Nederland, ideaal voor cocaïnehandelaren

Van megapartijen tot verhandelbare partijen voor de straatdealer, Nederland staat samen met Spanje aan de top van Europese landen voor de import van cocaïne. Handelaren roemen de toegankelijkheid van zee- en luchthavens.

Nederland? Dat is dat land met die uitstekende faciliteiten voor grootschalige import van cocaïne. De havens, Schiphol, het spoor, de Rijnroute – ideale infrastructuur. En de Nederlandse handelsgeest. En hoe makkelijk je de geldstromen kunt wegwerken die met de handel zijn gemoeid. En het drugsbeleid, met zijn geringe straffen en coffeeshops. Alom aanwezige callcenters als ontmoetingsplaats. Ja, Nederland, zeggen Colombiaanse drugshandelaren, is een ideaal distributiecentrum voor de Europese cocaïneoverslag vanuit hun land.

Betrokkenen uit het Colombiaanse cocaïnecircuit komen uitvoerig aan het woord in het proefschrift Traquetos, Colombians involved in de cocaine-business in The Netherlands van de criminoloog Damián Zaitch, universitair docent aan de Rotterdamse Erasmusuniversiteit. Colombia produceert zo'n 80 tot 90 procent van de totale cocaïne-import naar Europa. Zaitch schat de omvang ervan op 100 tot 120 ton per jaar, met Spanje en Nederland als belangrijkste importlanden. Van de totale import naar Europa komt volgens Zaitch jaarlijks tussen de 3 en de 5 ton terecht op de Nederlandse markt.

Schiphol levert maar een bescheiden aandeel in het totaal aan geïmporteerde cocaïne. De havens van Rotterdam en Amsterdam zijn goed voor het leeuwendeel van de totaalimport naar Nederland voor de Europese markt. Schiphol wordt volgens Zaitch de afgelopen maanden ten onrechte geafficheerd als het grote cocaïnelek van Europa. ,,Het vliegveld van Madrid staat op de eerste plaats als het gaat om smokkel en bolletjesslikkers. Daarna volgt het vliegveld van Frankfurt, Schiphol is in dat rijtje de hekkensluiter.''

Zaitch interviewde betrokkenen uit het Colombiaanse cocaïnecircuit in zowel Nederland als het thuisland. ,,Schiphol is niet een specifiek veilige luchthaven'', zegt een van hen. ,,Maar het is groot en veel mensen kunnen doorlopen.''

Een cocaïnedistributeur over de Rotterdamse haven: ,,Als het fout gaat, is het in de voorbereidingen. Maar als je het volgens de regels van het spel speelt en je papieren in orde zijn en niemand je verlinkt, man, dan scoor je!'' Andere respondenten roemen zelfs het gevangenisregime dat een uitstekende plek is om criminele netwerken verder uit te bouwen.

Niet alleen de Rotterdamse haven is in Colombiaanse kringen populair, ook de havens van Amsterdam, IJmuiden en zelfs kleinere haven zijn in trek. De Amsterdamse haven heeft een kleinere containeroverslag dan die van Rotterdam, maar 90 procent van de daar arriverende containers komt uit risicobestemmingen als Afrika en Midden- en Zuid-Amerika. Niet voor niets is de containeroverslag uit Colombia vier keer hoger dan in concurrerende havens, zo wordt in het proefschrift vastgesteld.

Colombianen hebben vooral de organisatie van de import en de eerste, grootschalige distributie in handen, zo blijkt uit het proefschrift. Op de lokale markt zijn ze verder nauwelijks actief. Ze hebben nauwelijks netwerken in de Amsterdamse economie. De kleinschalige handel laten ze over aan Nederlandse organisaties en het Turkse, Antilliaanse, Surinaamse en Marokkaanse circuit.

De Colombiaanse gemeenschap weet dat ze nagenoeg ongemoeid wordt gelaten als ze niet opvalt en zich niet bezighoudt met afrekeningen of liquidaties. Ze houden zich ook afzijdig van de Nederlandse cocaïnemarkt, omdat met name autochtone handelaren er beducht voor zijn om openlijk met Colombiaanse partners zaken te doen.

Binnengekomen partijen uit Colombia worden opgeslagen in loodsen en wisselen vervolgens meerdere keren van eigenaar, voordat er zelfs maar sprake is van versnijding in transito-pakketten naar andere Europese landen, veelal via de binnenvaartroutes langs de Rijn. De oorspronkelijke handel is meestal minstens zeven keer van eigenaar gewisseld voordat het uiteindelijk in makkelijk verkoopbare wikkels in de straathandel opduikt.

Aanscherping van het Nederlandse drugsbeleid, zoals de noodmaatregelen die minister Korthals van Justitie voor Schiphol heeft aangekondigd, zullen de import van cocaïne nauwelijks beïnvloeden, voorspelt Zaitch. Exportlanden als Colombia, Brazilië en Argentinië gebruiken de Antillen en Suriname als doorvoerhaven naar Schiphol, waar de pakkans klein is. Maar het opvoeren van die pakkans zal alleen maar leiden tot een grotere stroom drugskoeriers, die in de ogen van de organisatie geen enkele waarde hebben. ,,Of de stromen worden verlegd naar andere Europese vliegvelden. Duitsland heeft nu een visumplicht ingesteld voor inwoners van `risicolanden' als Colombia en Venezuela. De koeriers uit die landen zoeken hun heil nu op vliegvelden in andere landen.''

De Nederlandse cokegebruiker weet de weg naar de dealer steeds makkelijker te vinden, zo blijkt uit onderzoek van het Centrum voor Drugsonderzoek van de Universiteit van Amsterdam (CEDRO). Het aantal Amsterdammers van 12 jaar en ouder dat aangeeft ooit cocaïne te hebben gebruikt, is in 15 jaar tijd bijna verdubbeld tot 10 procent. Het aantal Nederlanders dat aangaf recent cocaïne te hebben gebruikt, steeg vorig jaar tot 28.000, een verdubbeling in vergelijking met 1997, toen diezelfde vraag werd gesteld.

Met name die landelijke verdubbeling is volgens de onderzoekers opmerkelijk, hoewel die volgens M. Abraham van CEDRO gelijke tred houdt met ontwikkelingen in andere landen. ,,Het cocaïnegebruik steeg de afgelopen jaren bijvoorbeeld ook in Groot-Brittannië.''

Als de coke voor de Nederlandse markt bewerkt is tot verhandelbare eenheden, zorgt een illegaal, maar functioneel netwerk voor de afzet bij de consument. Dat varieert volgens een betrokkene van huisdealers in uitgaansgelegenheden, via taxichauffeurs tot speciale cokekoeriers. Die leveren de drugs op bestelling af.

Wie in het klantencircuit zit, heeft de beschikking over visitekaartjes met `pakketdienst' en een 06-nummer als summiere vermelding. Wie daar naar toe belt, moet zeggen wie hij is en hoe hij aan het nummer is gekomen. Vervolgens wordt een locatie afgesproken, een straat, een woonadres of café en brengen koeriers per scooter of kleine auto de bestelde handelswaar.