Peking doet Taiwan een handreiking

China heeft zijn standpunt ten aanzien van Taiwan enigszins afgezwakt en leden van de DPP, de partij die een uitgesproken voorstander was van de onafhankelijkheid van het eiland, uitgenodigd voor een bezoek.

De uitnodiging, gedaan door de Chinese vice-premier Qian Qichen, is volgens hem een ,,handreiking die Taiwan niet mag laten schieten''.

Het initiatief is opmerkelijk omdat China de Democratische progressieve partij (DPP) van de Taiwanese president Chen Shui-bian tot dusver heeft gemeden als de pest. China beschouwt Taiwan als een afvallig deel van de Volksrepubliek dat zich uiteindelijk dient aan te sluiten bij het Chinese moederland. De status van het eiland is voor Peking een bijna heilige kwestie waarover geen compromissen bestaan.

Maar, aldus Qian, ,,we zijn van mening dat een groot onderscheid bestaat tussen de meerderheid van de DPP-leden en een heel kleine groep van stijfkoppige activisten die voor de onafhankelijkheid van Taiwan zijn.'' Derhalve acht Qian het gepast gematigde DPP'ers uit te nodigen ,,om rond te reizen voor een bezoek ter bevordering van het begrip'', aldus Qian.

Het begrip van Qian gaat echter niet zover dat hij terugkomt op het één-China-beginsel. Dat beginsel, aldus Qian, blijft als uitgangspunt voor de betrekkingen met Taiwan stevig overeind. Principiële verdeeldheid over het één-China-beginsel – volgens Peking is er slechts één China en daar dient Taiwan zich aan te onderwerpen – staat verbroedering aan beide zijden van de Straat van Taiwan al meer dan een halve eeuw in de weg.

Op Taiwan is voorzichtig positief op het nieuws gereageerd. ,,Wat de reden ook kan zijn van de verandering van het standpunt van de Communistische partij, we verwelkomen het als het het wederzijds begrip kan bevorderen'', aldus DPP-secretaris-generaal Wu Nai-jen. De DPP is al langer ontevreden over de toenadering tussen de Taiwanese oppositie en China. Op uitnodiging van Peking hebben steeds meer leden van de nationalistische Kwomintang, die een halve eeuw op Taiwan aan de macht is geweest, de Volksrepubliek aangedaan. Volgens Peking zijn de bezoeken uitsluitend bedoeld om wederzijds begrip te kweken. Maar de DPP vermoedt dat de communistische regering er verdeeldheid op het eiland mee probeert te zaaien.

Nu DPP-leden zelf worden uitgenodigd, lijkt toch sprake van begrip in Peking voor de bestaande realiteiten op het eiland. De DPP is de grootste partij in het parlement, heeft de president van het eiland geleverd en geniet een stabiele steun onder met name etnische Taiwanzen.

Schijn bedreigt, zeggen sommige waarnemers, de handreiking van Qian is niets meer dan een poging van Peking een goede sfeer te creëren voorafgaand aan het bezoek aan China van de Amerikaanse president George Bush. Evenals de kwestie Tibet is Taiwan een telkens terugkerend thema op de Chinees-Amerikaanse agenda. China heeft na een periode van tegenslagen behoefte aan overeenstemming met de Verenigde Staten. Peking lijkt zich te willen concentreren op andere onderwerpen, zoals de aanpak van Oeigoerse separatisten in West-China (als deel van de internationale strijd tegen de terreur) en de handel met Amerika. Het ogenschijnlijke begrip voor de DPP, de partij die Peking jarenlang hel en verdoemenis heeft gewenst, moet de kritiek van de VS doen verstommen.