Wonderlijke reserves redden Barejev

Bij het ingaan van het laatste weekeinde van het Corus schaaktoernooi hadden de organisatoren alle reden om rekening te houden met een doemscenario. De favorieten voor de eindzege zaten zo dicht op elkaar dat zelfs vijf winnaars tot de mogelijkheden behoorde. Die vrees was ongegrond. Evgeni Barejev beschikte over wonderlijke reserves, won zijn laatste twee partijen en eiste alleen de hoofdprijs op.

Barejevs overwinning werd met instemming begroet. In twee weken tijd wist de 35-jarige Moskoviet met zijn onverzettelijke speelstijl en zijn aparte gevoel voor humor in Wijk aan Zee alom sympathie te verwerven. Van een kleurloze Rus groeide hij uit tot een dijk van een schaker die zijn prestaties ook nog eens op onnavolgbare wijze wist te relativeren.

Ook op de persconferentie stelde hij niet teleur. Vertederd en op voorhand geamuseerd luisterden de aanwezigen hoe de toernooiwinnaar zijn gehoor bespeelde met nietszeggende of verwarrende antwoorden. Gaf hij de voorkeur aan het klassieke speeltempo dat hier gehanteerd werd boven het snelle tempo van het FIDE-wereldkampioenschap? ,,In het algemeen houd ik van speeltempo's waarbij beide spelers evenveel tijd krijgen.'' Ziet u deze overwinning als een revanche voor de finale die u hier in 1995 verloor? ,,Nee, ik vond het toen helemaal niet erg om te verliezen en was heel tevreden met mijn tweede plaats.'' Heeft u ook nog hobby's? ,,Nee, want anders moet ik gaan vertellen wat die hobby's zijn.'' Veel wijzer werd je er niet van, maar iedereen genoot.

In een van de zijkamertjes in De Moriaan geeft Barejev even later toe dat hij dit soort publieke ondervragingen maar gek vindt. Hij houdt meer van gesprekken en dan luistert hij het liefst. Na de ronkende en zelfverzekerde commentaren van Kasparov, die hier de afgelopen drie jaar alleenheerser was, is zijn terughoudendheid een verademing. ,,Er waren zes of zeven spelers die konden winnen. Als we het toernooi nog eens zouden spelen, zou ik net zo goed in de middenmoot kunnen eindigen.''

Het bevreemdt hem dat zo'n eerste plaats als een hoogtepunt in zijn carrière wordt gezien. Alsof hij uit het niets komt. Is het dan niemand opgevallen dat hij anderhalf jaar geleden in het World Cup-toernooi in Shenyang de finale bereikte waar hij verloor van Anand? Of dat hij begin vorig jaar in Cannes ook pas in de finale struikelde, dit keer tegen Kasparov? Dat zijn zinnige kanttekeningen, maar hij weet toch ook wel dat zo'n eerste plaats interessante uitnodigingen kan opleveren? Onbewogen kijkt hij voor zich uit. ,,Misschien word ik wel gevraagd voor een toernooi met Kasparov, Kramnik of Anand'', zegt Barejev. ,,Moet ik daar blij mee zijn? Dat brengt alleen maar grote spanningen met zich mee, terwijl ik ook thuis zou kunnen zitten, genietend van een goed leven.'' De tegenwerping dat hij niet klinkt als een ambitieuze professional doet hem weinig. ,,Ik schaak graag, maar wel het liefst in een toernooi als dit, waar ik een kans heb om te winnen.''

Barejevs bescheidenheid sierde hem, maar deed geen recht aan zijn prestaties in de slotrondes. Uiterlijk onberoerd door de pijnlijke nederlaag die hij vrijdag tegen Chalifman leed, dwong hij eerst in een meeslepende partij Joel Lautier op de knieën om vervolgens op de slotdag een wilde aanval van Rustam Kasimdzhanov onbarmhartig af te straffen. Vooral het marathongevecht tegen Lautier maakte indruk. Wonderlijk genoeg ook op de winnaar zelf, die het zijn beste partij noemde. Dat het een zware klus was geweest, omdat Lautier een goede vriend van hem is, weersprak Barejev. ,,Dat speelde geen rol. Ik zie nooit tegen wie ik speel. Ik doe alleen maar zetten.''

Lautier had een belangrijke stem in de verdeling van de prijzen. In de laatste ronde nam hij het op tegen Alexander Grisjoek, de 18-jarige debutant die met zijn frisse aanvalsspel misschien nog wel meer harten won in Wijk aan Zee dan de toernooiwinnaar. Grisjoek wordt door velen gezien als een talent dat het spoedig zal kunnen opnemen tegen de allerbesten. Zaterdag hield hij gelijke tred met Barejev door Alexander Chalifman, die nog geen partij had verloren, in vloeiende stijl onder de voet te lopen. Met evenveel enthousiasme nam hij ondanks het nadeel van de zwarte stukken ook tegen Lautier het heft in handen. Lange tijd leek hij op winst te staan, maar na een taaie verdediging van de witspeler moest hij genoegen nemen met remise en een tweede plaats.