Mengeling van carnaval en topsport

Toen Ulbe Zwaga een jaar of dertien was, voer hij mee op het Leeuwarder skûtsje van zijn vader. Er ging iets mis, hij kwam knel te zitten met zijn linkerhand. In het ziekenhuis werd een deel van zijn wijsvinger geamputeerd.

Vader Zwaga zeilde gewoon door. ,,Op de operatietafel hoorde ik dat hij tweede was geworden'', lacht Zwaga. National Geographic Channel maakte een eigen productie over het kampioenschap hardzeilen van veertien oude Friese vrachtschepen. De zender wil regionale gebruiken belichten om de ,,geografische kennis'' te verspreiden. Het zeilevenement, dat al meer dan vijftig jaar plaatsvindt op de Friese meren, trekt jaarlijks tienduizenden toeschouwers uit binnen- en buitenland. Het skûtsjesilen is een mengeling van Fries carnaval en topsport. Maar het is tevens een wereld van ,,ons kent ons'', waar het fanatisme hoogtij viert. Al deze aspecten komen in de documentaire aan bod, waardoor een redelijk compleet beeld ontstaat. Zwaga, telg uit een oud skûtsjegeslacht en Allard Sijperda van het Heerenveense skûtsje worden gevolgd bij de voorbereidingen op het zeilkampioenschap. Die beginnen al in de wintermaanden, als een commissie de zeilschepen inspecteert. Aan de skûtsjes worden namelijk strenge eisen gesteld. De documentairemakers wilden laten zien wat het unieke is aan het kampioenschap en brengen karakteristieke details in beeld. Een bemanningslid krijgt een tik van een giek en raakt even buiten westen. Een ander slaat overboord, wordt opgevist door de reddingsboot en vervolgens weer aan boord gezet. ,,Even een droog T-shirt voor die man'', is het koele commentaar. De documentaire toont dat het er ruig aan toe gaat aan boord. Op het water wordt fiks op tegenstanders gescholden, de rode protestvlaggen worden geregeld gehesen, maar na afloop drinken de schippers samen een pilsje of Beerenburger. Lodewijk Meeter jr. (bijnaam Lodewijk de Veertiende, vanwege zijn vrijwel altijd laatste plaats) krijgt er van langs van zijn vader, die ooit een succesvol skûtsjeschipper was. Meeter sr. voer ooit mee om zijn zoon tips aan de hand te doen. Maar zoonlief riep steevast ,,bek dicht''. Meeter sr. vertelt het hoofdschuddend. Hij weet: op een skûtsje is er maar één de baas en dat is de schipper. Van de 140 bemanningsleden zijn er vijf vrouw. Eva Groenewoud van het Huizumer skûtsje noemt de wereld van het skûtsjesilen een ,,machocultuur''. ,,Als vrouw kom je fysiek tekort.'' Het is jammer dat er op dit soort meningen niet verder wordt ingegaan. Zoals het ook spijtig is dat de schippers niet in het Fries de voertaal aan boord worden geïnterviewd. Want een skutsjeschipper die Nederlands spreekt doet toch wat geforceerd aan.

Skûtsjesilen: hardzeilen. National Geographic, 22.00-23.00u.