Ook religie kan niet op tegen de realiteit

Deze Winterspelen moesten het toonbeeld van zuiverheid worden. Maar nu beseft de organisatie dat de werkelijkheid anders zal zijn.

Salt Lake City, stad in de Amerikaanse staat Utah, residentie van de Heiligen der Laatste Dagen, heeft vanaf de eerste week van februari 2002 zijn poorten geopend voor de olympische familie. Niet iedereen is welkom, zeker niet degenen die een gevaar voor het Amerikaanse welbevinden en voor het welslagen van de Winterspelen lijken te zijn. Maar verder mag iedereen die belang heeft bij de medaillejachten op sneeuw en ijs zich verheugen op een warme ontvangst met Amerikaanse allure.

De organisatoren van Salt Lake City 2002 presenteren zich naar verwachting als hemelbewaarders. Buigend als een knipmes en lachend als een Barbiepop worden de gasten die geen anti-Amerikaanse sympathieën koesteren verwelkomd. Geen sneeuwhelling in de bergen en geen ijsvlakte in de stad zal vervuild zijn. Salt Lake City moet schoon zijn en zuiver. Na alles wat is gebeurd rondom Salt Lake City om de Winterspelen in huis te krijgen en na alles wat de Verenigde Staten is overkomen op en na 11 september, is de organisatie gebaat bij schoonheid en zuiverheid.

Waarom juist de kandidatuur van Salt Lake City de zuiverheid van de olympische beweging ter discussie heeft gesteld, weet alleen God. Althans, dat zou de lezing kunnen zijn van Gordon B. Hinckley, de leider van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Een jaar geleden predikte hij: ,,We zullen een stad bouwen en een tempel voor de hoogste God. Koningen en keizers, de nobelen en de wijzen der aarde zullen hier op bezoek komen, terwijl de zondigen en de goddelozen ons zullen benijden om ons comfort en onze bezittingen.''

Het was weliswaar een citaat uit een profetie van een van zijn voorgangers, Brigham Young, maar het werd toch maar gezegd door Hinckley. Alsof hij er een jaar voor de Winterspelen van was doordrongen dat de zuivering van het Internationaal Olympisch Comité geen toeval is geweest, nadat uit Salt Lake City het eerste signaal van omkoping van olympische leden was gekomen. Salt Lake City zou het begin zijn van een gezuiverde olympische beweging, wist Hinckly.

Een jaar later stellen de volgelingen van geschiedschrijver Mormon zich aanzienlijk bescheidener op ten aanzien van het belang van de Winterspelen. Het olympische toernooi mag niet te nadrukkelijk worden geassocieerd met deze religieuze beweging. Agressieve promotie moet ten tijde van de Spelen worden vermeden. Dat zou de kerk meer kwaad dan goed kunnen doen, liet woordvoerder Michael Otterson deze week in een schriftelijke verklaring weten. Hij legde uit aan het Amerikaanse televisienetwerk NBC dat van commercials tijdens de Winterspelen wordt afgezien.

Tot voor kort werden alle journalisten die voor de Winterspelen waren geaccrediteerd, bestookt met e-mails vol verwijzingen naar artikelen over de Kerk van Jezus Christus. Dat is voorbij. Ook kerkelijk leider Hinckley is op zijn schreden teruggekeerd. Hij heeft er bij de kerkgangers op aangedrongen bezoekers van Salt Lake City niet te nadrukkelijk in hun uniform (zwart pak, wit overhemd, knellende stropdas, naamkaartje) tegemoet te treden en te overweldigen met schrifturen uit het Book of Mormon. Volgens de socioloog en theoloog Rodney Stark hebben de mormonen de laatste honderdvijftig jaar (de hele mormonengeschiedenis) ,,te veel negatieve pers'' gehad.

