Maatschappen voor de klas

Minister Hermans en staatssecretaris Adelmund (Onderwijs) zijn bereid scholen ruimte te geven om onderwijsmaatschappen in te huren. Op die manier kunnen zij onderwijs `kopen' van in een maatschap georganiseerde groep leraren. Ook willen zij scholen meer vrijheid geven om uitzendkrachten in te zetten voor de klas.

Dat schrijven de bewindslieden aan de Tweede Kamer. Zij reageren hiermee op een rapport van de Onderwijsraad, eerder deze maand. Hermans en Adelmund zien in het mogelijk maken van maatschappen een manier om het nijpende lerarentekort aan te pakken. Bovendien willen zij scholen meer vrijheid geven om zelf hun personeelszaken te regelen.

Leraren die zich in een maatschap hebben georganiseerd, verhuren zich aan een school, waardoor zij zich minder met de dagelijkse beslommeringen en regels bezig hoeven te houden. Het idee van een onderwijsmaatschap werd eind 2000 gelanceerd door bestuurskundige R. in 't Veld, die een parallel trekt met in maatschap georganiseerde advocaten en consultants.

De Onderwijsbonden zijn verdeeld over het inzetten van maatschappen op scholen. Volgens bestuurder W. Dresscher van de Algemene Onderwijsbond (AOb) is het een manier voor leraren om te ontkomen aan de ,,knellende organisatie op school''. ,,De leraar is steeds meer de uitvoerder van elders bedachte plannen geworden. Door zich in een maatschap te organiseren kan hij zich puur met lesgeven bezighouden.''

Onderwijsbond CNV is kritisch over het idee. ,,De financiële consequenties voor scholen kunnen groot zijn'', zegt bestuurslid J. Duinhouwer. ,,Er kan bovendien een sfeer van concurrentie gaan ontstaan als er leraren van verschillende maatschappen op één school lesgeven.''