Falende rechters in invoerhaven nr. 1

Hebben de ons omringende landen ook last van bolletjesslikkers en andere vormen van drugssmokkel? Alleen als ze luchtverbindingen onderhouden met Zuidamerikaanse landen, zo blijkt uit een kleine rondgang. Spanje spant daarbij de kroon, heeft daarnaast nog last van hasj-import uit Marokko en faalt dramatisch in de justitiële aanpak. Groot-Brittannië heeft met Jamaica wat Nederland heeft met Curaçao en Aruba. In België loste het probleem zich door het faillissement van chartermaatschappij City Bird vanzelf op. Duitsland worstelt ook; verdachten worden behandeld met een braakmiddel waaraan vorig jaar een negentienjarige jongen uit Kameroen overleed.

Carlos Ruiz Santamaróa, alias El Negro, was depressief geworden in de gevangenis. Somberheid, zelfmoordneigingen, enfin, alles wat een vrije jongen die goed was voor 52 ton gesmokkelde cocaïne in anderhalf jaar kan overkomen als je hem gedwongen tussen vier muren houdt. Als hoofdverdachte was hij in de zomer van 1999 opgepakt bij een drugsvangst van in totaal twaalf ton, een van de grootste uit de Spaanse politiegeschiedenis.

Zijn advocaten vroegen een rapport aan van de gevangenispsychiater, die de depressiviteit bevestigde. En vervolgens kreeg Carlos El Negro toestemming van de drie rechters die zijn zaak behandelen om op een borg van 30.000 euro de cel te verlaten. Dat was precies een maand geleden. Sindsdien is hij spoorloos.

Begin deze week startte het megaproces tegen de zevenendertig verdachten in de smokkelaffaire. Zonder Carlos. Zijn vlucht geldt als een van de grootste schandalen binnen de Spaanse rechterlijke macht. De centrale vraag is of de betrokken rechters omgekocht zijn of simpelweg niet goed bij hun hoofd. Maar de kwestie raakt ook het meer fundamentele onvermogen van de Spaanse rechtspraak om op efficiënte manier de massale smokkel van drugs aan te pakken. Deels heeft dat te maken met de kwaliteit van de rechters, deels met een chronische onderbezetting, deels met de complexe en achterhaalde organisatie en procedures.

Het is niet de eerste maal dat Spanje wordt opgeschrikt door een schandaal bij de vervolging van drugsbendes. Nog vers in het geheugen ligt de vlucht van Laureano Oubia, een drugsbaron die aan de Galicische kust een replica van het Britse kasteel Balmoral liet bouwen. Of de vrijspraak van kapo-collega Manuel Charlón, de leider van de ,,Charlón-clan'', nadat afgeluisterde telefoongesprekken op grond waarvan tegen Charlón een straf van 23 jaar was geëist plotseling niet als bewijslast werden geaccepteerd.

De grillige kusten in het noorden voor de cocaïne uit Colombia, de stranden in het zuiden voor de hasj uit Marokko: samen met Nederland geldt Spanje als invoerhaven nummer één van de drugshandel in Europa. Met regelmaat verschijnen er verhalen in de Spaanse pers over drugsopsporingen die op spectaculaire wijze in het honderd lopen, wat erop wijst dat de tactieken van de drugssmokkelaars zich nog steeds verder ontwikkelen.