Jan

Op de Coolsingel werd ik opeens aangestaard door Jan Klaassens. Hij stond tegen een auto geleund en keek me jong en monter aan. Wat deed hij daar in het winkelhart van Rotterdam? Hij stond erbij alsof hij nooit was gestorven, alsof het leven hem en mij samen in één machtige greep had genomen om ons nooit meer te laten gaan.

Het was een foto uit de jaren zestig. Klaassens was toen een van de helden van Feyenoord. Het was een bloeitijd voor Feyenoord met spelers als Pieters Graafland, Rijvers, Bennaars, Bouwmeester en, vooral, Moulijn. Rotterdam koesterde Klaassens, niet omdat hij zoveel klasse had, maar omdat hij een ijverige, niet te ontmoedigen speler was. Een zogeheten werkvoetballer, later op het middenveld opgevolgd door spelers als Willy van de Kerkhof en Jan Wouters.

Die grote foto is te beschouwen als een eerbetoon van Rotterdam aan Klaassens. Ze staat in de vitrine van de Rotterdamse Archiefwinkel, waar een tentoonstelling loopt over de geschiedenis van het Nederlands elftal: Oranje Toen en Nu. De enige speler met wie Klaassens in die vitrine de eer van een aparte foto hoeft te delen is Coen Moulijn – maar die is dan ook een van de grootste zonen van Rotterdam.

Klaassens was geen Rotterdammer, hij was een eenvoudige jongen uit het Limburgse Venlo die in `het westen', zoals Limburgers dat altijd wat angstig noemen, carrière had gemaakt. Dat maakte hem zo bijzonder. Limburgers hebben het en zeker in die jaren vaak moeilijk buiten hun provincie. De geschiedenis van het Nederlands elftal laat dat ook zo pregnant zien. Er drongen maar weinig Limburgers in door, en als het hun lukte, waren ze er doorgaans weer snel uit.

De Rotterdamse tentoonstelling vertelt in het kort de typerende geschiedenis van Pierre Massy, een speler van RVV Roermond in Limburg. Massy speelde tussen 1926 en 1928 twaalf interlands. Toen nam hij afscheid van het Nederlands elftal, omdat hij zich zo ergerde aan `die Hollanders'. In Roermond staat nog een standbeeldje van hem met het opschrift: `Limburgs grootste voetballer'.

Het spijt me voor Roermond: niet Massy, maar Klaassens was veruit Limburgs grootste voetballer. Klaassens was een topspeler bij Feyenoord en hij speelde bijna zestig wedstrijden voor het Nederlands elftal. Er gloeit nu enige trots in mijn woorden door, en dat is ook niet verwonderlijk. Omdat ik als `import-Limburger' mijn ouders kwamen uit dat `westen' – in Venlo ben opgegroeid, heb ik de carrière van Klaassens van nabij gevolgd.

Klaassens bewees dat je meer kunt bereiken met wil dan met talent. Ik herinner me vooral dit ene beeld van hem. Het was carnaval, heel Limburg feestte. We stonden 's middags te wachten op de optocht, toen een lange man in winterjas door de rijen brak. Jan Klaassens. Sporttas in de hand. Voor hem geen feest, hij moest naar de trein voor een training in Rotterdam. Hoeveel eenzame uren moet hij niet wekelijks in die trein hebben doorgebracht, denk ik nu. Want hij bleef altijd in Venlo wonen. Als een echte Limburger.