Aanslag Omagh: Ier schuldig bevonden

Een dissidente Ierse republikein is gisteren in Dublin schuldig bevonden aan het voorbereiden van de bomaanslag in Omagh, met 31 doden en 300 gewonden de ergste terreurdaad uit de dertigjarige burgeroorlog in Noord-Ierland. Colm Murphy (55), een aannemer en bareigenaar uit Dundalk die eerder voor terrorisme gevangenisstraffen uitzat, hoort vrijdag welke straf hij krijgt. Dat kan levenslang zijn.

Murphy leende twee mobiele telefoons uit aan de eigenlijke bommenleggers. Hoewel hun identiteit vrijwel vaststaat, zijn die nog op vrije voeten, omdat er onvoldoende bewijs tegen ze is. De aanslag is opgeëist door de Real IRA, een groep dissidente republikeinen die het vredesproces in Noord-Ierland verwerpt en met geweld de hereniging van Ierland tot stand wil brengen.

Logboeken van de telefoonmaatschappij wezen uit dat Murphy's telefoons vanuit het grensgebied op de ochtend van de aanslag naar Omagh reisden en weer terug toen de bom was ontploft. De telefoons stonden bovendien met elkaar in verbinding, wat volgens de rechters ,,consistent'' was met een bekende procedure waarbij twee auto's worden gebruikt, één met de bom en één die vooruit rijdt om de weg te verkennen.

Murphy werd veroordeeld door drie rechters van een speciale Ierse rechtbank voor terreurzaken, het Special Criminal Court, opgericht in 1972. Die rechtbank voert processen zonder de gebruikelijke jury. Murphy is afkomstig uit South Armagh, een republikeins bolwerk in het zuiden van Ulster. In 1972 werd hij veroordeeld voor verboden wapenbezit en in 1976 voor het lidmaatschap van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA). In 1983 kreeg hij vijf jaar voor een poging om wapens vanuit de VS te smokkelen voor de INLA, een andere republikeinse terreurgroep.

John Reid, de Britse minister voor Noord-Ierland, noemde Murphy's veroordeling ,,een stap op weg naar gerechtigheid voor de slachtoffers van Omagh''. Nabestaanden waren al een civiele procedure begonnen tegen vijf mannen, onder wie Murphy, die ze verantwoordelijk houden voor de aanslag. Er bestaat ernstige kritiek op het strafrechtelijk onderzoek na de aanslag, waardoor cruciaal bewijsmateriaal onbruikbaar zou zijn geworden.