De mormonen zullen er niettemin veel aan doen om van de Winterspelen de greatest show on earth te maken, nog groter, nog spectaculairder dan Olympische Spelen al plegen te zijn. In de hoop dat Salt Lake City na de Spelen te boek zal staan als een heilige stad, een bedevaartsoord voor alleman. Toch staan de zuiverheid van de sportgemeenschap in het algemeen en die van de samenleving in het bijzonder niet op het spel. Dat beseffen de organisatoren en het IOC ook wel. Gerotzooid wordt er toch. Sponsoren met grote belangen verdringen zich in en rondom de arena's of beïnvloeden de televisiemaatschappijen. Ondanks verscherpte dopingcontroles is gebruik van stimulerende middelen door sporters onvermijdelijk, zolang materieel gewin en narcisme niet uit de menselijke geest zijn verdwenen.

Wanneer skiërs met hun spieren en gewrichten de snelheid van hun ski's als gevolg van de technologische ontwikkeling niet meer kunnen beheersen, wat moeten ze dan anders dan spierversterkers slikken? Wanneer sleetjerijders nog sneller door het ijskanaal willen glijden, moeten ze dan afzien van middelen die hun neurotransmitters beïnvloeden? En schaatsers. Wat moeten de Nederlanders wanneer ze door schaatsers uit niet-schaatslanden op hun huid worden gezeten? Zijn klapschaatsen en condoompakken dan voldoende? Nee, dan zoeken ze naar voedingssupplementen die nog niet op de verboden lijst staan, al is het alleen maar om het Nederlandse volk te verblijden met medailles.

Ergens op een industrieterrein in Salt Lake City mogen de schaatsers in een fabriekshal de jacht op medailles openen. Schaatsen mag dan in Nederland voor euforische taferelen zorgen, op de Winterspelen is schaatsen een non-event. Wereldrecords worden vast en zeker gebroken, alleen al door het bijzondere ijs op de uitzonderlijke hoogte van Utah. Maar alleen wanneer Amerikanen de toon zetten, zal schaatsen in Salt Lake City en omgeving voor opschudding zorgen. Chauvinistische motieven spelen de hoofdrol. Vandaar dat Noord-Amerikaanse kunstrijdsters en ijshockeyers het hoofdprogramma mogen verzorgen en op prime time op televisie komen een voorwaarde van de adverteerders.

Salt Lake City, stad aan de boorden van de zoutvlakten waar snelheidsrecords in auto's en op fietsen werden gevestigd, belooft sportemoties die nog bijna geen mens heeft kunnen beschrijven. Michelle Kwan, de Chinees-Amerikaanse kunstrijdster, wordt de Koningin van Salt Lake City. Tranen van gelukzaligheid zullen weer vloeien op de pistes en in de arena's, onvermijdelijk van heel dichtbij gadegeslagen door Amerikaanse televisiecamera's.

Wanneer de Amerikaanse president George W. Bush net als bij de openingsplechtigheid bij de sluitingsceremonie aanwezig is (waarom niet?) en wordt geflankeerd door IOC-voorzitter Jacques Rogge, organisator Mitt Romney en mormonen-voorganger Gordon B. Hinckly zal hij bij het welslagen van de Spelen vast en zeker zeggen dat de Amerikaanse vredesmissie is gelukt. Mogelijk dat Hinckley nog eens herinnert aan de laatste leerstelling van de zijn Kerk: ,,Wij geloven eerlijk te moeten zijn, trouw, kuis, welwillend, deugdzaam en goed te moeten doen aan alle mensen; met recht mogen we zeggen dat we de aansporing van Paulus volgen: wij geloven alle dingen, wij hebben veel dingen verdragen en hopen alle dingen te kunnen verdragen. Als er iets deugdelijk, liefelijk, eervol of prijzenswaardig is, dan streven wij dat na.''

Jacqes Rogge weet waaraan hij afgelopen zomer is begonnen als voorzitter van het IOC. De jacht op goud heeft vele kenmerken, maar in Salt Lake City wordt de Belg geconfronteerd met een nieuwe vorm van sportbeleving. Sport en politiek krijgen nadrukkelijk gezelschap van religie, hoe bescheiden de Heiligen der Laatste Dagen zich ook opstellen.

Een gouden medaille zal meer dan voorheen van hemelse waarde zijn.