Pcb-besmetting van Belgische kippen

In België zijn zo'n 14.000 kippen met hoge gehaltes aan pcb's in de verkoop gekomen. De kippenbesmetting was echter lang niet zo ernstig als in 1999, toen in Belgische kippen dioxine werd aangetroffen. Minister Magda Aelvoet (Volksgezondheid) zei dit weekeinde dat er ,,geen risico'' voor de volksgezondheid was wegens de lage concentraties pcb.

In 1999 leidde de besmetting van kippen met dioxine nog tot het aftreden van een minister en mede tot de verkiezingsnederlaag van de zittende coalitie. Na de dioxinecrisis, die België een slecht imago bezorgde, werden controlesystemen versterkt en kwam er ook een Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid (FAVV).

Het FAVV erkende dit weekeinde dat de controles bij de huidige besmetting traag zijn verlopen. De pcb was aangetroffen bij een veevoederbedrijf in het West-Vlaamse Roeselare. Na een steekproef op 8 januari was het resultaat pas na tien dagen bekend. Volgens het FAVV kwam dat door de achterstand van het laboratorium, waar na de feestdagen veel andere testen moesten worden uitgevoerd.

Volgens minister Aelvoet heeft het controlesysteem toch gewerkt. ,,In een week hadden we de hele zaak onder controle. Het heeft dus geen maanden geduurd, zoals bij de vorige crisis in 1999'', aldus de minister op een persconferentie. Zo kon het veevoederbedrijf direct een klantenlijst geven en werden 19 `kippenfarms' geblokkeerd. Volgens analyses van met pcb besmet kippenvlees lag de concentratie bij een deel boven de norm van 200 microgram per kilo, maar onder de 500 microgram waarvoor een alarm geldt. Supermarkten klaagden dit weekeinde dat ze te laat zijn ingelicht.