Veel woorden en minder daden

De Rotterdamse gemeenteraad blikte gisteravond terug op vier jaar PvdA, VVD, CDA en GroenLinks in het college.

Het begon vier jaar geleden met twaalf programma's, evenzoveel programmamanagers, negen uitvoeringsprogramma's en meer dan dertig bakens, doelstellingen waaraan het beleid na verloop van tijd kon worden getoetst.

Anderhalf jaar later kwam de `stedelijke visie' van de minister van Grotestedenbeleid. En pasten de Rotterdamse PvdA-burgemeester Bram Peper en zijn wethouders van PvdA, VVD, CDA en GroenLinks de organisatie aan. Er kwam een structuur van drie pijlers, de economische, de fysieke en de sociale, en een `wijkaanpak' met onderdelen uit de pijlers en de programma's.

Gisteravond behandelde de Rotterdamse raad de nota Woorden én Daden, waarin het college terugblikt op de afgelopen vier jaar. Uit de conclusies: ,,De opzet van de programmastructuur, die deels haaks op de ambtelijke organisatie stond, heeft eerder tot verwarring dan tot slagkracht geleid.'' Natuurlijk kon het college niet weten dat er ook nog eens een stedelijke visie zou komen, ,,met ook weer organisatorische consequenties in de vorm van een pijlerstructuur''. Het laat onverlet ,,dat wij werkende weg tot de conclusie zijn gekomen dat wij het allemaal wel erg ingewikkeld hebben gemaakt''.

In Rotterdam zeggen ze waar het op staat. Ook het gemeentebestuur. Een ,,terugblik op z'n Rotterdams'' is niet bedoeld om ,,om te kijken in een sfeer van zelfgenoegzaamheid'' maar om ,,te ontdekken wat er in het gemeentelijke beleid goed is gegaan en wat niet'', aldus het college in de nota.

Goed gingen: de werkgelegenheid (10.000 nieuwe banen, ,,ook dankzij het economisch tij''), het toerisme, het onderwijs (meer allochtonen in het beroepsonderwijs, iets betere Cito-scores), de stedenbouwkundige ingrepen.

Niet goed gingen: de reinheid (voor hondenpoep ,,is het helaas niet gelukt met een door alle bestuurlijke partijen gedragen beleidsvoorstel te komen''), de veiligheid en de bestuurlijke dienstbaarheid. Uit de nota: ,,Het gebruik van servicenormen en de aandacht voor klachtenafhandeling is nog geen onlosmakelijk deel van de bedrijfsvoering geworden''.

En wat vonden de partijen?

Zij prezen ,,het beleid van verantwoording afleggen'' van het college. PvdA-fractievoorzitter Cremers: ,,Rotterdam loopt voorop. Houen zo.'' En als ze wethouders in het college hadden zitten, dan gaven ze het college ,,een ruime voldoende'' (Cremers) of ,,een dikke zeven'' (Van Duin, VVD). Maar ook gaven ze toe dat ,,wij nog niet altijd kunnen uitvoeren wat we willen''. Schoonheid, heelheid en veiligheid ,,moeten in de volgende collegeperiode topprioriteiten worden'' (Cremers).

Als ze geen wethouders in het college hadden zitten, waren ze kritischer. ,,Een vier'', meende SP-voorman Cornelissen. ,,Er moet veel meer geld naar de sociale infrastructuur dan naar beton en glas, anders liggen de daklozen straks onder de champagneglazen van het nieuwe centraal station.'' Kneepkens, Stadspartij Rotterdam: ,,Er komt te veel papier langs. Allemaal plannen.'' Van Ravesteyn, D66: ,,De ambities waren te hoog. De programma's te ingewikkeld.''

En dan kwam er vorig jaar nóg een plan bij, van Pepers opvolger Opstelten (VVD). Het Vijfjarenplan Veilig, ,,een systematische en structurele aanpak in plaats van een projectmatige'', aldus Woorden én Daden. Over dat nieuwe plan wilde gisteravond nog niemand oordelen. Maar voorlopig is het wel het láátste plan. Opstelten: ,,We moeten in deze stad niet steeds opnieuw beleid bedenken.'' Ook de PvdA, 15 van de 45 raadszetels en drie van de zeven wethouders, is die mening intussen toegedaan. Veel gedaan, veel te doen wordt straks de verkiezingsleus.

En de burgers? De publieke tribune was tijdens het verantwoordingsdebat leeg.