Steeds die vraag op kinder-ic: heb je plek?

Het tekort aan bedden op de kinder-intensive care's kost mensenlevens, constateren de artsen in het Nijmeegse UMC St Radboud. Alleen minister Borst wil het niet zien.

Dokter L. van 't Hek trekt zijn bruine agenda. ,,Wilt u het slechtste voorbeeld?'' Achterin de agenda van de kinderarts-intensivist staan alle patiënten voor wie de afgelopen weken geen plek was op de kinder-intensive care van het Nijmeegse UMC St Radboud. Het zijn er zeventien deze maand, tegenover 55 in de maand december. ,,Hier. Een meisje. Twee jaar oud. Bijna verdronken en daarna gereanimeerd. Schrijnend, maar wij hadden geen plek. Geen idee wat er van haar geworden is.''

Als de manier waarop Van 't Hek uit de agenda leest afstandelijk lijkt, dan is dat schijn. Elke keer dat de kinderarts-intensivisten `nee' moeten verkopen, hebben ze het gevoel dat ze een doodvonnis tekenen. ,,Je wijst niet emotieloos een kind af, wetende dat het mogelijk twee uur later overlijdt'', zegt internist-intensivist J. Verwiel.

Het huidige tekort aan ic-bedden voor kinderen kost mensenlevens, constateren de artsen in het Nijmeegse ziekenhuis. Het UMC St Radboud is een van de acht academische ziekenhuizen met speciale bedden (elf in Nijmegen) voor kinderen, enkele weken tot zestien jaar oud, die in levensgevaar verkeren. In andere ziekenhuizen met een intensive care voor volwassenen, kunnen ze minder goed geholpen worden. Omdat de faciliteiten minder geschikt zijn (de infusen zijn bijvoorbeeld te dik) en omdat het ziekenhuis weinig of geen gespecialiseerd personeel ter beschikking heeft.

Nederland telt 79 ic-bedden voor kinderen. Eigenlijk zijn het er 91, maar door geld- en personeelsgebrek staan er twaalf continu leeg. De vraag overtreft het aanbod met een kwart. Van de 4.655 kinderen die jaarlijks moeten worden opgenomen, is er voor 1.000 geen plaats, becijferde de Inspectie voor de Gezondheidszorg eerder deze week. In Nijmegen wordt de dienstdoende opname-coördinator gemiddeld zo'n twintig maal per dag gebeld, zowel voor volwassenen als voor kinderen. `Heb je plek?' Niet alleen collega-artsen uit de regio stellen die vraag, maar ook artsen van ziekenhuizen uit bijvoorbeeld Noord-Holland of uit Duitsland. ,,Wij laten de tijdsfactor bepalend zijn'', zegt E. van Leeuwen, hoofd van de intensive-care in Nijmegen. Wie om drie uur 's nachts belt, krijgt zonodig het laatste bed. Wie om vijf over drie belt heeft pech. Ook al is de gezondheidstoestand van die patiënt nog nijpender.

In Nijmegen maken ze bewust geen medisch inhoudelijke keuzes tussen twee patiënten die een ic-bed nodig hebben. Een kind in levensgevaar kan komen, als er plek is. Leeftijd, geslacht of woonplaats speelt geen rol. ,,Wij spelen niet voor God, wij willen doktertje spelen'', zegt Van `t Hek. Wel moet er kans op genezing zijn. Een terminaal, uitbehandeld kankerpatiëntje wordt niet opgenomen.

Minister Borst heeft na het rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg 23 extra bedden toegezegd. De extra capaciteit en de komst van enkele honderden ic-verpleegkundigen in opleiding, moeten het probleem ondervangen. Daarnaast, concludeert Borst, moeten ziekenhuizen elkaar beter informeren over lege bedden en het geld dat ze voor kinder-ic's krijgen ook daadwerkelijk voor dat doel gebruiken

Borst, zeggen de kinderartsen-intensivisten in Nijmegen, heeft geen goed zicht op de de werkelijkheid. In Nijmegen lag de bezettingsgraad van de bedden op de kinder-ic in 2001 op 84 procent, ruim boven de norm van 80. Nog hoger is niet mogelijk, er moet altijd enige speling zijn voor acute opnames. En er staat geen bed onnodig leeg, verzekert afdelingshoofd Van Leeuwen. Het overleggen met andere ziekenhuizen en de eigen verpleegafdelingen van het St Radboud is een dagtaak. Het wikken en wegen van de in- en uitstroom is een vak apart. ,,Dat doe je niet tussen de soep en de aardappels door'', zegt Verwiel.

Dat de minister compleet voorbijgaat aan de inzet en creativiteit die nodig is om het probleem niet nog groter te laten worden, steekt de Nijmeegse artsen. De opnamecoördinator maakt geregeld midden in de nacht een bed vrij om vervolgens met de hoogste spoed per ambulance een kind uit een ander ziekenhuis op te halen. Van 't Hek is de laatste keer vier maal geflitst.

Het transport is de achilleshiel in de keten van intensive care voor kinderen. Als er al een ambulance is, is het nog maar de vraag of er een kinderarts beschikbaar is die het transport kan begeleiden. Iedere arts die met een transport meegaat, wordt gemist in het eigen ziekenhuis.

Het capaciteitsprobleem is al meer dan tien jaar oud, dat los je niet op met een zak geld, voorspellen de Nijmeegse kinderartsen. Er moeten namelijk wel mensen zijn om de extra arbeidsplaatsen te bezetten. Nu al verloopt de werving moeizaam. ,,Er zijn geen ic-verpleegkundigen in Nederland te vinden'', zegt afdelingshoofd Van Leeuwen. Van de drie opleidingsplaatsen voor kinder-ic-verpleegkundigen blijft er dit jaar in Nijmegen één onbenut. Geen belangstelling. Het is niet voor niets dat van de 35 geregistreerde kinderarts-intensivisten in Nederland er elf alweer zijn afgehaakt. Burn-out, denken ze in Nijmegen.

De mentale druk en het noodgedwongen 'nee' verkopen, veroorzaakt spanningen, zegt Van Leeuwen, tevens voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Intensive Care, de beroepsvereniging voor intensivisten. ,,Bevriende artsen bekvechten omdat ze elkaar niet kunnen helpen. Dat is de praktijk.''

Artsen die op zoek naar een ic-bed telkens zonder resultaat met een doodziek kind moeten leuren, raken gefrustreerd. ,,De neiging om te zoeken wordt afgeremd'', constateert internist-intensivist Verwiel. Dit leidt er toe dat er in ziekenhuizen her en der in het land kinderen op afdelingen liggen waar ze eigenlijk niet thuis horen. Met alle fatale gevolgen van dien.

De Nijmeegse artsen vinden het `flauw' dat minister Borst zegt niets af te weten van kinderen die sterven door een gebrek aan ic-bedden. Zij sluit haar ogen voor de werkelijkheid, zegt Van 't Hek. Conform het advies van de beroepsgroep geeft hij de schrijnende gevallen uit zijn bruine agenda voortaan door aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Misschien dat dan de ernst van de situatie in Den Haag doordringt.