Strabeek - Windraak

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week 15 km in Limburg, een deel van het Pieterpad

De gevelsteen van de dichtgespijkerde boerderij verwijst niet naar een hard maar eerlijk bestaan, evenmin viert hij Hemelse Heerlijkheden. Hij maant om toch alsjeblieft niet alleen te werken en te bidden. `Les charmes de la campagne - 1857' zegt hij. Meer niet. Het bedrijf is zo te zien allang ter ziele, de boerderij een ruïne, eenzaam in een plooi van het heuvelende Limburgse land. Maar `les charmes' bleven en het is een zoete plicht om ervan te genieten.

Dat kan door een stukje van het Pieterpad te belopen, de wandelroute die de Zuidlimburgse Sint-Pietersberg verbindt met het Groningse Pieterburen. Het Pieterpad is een groot succes. Anders dan op de andere routes kom je nogal eens iemand tegen met hetzelfde boekje in de hand en de markering met de roodwitte `vlaggetjes' is zo goed onderhouden dat het bijna te veel wordt. Vier merktekens op één kruising, hoepel op, zeg. Dan zál ik even verdwalen, wat dan nog?

Het bos, Ravensbos heet het, wordt mooi van de regen. De rechte stammen staan in groenglanzende tule, gele blaadjes glimmen op het water van de vennen en plasjes. Het is er bijna warm. Wordt het al lente?

Welnee.

Over de veldweggetjes bij Schimmert blaast de wind van zich af en de holle wegen, diep uitgesleten tussen vochtige wallekanten, versterken zijn geraas in hun bochten. Een van de plensbuien gaat zo tekeer dat we blij zijn dat we kunnen schuilen in een fietsenhok bij de spoorwegovergang van Spaubeek.

De zon breekt door het grijs en zet de stoppels op de akkers in een scherpe gloed. Zwermen vogels met lichte buiken vliegen in een bezeten kluit met de wind mee, keren met piepende remmen en strijken, de kopjes naar de zon, neer in een boom die daardoor ineens in het blad lijkt te zitten.

Aan de horizon duikt een ruiter op. Hij berijdt een enorm zwart paard, soms in draf, meestal straf stapvoets. De ene keer rijdt hij zo vlakbij dat je de `sokken' van het paard om zijn hoeven ziet deinen, dan ineens is hij weer ver, een dreigend silhouet. Hij neemt bezit van het land, deze vervaarlijke zwarte rijder. Als ik een hobbit was, dook ik weg.

De klonten modder op onze kuiten drogen op. Terwijl er een regenboog groeit boven de kale bongerds, voel ik mijn spieren. Limburg is stijgen en dalen.

Na de wandeling gaan we in Sittard in Museum Het Domein kijken naar de Tarim Machine van de raadselachtige kunstenaar Gerrit van Bakel (1943-1984). Het is een machtige constructie: acht stalen buizen gevuld met olie, op vele elegante ronde stapvoeten. Een loopmachine, ontworpen door Van Bakel om, op basis van temperatuurverschillen tussen nacht en dag, ooit het Tarimbekken in Noord-Tibet te doorkruisen. Dat is nog eens wandelen.

Kaart 43 t/m 46 uit: Toos Goorhuis-Tjalsma en Bertje Jens: Pieterpad, traject II, LAW 9'', traject: 16 km. Uitg. NIVON. In Valkenburg en in Sittard zijn NS-stations. Inl. over busdiensten tel. 0900 9292.

De machines van Gerrit van Bakel zijn tot en met 17 maart te zien in Sittard. Inl. tel. 0464513460.