`Waar is ethiek biotechnologie?'

Het kabinet stelt onvoldoende voorwaarden aan de verdere ontwikkeling van biotechnologie, vindt de Tweede Kamer. ,,Alles hangt van de markt af.''

,,We moeten het debat naar een hogere standaard tillen,'' maande het staatkundig gereformeerde Tweede-Kamerlid Van der Vlies (SGP) gisteren in het debat in de Tweede Kamer over de toelaatbaarheid van gentechnologie. ,,Het gaat om de levenswerkelijkheid van planten, dieren en mensen, niet om wat we nu nog nét aanvaardbaar vinden.''

Maar daar ging het nu precies wel om voor de Kamerleden van de andere partijen en voor de vijf ministers Borst (Volksgezondheid), Pronk (Milieu), Brinkhorst (Landbouw), Jorritsma (Economische Zaken) en Hermans (Onderwijs en Wetenschappen) die gisteren naar de Tweede Kamer waren gekomen. Waar ligt de grens, is de belangrijkste vraag in het politieke debat dat zij deze weken `in algemene termen' voeren over de toepassing van genetische technologie in de geneeskunde, voedselvoorziening en landbouw in Nederland.

Over de grootste lijnen is, al langer, min of meer consensus: een vergaande ingreep als klonen van mensen blijft uit den boze, modificatie van dieren is nauwelijks bespreekbaar. Precies zoals Nederlanders dat volgens recent onderzoek van D66-senator Terlouw wensen, zijn afwegingen van nut en noodzaak voor het kabinet cruciaal om, onder voorwaarden, ruimte te maken voor genetische toepassingen en onderzoek in de gezondheidszorg en genetische modificatie van gewassen. Het kabinet heeft zijn opvattingen hierover samengevat onder het motto `voorzichtig voorwaarts' met biotechnologie.

Maar het kabinet is niet voorzichtig genoeg, bleek gisteren in de Kamer. Behalve VVD bleken gisteren alle partijen ontevreden met de onderbouwing van de voorwaarden die het kabinet verbindt aan de verdere ontwikkeling van biotechnologie. ,,Erg instrumenteel'', oordeelde PvdA-woordvoerder Feenstra. Volgens hem heeft de visie van het kabinet ,,de diepgang van een spoorboekje.'' Zijn teleurgestelde partijgenote Swildens zag ,,geen begin van een antwoord op de vraag: wat willen we voor soort samenleving; hier in ons land en daarbuiten.'' De afweging wat het kabinet toelaatbaar acht, ,,vindt nu alleen ad hoc plaats of helemaal niet,'' aldus Swildens.

Dat vindt het CDA ook. Woordvoerder Ross-van Dorp kritiseerde het gebrek aan een ,,ethisch toetsingskader.'' Het kabinet legt ,,eenzijdig de nadruk op het economisch nut'', aldus Ross, en geeft daarmee blijkt van ,,een benauwde opvatting over het publieke belang.'' Ook GroenLinks keerde zich tegen de ,,economische'' benadering van het kabinet.

In antwoord somde minister Pronk uitvoerig de criteria op waarop het kabinet bijvoorbeeld veldproeven met gentechgewassen beoordeelt: behalve nut ook milieu, veiligheid en ethische aanvaardbaarheid. Overigens hoeven veldproeven van kabinet en de meerderheid in de Kamer niet per definitie uit Nederland te worden geweerd. PvdA, CDA en VVD sluiten zich niet aan bij de suggestie van Terlouw dat Nederland ,,misschien wel'' te klein is om te voorkomen dat genetisch aangepaste gewassen mengen met niet-gemodificeerde gewassen.

Wel twijfelt de meerderheid van de Kamer of op lange termijn de keuzevrijheid van consumenten kan worden gegarandeerd. Dat is, samen met de garantie dat gentechtoepassingen veilig zijn als ze worden toegelaten, een van de centrale voorwaarden die het kabinet stelt. ChristenUnie-woordvoerder Stellingwerf verwoordde de vrees dat voedsel zonder genetisch aanpassingen wel eens heel duur zou kunnen worden. Maar de vrees dat de genetische revolutie in het voedsel zich even sluipend als onomkeerbaar voltrekt, is slechts voor een minderheid in de Kamer reden voorlopig echt `nee'te zeggen: dat doen alleen SGP, ChristenUnie, GroenLinks en SP.