Overnamegevecht in de cruisevaart laait hoog op

Het overnamegevecht rondom de cruisevaartmaatschappij P&O Princess bereikte gisteren een nieuwe climax toen het tweede, verhoogde overnamebod van de cruisevaartmaatschappij Carnival door P&O Princess werd afgewezen.

Dat betekent dat de kansen op de voorgenomen fusie tussen Royal Caribbean en P&O Princess flink zijn gestegen. De fusie van de nummers twee en drie zal Carnival van de eerste plaats in de wereld van de cruisevaartmaatschappijen verdringen.

Samen hebben Royal Carribean en Princess een vloot van 41 cruiseschepen, accomodatie voor in totaal 75.000 bedden, 40.000 man personeel, een omzet van vijf miljard dollar en drie miljoen passagiers.

Carnival, dat de 128 jaar oude Holland Amerika Lijn met tegenwoordig elf luxueuze cruiseschepen in zijn vloot heeft, en de 162 jaar oude Cunard-maatschappij (beroemd vanwege de Capathia, die in 1912 van de gezonken Titanic 703 mensen redde), heeft een vloot van 43 cruiseschepen.

Carnival biedt 4,98 miljard dollar (5,63 miljard euro) op P&O Princess, maar volgens de topman van Princess is dat nog steeds te weinig. Hij zal daarom bij zijn aandeelhouders krachtig aanbevelen dat zij het bod van Carnival afwijzen en de fusie met Royal Caribbean goedkeuren. Dat laat Carnival geen andere keus dan zich direct tot de aandeelhouders van Princess te wenden om zijn bod te bepleiten.

Carnival deed in december zijn eerste bod. Princess verwierp het, maar stelde zijn aandeelhoudersvergadering tot 18 januari jongstleden uit om Carnival de gelegenheid te geven met een beter bod te komen. Op de valreep kwam Carnival met zijn hoger bod, dat zondag na vijf uur vergaderen door het bestuur van Princess van de hand werd gewezen.

P&O Princess, met hoofdkantoor in Londen, vaart op Alaska, Europa, het Panamakanaal en exotische oorden. Het is in 2000 afgesplitst van de Peninsular and Oriental Steam Navigation Company, en kreeg toen als onafhankelijke maatschappij een beursnotering in Londen en New York.

Royal Caribbean, met hoofdkantoor in Miami, vaart over de hele wereld. Het werd in 1969 opgericht door drie Noorse rederijen. In 1998 fuseerde het met Admiral Cruises. Een van de drie rederijen kocht de andere twee uit. Twee nieuwe eigenaren kwamen erbij, de familie Pitzker, die de hotelketen Hyatt bezit, en de familie Ofer, eigenaar van een van de grootste rederijen ter wereld. In 1993 kreeg Royal Caribbean een notering aan Wall Street. In 1999 werd het door de Amerikaanse autoriteiten veroordeeld tot een boete van 18 miljoen dollar omdat het olie in zee had geloosd.

In hun op 20 november vorig jaar aangekondigde fusie zou P&O Princess 50,7 procent en Royal Caribbean de resterende 49,3 procent in de nieuwe maatschappij krijgen, die ze toen een ,,fusie van gelijken'' noemden. De fusie moest over een jaar een besparing opleveren van jaarlijks 100 miljoen dollar. Cruisevaartmaatschappijen hebben van 11 september duchtig last gehad, vooral Amerikanen lieten het sindsdien afweten, en de tegenvallende resultaten noodzaakten de industrie te consolideren.