-regime in Nederland ook heeft gekenmerkt, is dit toch wel een heel slap, of arrogant, verweer.

Maar Willem-Alexander gelóóft in zijn schoonvader, en niet een beetje. Het straalt af van de vakantiekiekjes waarop de twee in een bootje door de Zuid-Amerikaanse wildernis peddelen. En het valt natuurlijk op te maken uit de bekende opmerking van Zorreguieta tegenover journalist Jan Thielen: `Alex begrijpt mij' (in: Jan Thielen, Zorreguieta, Mets & Schilt, 2001). Je zou bijna zeggen, de kroonprins, eindelijk weg uit de slagschaduw van zijn moeder, is ingeburgerd. Maar dan wel Argentijns ingeburgerd.

Dat heeft hem kennelijk niet bij iedereen populairder gemaakt, maar het werpt bovendien een interessant licht op het veelbesproken begrip `inburgering'. Er is een verschil tussen formele inburgering, dat wil zeggen het respecteren van onze rechtsorde en maatschappelijke inrichting, en materiële inburgering, het inhoudelijk delen van onze politieke of levensbeschouwelijke normen en waarden. Het eerste mag van iedereen in dit land worden verlangd, het tweede niet, want eenvormigheid in levensbeschouwelijke normen en waarden strookt nu juist niet met het karakter van een open, pluralistische samenleving. Iedereen moet zich aan de wet houden, maar niet iedereen hoeft een sleeënde VVD'er te zijn, of een monoculturele CDA'er. Hier komt het belangrijke verschil naar voren tussen integratie en assimilatie.

Gelukkig hebben we onze kroonprins nog, om ons aan dat verschil te herinneren. Hij respecteert onze rechtsorde, maar verdedigt zonder met zijn ogen te knipperen een `foute' schoonvader. Terwijl de smaakmakers in Nederland elkaar verdringen om te roepen dat het multiculturalisme voorbij is, en dat het hoog tijd wordt dat nieuwkomers zich echt eens aan onze normen en waarden aanpassen, geeft de elite bij monde van de prins van Oranje het omgekeerde voorbeeld, en burgert zichzelf achterstevoren in, of uit. Leve Willem IV, de laatste multiculturalist.